De recente ophef over de aanval op een Amerikaans consulaat in Libië was kenmerkend voor het buitenlandse beleid van de regering-Obama. De president holt van incident naar incident en laat zich leiden door de binnenlandse politiek in plaats van een coherente strategie.
Aanvankelijk ontkende de regering steevast dat de aanval in Benghazi, waarbij de Amerikaanse ambassadeur Chris Stevens om het leven kwam, met meer te maken had dat een anti-islamfilm die in de hele moslimwereld tot ophef leidde. Het zou een uit de hand gelopen demonstratie zijn geweest.
De Libische regering wist al daags na de aanslag dat deze was voorbereid en uitgevoerd door buitenlands terroristen. De datum waarop de aanval plaatshad, 11 september, en de wapens die de zogenaamde demonstraten droegen, wezen daar toch op. Zoals de Republikeinse senator John McCain, die had in 2008 tegen Barack Obama moest afleggen, zei: "De meeste mensen brengen geen raketwerpers en zware wapens mee naar een demonstratie."
Toch vertrouwen Amerikanen bij meerderheid hun president als het om buitenlands en veiligheidsbeleid gaat. Normaliter zijn de Republikeinen hier in het voordeel, maar de Democraten kloppen zich nu op de borst, want hun leider heeft Osama bin Laden gedood en de wereldwijde strijd tegen het terrorisme wordt nog in alle hevigheid gevoerd.
Beleid van Bush
De ironie wil dat de president deze successen vooral heeft te danken aan het beleid van zijn voorganger, de Republikein George W. Bush. Destijds had de senator uit Illinois veel kritiek op het antiterreurbeleid. Obama beloofde de gevangenis in Guantanamo Bay te sluiten. Is niet gebeurd. Hij had kritiek op de uitlevering van terroristen en ondervragingstechnieken die volgens hem erg op martelen leken. Maar juist informatie die op die manier is gewonnen, maakt het mogelijk terroristen op te sporen. Hij maakte zich zorgen over het wijdverbreide gebruik van onbemande vliegtuigen, zogenoemde drones. Obama heeft deze campagne juist uitgebreid. De kritiseerde de surge in Irak, de toename in troepen die de Verenigde Staten in staat stelden de onrust in het land tot enig bedaren te brengen. Maar hij hield zich wel aan de afspraak die door de regering-Bush was onderhandeld en trok de Amerikaanse troepen eind 2011 terug.
De enige beleidswijziging inzake Irak was een poging om na 2011 een kleine troepenmacht in het land achter te laten, maar de president wist de Irakezen niet zover te krijgen. Het geweld in het land neemt nu weer toe en Irak haalt de banen met het naburige Iran aan.
De Democraten wijzen er graag op dat de druk op Iran de afgelopen jaren is toegenomen. Sancties verhinderen het land olie te exporteren en buitenlandse bedrijven kunnen maar moeilijk in het islamitische land zakendoen. Echter, gedurende de eerste twee jaar van zijn ambtstermijn probeerde Obama de Iraniërs om de tafel te krijgen. Pas toen duidelijk was geworden dat Teheran niet bereid was tot onderhandelen, zette de president de lijn van de regering-Bush voort: sancties.
Naïviteit
Obama stuurde meer troepen naar Afghanistan, maar veel minder dan zijn generaals nodig achtten om de oorlog te winnen. Dezelfde extra troepen werden binnen anderhalf jaar teruggetrokken, waardoor weinig kans was op verbetering. De coalitie stevent nu af op een nederlaag. De reden? De oorlog in Afghanistan is niet meer populair en Obama is bang stemmen te verliezen.
