De hoofdboodschap van ‘De Twijfelbrigade’ deugt niet

Flock of sheep, New Zealand, Pacific
Foto: Jan Paul van Soest

Maar toch is het verplichte kost voor klimatofielen van alle gezindten.

De milieuadviseur Jan Paul van Soest is reeds jaren actief in de klimaatdiscussie in Nederland. Onlangs heeft hij daarover een dikke pil gepubliceerd, ‘De Twijfelbrigade’, waaraan ik reeds eerder aandacht heb geschonken (zie hier, hier en hier). Het betrof echter niet het boek zelf, maar de uitspraken van Jan Paul van Soest rond de lancering daarvan. Op klimaatsceptici zoals ik kwamen die over als ‘van dik hout zaagt men planken’. De teneur van het boek is echter een andere: soms zeer genuanceerd!

Laat ik vooropstellen dat ik het oneens ben met de hoofdboodschap van zijn betoog, als zou de klimaatscepsis vooral het resultaat zijn van het financiering en de invloed van de (Amerikaanse) fossiele brandstoffenindustrie, (Amerikaanse) pro–markt denktanks of zelfs streng religieuze opvattingen (in de VS). Maar dat neemt niet weg dat er voldoende overblijft dat zeer de moeite waard is om kennis van te nemen.

Jan Paul van Soest is intelligent, een goed schrijver en een scherp waarnemer. Zijn ‘Twijfelbrigade’ is dan ook gemakkelijk toegankelijk voor een breed lezerspubliek en bevat tal van waardevolle observaties. Hij moet een ongelofelijke hoeveelheid tijd en energie hebben geïnvesteerd in de bestudering van de opvattingen van verschillende klimaatsceptische stromingen, waarvoor hij een interessante typologie heeft bedacht. De zeer gedetailleerde beschrijving van e.e.a. is zeer verhelderend voor degenen die nu wel eens het naadje van de kous willen weten. Ze moeten dan m.i. wèl de incidentele pro–AGW (AGW= ‘Anthropogenic Global Warming’) bias mentaal wegfilteren. Want Jan Paul blijft een klimaatalarmist, zoals blijkt uit zijn emotioneel geladen credo op blz. 260, waarin hij daar ronduit voor uitkomt. Zijn zorg om het klimaat slaat bij hem bijvoorbeeld bij tijd en wijle om in angst. Ik benijd hem niet en prijs mij gelukkig dat ik deze zorgen niet deel.

Maar in AGW–kringen heerst er enig pessimisme vanwege datgene wat als een PR–prestatie van formaat van de klimaatsceptici wordt gepercipieerd. Tot dusver was dat mij ontgaan. Maar goed, als zij dat zo zien, wie ben ik dan om dat te bestrijden?

In haar voorwoord merkt Mirjam –(Urgenda)– Minnesma bijvoorbeeld met enige gelatenheid op:

… Als ik nu op een feestje wordt aangesproken met een: ‘Jij was toch van het klimaat?’, dan moet ik inmiddels ook zijn voorbereid op de eventuele confessie ‘dat zij daar dus niet meer van zijn’. Of op zijn minst aan het bestaan van het probleem zijn gaan twijfelen. Kennissen die ik ken als goed geïnformeerde en maatschappelijk betrokken mensen. …

Mijn reactie daarop is dat zij is gezegend met zo’n kritische kennissenkring, hoewel zij dat zelf waarschijnlijk niet zo zal zien. Ik vraag mij overigens af wat hen van mening heeft doen veranderen. De Nederlandse reguliere media kunnen het niet geweest zijn, want die publiceren niet of nauwelijks iets dat afbreuk kan doen aan de klimaathype. Maar goed, dat terzijde.

In zijn  boek schenkt Jan Paul van Soest aandacht aan het wetenschappelijk universum en het parallel universum van de klimaatsceptici. Kennelijk is hij van mening dat de opvattingen van de klimaatsceptici niet op wetenschap berusten. Maar goed. De beschrijvingen die hij van beide universums geeft zijn zeer de moeite waard. Hij heeft zich daarin goed verdiept. Voor zijn overzicht van het klimaatsceptische universum heeft hij hij een gigantische hoeveelheid literatuur doorgeploegd. Waar hij de energie vandaan haalt, is mij een raadsel. Hij moet over een onuitputtelijke bron van – hernieuwbare? – energie beschikken. Het resultaat daarvan mag er dan ook zijn! Ik vermoed dat hij nu beter op de hoogte is van de opvattingen van de klimaatsceptici dan menige klimaatscepticus. Kortom, kennisneming van dit deel van zijn betoog is dan ook zeer waardevol, ook voor zijn opponenten.

