Rusland-journalist Olaf Koens laakt bij Pauw en Witteman de enorme kiesfraude die in Rusland zou zijn gepleegd. De stereotypen van Poetins nep-democratie worden weer vrolijk van stal gehaald, maar kijken we eens naar de cijfers, dan is de conclusie dat het wel mee moet vallen met die fraude.
Al maanden voor de presidentsverkiezingen van afgelopen maart kon Poetin volgens de peilingen rekenen op de steun van zo'n 60 procent van het Russische volk. De exit polls op verkiezingsdag voorspelden dat hij met 58 tot 59 van de stemmen zou zijn herkozen. Volgens de officiële uitslag kreeg hij echter 64 procent van de stemmen. Een verschil van 5 of 6 procent dat wellicht aan fraude is te wijten.
Vooral in de Noordelijke Kaukasus was het verschil opmerkelijk. In deze overwegend islamitische provincie is Poetin weinig popular. Toch zou hij er 90 procent van de stemmen hebben gewonnen. Dat is ongeloofwaardig.
Ook in de grootste steden van het land was er een verschil tussen de peilingen en de uitslag. Echter, waar in Moskou het verschil bij de vorige presidentsverkiezingen nog 20 procent bedroeg, lag in zowel de hoofdstad als Sint Petersburg het gat op 5 tot 6 procent, vergelijkbaar met het landelijke gemiddelde. Een deel zou te wijten kunnen zijn aan oversampling van waarschijnlijke kiezers in de steden waar meer op andere partijen en kandidaten wordt gestemd. Buiten de grote steden is Poetin echter nog altijd zeer populair.
Van massale fraude kan op basis van de cijfers geen sprake zijn geweest -- tenzij ook alle peilingen door het Kremlin zijn beïnvloed?
Drie bureau's voerden meerdere landelijke peilingen uit en de uitkomsten kwamen overeen met de trend van de afgelopen jaren: Poetins populariteit brokkelt zeer langzaam af, maar hij blijft verreweg de meest geliefde politicus van Rusland. Als vlak voor de verkiezingen de regering de peilingen zou hebben proberen te beïnvloeden, hadden we dat moeten zien.