In het Israëlische-Palestijnse vredesproces toonde de president zich even naïef als in zijn hele Midden-Oostenbeleid. Hij dacht blijkbaar met een enkele speech in Caïro jaren van conflict tussen de Verenigde Staten en de moslimwereld weg te kunnen nemen. Hij eiste dat Israël de bouw van nederzettingen in gebied waar de Palestijnen aanspraak op maken, stopzette. Gevolg was dat de Palestijnen weigerden aan onderhandelingen deel te nemen als Israël niet eerst aan meer voorwaarden voldeed. Ze dachten de steun te hebben van de Amerikaanse president. De Israëlische premier Benjamin Netanyahu was hier echter niet van gecharmeerd. Hij had al een groot politiek risico genomen door de bouw van nederzettingen grotendeels op te schorten. Netanyahu wilde wel praten, maar was vanzelfsprekend niet bereid eerst aan tal van Palestijnse eisen te voldoen voordat ze überhaupt konden onderhandelen.
De Palestijnen waren verbitterd en stapten naar de Verenigde Naties om hun zin te krijgen. Daar blokkeerden de Amerikanen hun verzoek erkend te worden als een zelfstandige staat. Geen van beide partijen heeft nog vertrouwen in de Amerikaanse president.
Ook een andere bondgenoot in de regio, Saoedi-Arabië, maakt zich grote zorgen. De Saoediërs waren verbolgen toen Obama vorig jaar Hosni Moebarak als een baksteen liet vallen. Na de val van Saddam Hoessein was het Egypte van Moebarak de enige andere Arabische soennitische mogendheid die tegenwicht kon bieden aan Iran. Nu staan Saoedi-Arabië en de kleinere Golfstaten er alleen voor.
Flexibiliteit
De "reset" in de verhoudingen met Rusland was niet alleen onnodig, maar heeft tot geen enkele verbetering geleid. De Russische president Vladimir Poetin steunde George W. Bush in zijn oorlog tegen het islamitische terrorisme, omdat hij met eenzelfde probleem kampte in de Kaukasus. Vandaar dat Moskou Amerikaanse vluchten over Russisch grondgebied toestond om de campagne in Afghanistan te bevoorraden. Het kernwapenreductieverdrag New START dat Obama en zijn Russische ambtsgenoot Dmitri Medvedev in april 2010 tekenden, vloeide voort uit eerdere wapenreductieafspraken die Bush met Poetin maakte.
Echter, op de grootste splijtzwam in de Amerikaans-Russische verhoudingen toonde Obama zich even ingevend als inzake Iran: hij schrapte plannen om langeafstandsraketten in Polen en Tsjechië te plaatsen en beloofde Medvedev nog meer "flexibiliteit" na de verkiezingen. Het mag geen verbazing heten dat de Centraal-Europese NAVO-landen hopen dat Mitt Romney in november wint. Als het aan Obama ligt, is het maar de vraag of dat raketschild er komt.
Ruggengraat
De Amerikaanse opstelling ten opzichte van Rusland is kenmerkend voor het buitenlandse beleid van de regering-Obama. Bush blunderde op meerdere dossiers, maar de wereld wist tenminste waar ze aan toe was. De afgelopen jaren is er vooral onzekerheid geschapen over de beleidskeuzes en strategie van de Verenigde Staten. De ene dictatuur, in Egypte, moet plaatsmaken voor "vrijheid en democratie." De andere, in Bahrein, mag blijven. In Libië waren de Amerikanen bereid met militair geweld in te grijpen om een dictator weg te krijgen. In Syrië zijn ze dat niet. Daar zijn goede renenen voor, maar door in Libië wel in te grijpen, ook al hadden de Verenigde Staten daarbij geen wezenlijk strategisch belang, is verwarring ontstaan.
Obama lijkt zich te laten leiden door de opiniepeilingen in eigen land, wat dikwijls funest is voor een verstandige buitenlandse politiek. Hij benaderde tal van kwesties, van Iran tot Israël tot Rusland, met een enorme naïviteit. Net als op binnenlandse thema's lijkt de president te denken dat hij met een mooie speech een heel eind komt, maar zijn woorden klinken steeds minder overtuigend.