Hoe is die klimaathype nu ontstaan? Welke drijvende krachten zaten daarachter? Er is wel gesuggereerd dat het hier om een complot zou gaan. Maar dat is m.i. geheel ongeloofwaardig. Climategate heeft weliswaar aangetoond dat er sprake was van collusie en onethisch gedrag van een beperkte groep leidende klimatologen, maar dat verdient n.m.m. toch niet de kwalificatie ‘complot’. Bij een complot denkt men toch aan iets groters. Voor deze affaire en klimaatalarmisme meer in het algemeen heeft Anthony Watts de kwalificatie ‘noble cause corruption’ voorgesteld, waaraan hij zelf in het verleden – toen hij nog in AGW geloofde – ook actief heeft meegedaan. Ik denk dat deze vlag de lading weliswaar beter dekt, maar toch ook nog een te negatieve connotatie heeft. Ik denk dat andere processen een rol spelen, zoals zo prachtig geanalyseerd in de klassieker van Thomas Kuhn: ‘The Structure of Scientific Revolutions’. Het nu eenmaal de ‘science friction’ (de term is van Arthur Rörsch, tevens de titel van zijn nieuwe boek) die onvermijdelijk is bij een paradigmawisseling. En dit soort verschijnselen hebben zich in de geschiedenis van de wetenschap herhaalde malen voorgedaan wanneer een paradigma – in dit geval AGW – onder vuur kwam te liggen. Hierbij spelen weerstanden tegen alternatieve opvattingen vanuit tunnelvisie en groepsdenken een belangrijke rol. Het leidt weliswaar tot georkestreerd verzet van de mainstream wetenschappers tegenover de nieuwlichters/dissidenten, maar om dat nu een ‘complot’ te noemen gaat mij te ver.

Waarom legt het publiek nu een toenemende scepsis aan de dag ten aanzien van het klimaatalarmisme? Naast de – volgens Jan Paul – succesvolle desinformatiecampagne van de olie–industrie via pro–markt Amerikaanse denktanks, zouden ook de politieke ‘predisposities’ (links/rechts) van de mensen een belangrijke rol spelen. Hij besteedt daar vele bladzijden aan. Het komt mij voor dat die zeker van belang zijn. Daarnaast wijst hij op een bekend psychologisch mechanisme dat de mens geneigd is zich af te sluiten voor slecht nieuws, dus ook voor de aangekondigde opwarmingscatastrofe (die overigens maar steeds niet wil komen). Ook dát lijkt mij wel een rol te spelen.

Maar moet de toenemende scepcis ten aanzien van AGW nu aan deze factoren worden toegeschreven? Of moeten we het scheermes van Ockham hanteren en naar de eenvoudigste en meest voor de hand liggende verklaring zoeken? En wat is die dan? M.i. is de AGW–hypothese op tal van terreinen in strijd met de waarnemingen en derhalve overtuigend gefalsifieerd. En dat is zelfs voor geïnteresseerde leken niet onopgemerkt gebleven. Vandaar dat klimaatalarmisme terrein verliest.

Bij het soort boeken als ‘De Twijfelbrigade’ moet men niet alleen letten op dat wat er wèl in staat, maar ook en vooral op dat wat er niet in staat.

Laat ik een paar punten noemen.

– Gebrek aan correlatie tussen CO2 en temperatuur op alle tijdschalen.

Zie hier.

– Recente klimaatverandering valt binnen de marges van de natuurlijke variabiliteit.

Zie hier.

– Hoge correlatie tussen zonneactiviteit en temperatuur. Deze is op vele tijdschalen aangetoond.

Zie  bijvoorbeeld hier.

– De opwarmings’pauze’, die nu al 17 jaar duurt.

