Bij de NOS Prinsjesdag mocht neerlandicus Herman Pleij aanschuiven. Hij vertelt over waarom er zo weinig beelden zijn in Nederland. Gek toch; zo weinig standbeelden in Nederland. Elders wel. Niet in Nederland. Hoe zou dat toch komen? Goh.
Hier het antwoord voor mijnheer Pleij: kijk gewoon eens op Wikipedia. Er schijnt ene 'beeldenstorm' door het land geraasd te hebben. Zijn bizar veel beelden bij gesneuveld.
En voor de volgende keer: zorg dat uw huiswerk op orde is voordat u ergens aanschuift als 'specialist'.
(En ja, sorry voor de doventolk. Word maar boos op de NOS, want die hebben geen versie zónder doventolk beschikbaar gemaakt.)




Ik zou er toch eerder over vallen dat hij de 13e
eeuwse graaf Willem II als koning aanduidt. De man is weliswaar de twee jaar voor zijn dood Koning van het Heilige Roomse Rijk, dus aspirant Duits keizer, geweest, maar in Nederland toch alleen graaf van Holland en Zeeland. Wij noemen stadhouder Willem III toch ook niet koning Willem III, al was hij dat wel, van Groot-Brittannië en Ierland?
Verder heeft ons gebrek aan standbeelden weinig met de Beeldenstorm te maken. De beeldenstorm heeft zich vrijwel alleen in kerken afgespeeld, waar beelden van heiligen vernield zijn door rabiate calvinisten. Die hebben heel wat cultuurgoed vernietigd. Dat er verder weinig standbeelden zijn is meer omdat wij voorstanders zijn van het maaiveld, al heel lang.
euh?
Herman Pleij zal niet op religieuze beelden hebben gedoeld, het soort beelden dat sneuvelde in de beeldenstorm. Beelden van leidende figuren zijn in Nederland relatief schaars omdat in een gesegmenteerde, later verzuilde maatschappij opponenten liever niet tegen het hoofd werden gestoten. En daarbovenop de calvinistische inslag, wars van persoonsverheerlijking, natuurlijk.
Enigszins pijnlijk, want uiterst politiek correct, was wel de manier waarop Pleij nationalistische tradities probeerde te verdedigen zonder nationalistisch te willen klinken.
Mijn gedachte hierbij: dat er
Mijn gedachte hierbij: dat er weinig beelden staan heeft meer te maken met de verzuiling. Nederland is nooit een zeer nationalistisch land geweest en mensen identificeerden zich meer met de leiders van hun zuil, dan met grote nationale helden. Er zijn er wel enkele natuurlijk, zoals Michiel de Ruyter. Verzuiling roept tegenwoordig heel negatieve gevoelens op bij velen, maar het voorkwam misschien ook wel het opkomen van grote (extreem-)nationalistische partij, in bijv. de jaren '30.
Ik vind het wel opmerkelijk dat Herman Pleij het opmerkelijk vindt.
Help een handje
Tim, zoek eens het stukje waar Trix op het laatst uit de koets stapt. WA staat houdt de deur open en reikt zijn hand aan zodat zijn moeder kan steunen, maar die pakt de hand niet.
Ze kan het allemaal zelf nog wel hoor!
Herman Pleij beslecht
En Herman Pleij zegt nog "in regeringscentra" ook.
Want het gaat hier dus duidelijk om beelden van staatslieden in het openbaar, waar het aan zou ontbreken; maar het ligt dus niet aan de door de poldertaliban van Calvijn systematisch uitgevoerde rijksbeeldenstorm, waarmee dan, middels de vernietiging van het interieur van katholieke kerken, de papenhaat werd botgevierd, waarom het onze openbaarheid aan marmeren en bronzen staatslieden zou ontberen. Aan gebrek aan uitgestalde drollen, buttplugs en keutels, die in het openbaar voor beelden doorgaan, lijden we echter daarentegen zeker geenszins.
beeldenstorm
In 1566 ontstond deze aanval op de kerken in het zuiden van de Nederlanden, in Steenvoorde in het huidige Belgie gelegen plaatsen. In die gebieden bloeide de lakenindustrie en was veel lompenproletariaat aanwezig. Vanuit Antwerpen (het centrum van de Nederlanden, het centrum van de Opstand, van het calvinisme, de plaats waar Willem van O. burggraaf was) werd de storm georganiseerd en gefinancieerd. Calvinistische predikers beschermd door legertjes van vaak 1500 man trokken naar deze gewesten in de Zuidelijke Nederlanden en hitsten de in dat jaar vaak hongerige lakenarbeiders op tegen de katholieke kerk. Het wasde organisatoren m.n. te doen om het grondbezit van de kerk aan te kunnen tasten. Vooral in Antwerpen hadden de kooplieden last van deze situatie. uitbreiding was vaak lastig doordat kerkelijk bezit in de weg zat. Beeldenstormers werden dan ook verboden om bezit van kooplieden te plunderen: alleen kerkelijk goed. Stormers die toch overal te keer gingen werden later geexecuteerd in Antwerpen. Nadat de Beeldenstorm door Vlaanderen en Brabant had gewoed doofde het uit in het Noorden.