Een van Obama's grootste kritiekpunten op het beleid van George W. Bush was dat traditionele Amerikaanse bondgenoten in Europa werden verdeeld, vooral door de Irakoorlog. Obama wist veel Europeanen voor zich te winnen met mooie woorden, maar inmiddels maken alleen maar meer Amerikaanse bondgenoten, in zowel Centraal-Europa als het Midden-Oosten, zich zorgen. Ze vragen zich af of ze nog op Amerika kunnen rekenen.
Dat heeft wereldwijd gevolgen. De Amerikanen proberen een semi-bondgenootschap met India te sluiten om te voorkomen dat China in het Indische Oceaangebied de dienst uitmaakt, maar de eerste zit binnenkort met de puinhoop van een gefaalde oorlog in Afghanistan. Dat wekt weinig vertrouwen.
In Latijns-Amerika lijken de Verenigde Staten geen enkele rol van betekenis meer te spelen. Socialistische regimes worden met rust gelaten. Amerika weigert partij te kiezen voor de Britten inzake hun conflict met Argentinië over de Falklandeilanden. Het is aan Brazilië om de regionale stabiliteit te waarborgen. Dat is op de middellangetermijn wenselijk, omdat Brazilië door andere landen op het continent als neutraal wordt gezien, maar het is nog niet klaar voor die rol. Enige Amerikaanse betrokkenheid zou toch wel wenselijk zijn. Nu is het zo dat Amerikaanse bondgenoten als Colombia en Mexico de president openlijk oproepen een grotere rol te spelen in hun regio. Dat zou niet nodig moeten zijn.
Als het op waarschijnlijk de belangrijkste bilaterale verhouding in de wereld aankomt, belooft Mitt Romney weinig verbetering ten opzichte van Barack Obama. Ook de Republikein fulmineert tegen het "oneerlijke" Chinees handelsbeleid en wil de Chinezen dwingen hun munt te devalueren. Dat gaat niet gebeuren. Maar op alle andere, voorgenoemde kwesties staat Romney voor een eenduidiger beleid. Barack Obama had het niet beter kunnen zeggen: het is tijd voor verandering.




Briljante smackdown van
Briljante smackdown van Obamas destrauze buitenlands beleid. Nog niet zo'n goed stuk daarover gezien in NL media.
Een verhaal en uitleg zonder
Een verhaal en uitleg zonder Georgië, Iran of Syria. De naam Saoedi Arabië ook. Een koninkrijk uit op meer.
Op zich zelf oud nieuws. Wat wel nieuw is de verovering van Europa via de beurs. Wat 100% geslaagd is. Een wapenfeit was de verkoop KLM. Wat gewoon in opdracht gebeurde. Kijk naar het gedrag van president Hollande, master of ,slave. Neem de bewogenheid met Syriërs. Dat gedeelte wat 9/11 over zou willen doen.
Waar de NATO 100% achter staat. Uit pure armoede. Iets wat het kenmerk van de ware slaaf is.
Naïviteit?
Dit is echt heel bewuste politiek. Denk aan Dineh D'Souza's boek en docu. Zie ook de link.
http://gatesofvienna.blogspot.nl/2012/10/osce-warsaw-advocate-for-hamas.html
Nu is gebleken dat Obama's
Nu is gebleken dat Obama's liefde voor Jeremiah Wright en diens Black Liberation Theology verder gaat dan de MSM ons wilden doen geloven, is het lezen van D'Souza's boek en het bekijken van Obama 2016 zeker de moeite waard. Antikolonialisme als instrument van marxistische politiek en BLT hebben veel raakvlakken.
Ik ben geen fan van D'Souza vanwege The Enemy at Home, maar hij lijkt zijn huiswerk te hebben gedaan voor Obama 2016. Zie dit interview bij PJTV.
http://m.youtube.com/watch?v=96oSYqGTrxY