De opwarming van de aarde is zo’n 17 jaar geleden gestopt. Waarom is onduidelijk. (Bijna) geen enkel klimaatmodel heeft de stabilisatie van de gemiddelde wereldtemperatuur voorspeld (beter: geprojecteerd). ‘If you can’t explain the pause, you can’t explain the cause.’ Jan Paul van Soest schenkt hieraan weliswaar en passant enige aandacht, maar komt als verklaring met de gelegenheidshypothese dat de extra warmte zich ergens in de oceanen zou hebben verstopt, hetgeen onbewezen is.

– Gebrek aan trends in weersextremen alsmede gebrek aan correlatie tussen CO2/temperatuur en weersextremen.

Zie het speciale IPCC–rapport hier.

–  Het uitblijven van een versnelling van de zeespiegelstijging.

Zie bijvoorbeeld hier.

– De ineffectiviteit van het klimaatbeleid.

Ik heb het al vaak geciteerd. Maar het blijft een olifant in de zaal. Het valt onder de omerta van de mainstream klimatologen.

Citaat:

In December 1997, Vice President Al Gore asked U.S. Global Change Research Program (USGCRP) scientists to calculate the effects of the implementation of the draft Kyoto Treaty. Tom Wigley [later bekend uit het Climategate-schandaal], one of the program’s most prolific authors, responded: ‘If all of the nations of the world do what they said they would, the earth’s temperature in 2050 will be 0.07°C cooler than it would be if we had done nothing.

– De klimaatpropaganda van de AGWers.

Jan Paul complimenteert (?) de klimaatsceptici met hun PR–campagne, maar over de briljante PR–campagne van het AGW–kamp lezen we niets bij hem. Het IPCC en gelieerde instituten zijn er in geslaagd de wereld gedurende decennia in de greep van de klimaatangst te houden. Voorwaar een magistrale prestatie! De nu gediscrediteerde hockeystick–grafiek, die in latere IPCC–rapporten achter de horizon is verdwenen, heeft daaraan een belangrijke bijdrage geleverd.

Hoe heeft de klimaatangst wortel kunnen schieten? Voor een – speculatief – antwoord op die vraag verwijs ik naar mijn ‘Klimaatverandering – de ontrafeling van een dogma’.

Maar het was ook een kwestie van geld. De Australische klimaatsceptica Joanne Nova heeft voor ons uitgezocht hoe groot de geldstromen zijn die naar de AGWers gaan en die welke naar de klimaatsceptici gaan.

Het resultaat was onthutsend.

Een citaat:

Exxon–Mobile Corp is repeatedly attacked for paying a grand total of $ 23 million to skeptics – less than a thousands of what the US Government has put in, and less than one five–thousands of the value of carbon trading in just the single year of 2008.

– Klimaatsceptische bijdragen aan de peer-reviewed literatuur.
Vele peer-reviewed wetenschappelijke tijdschriften doen mee aan een cordon sanitaire dat stelselmatig en doelbewust klimaatsceptische artikelen afwijst. Maar dat cordon sanitaire is niet waterdicht. Voor een overzicht van de meer dan 1000 artikelen die door de mazen van het net zijn geglipt, zie hier.

Tot zover enkele lacunes in de ‘Twijfelbrigade’.

Per saldo ben ik echter positief over het opus magnum van Jan Paul van Soest. Het tilt het debat naar een hoger niveau. Onder voorwaarde dat zij eerst nauwkeurig de hierboven gepresenteerde bijsluiter lezen, zou ik het daarom ter lezing willen aanbevelen aan klimatofielen van alle gezindten.

Het boek is hier verkrijgbaar.

Voor mijn eerdere DDS–bijdragen zie hier.

 Waardeer jij de artikelen op DagelijkseStandaard.nl? Volg ons dan op Twitter!

In dit artikel
Dagelijksestandaard.nl gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën (cookies) onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren. Cookies van onszelf en van derden kunnen worden gebruikt om advertenties te tonen en artikelen aan te bevelen op dagelijksestandaard.nl die aansluiten op uw interesses. Ook derden kunnen uw internetgedrag volgen. Cookies kunnen gebruikt worden om op sites van derden relevante advertenties te tonen. Cookies van derde partijen maken daarnaast mogelijk dat u informatie kunt delen via social media zoals Twitter en Facebook.

Like nu onze nieuwe pagina voor nieuws en opinie!