Afbeelding gemaakt met ChatGPT van OpenAI

AOW én aanvullend pensioen? Controleer de loonheffingskorting - verschil loopt op tot €296,33 per maand

Economie07 aug , 11:30

Wilt u DDS vaker zien?

Stel DDS in als voorkeursbron op Google.

Voeg DDS toe op Google
Wie alleen naar het nettobedrag op zijn bankrekening kijkt, kan gemakkelijk iets belangrijks missen. Ontvang je naast je AOW ook een aanvullend pensioen of nog inkomen uit werk, dan moet de loonheffingskorting namelijk op de juiste plek worden toegepast. Dat mag maar bij één inkomen tegelijk.
Juist daar gaat het geregeld mis. De Sociale Verzekeringsbank past de loonheffingskorting normaal gesproken automatisch toe op de AOW. Een pensioenfonds of werkgever kan de korting eveneens toepassen wanneer je dat hebt aangegeven. Gebeurt dat bij twee inkomens tegelijk, dan wordt er gedurende het jaar mogelijk te weinig belasting ingehouden.
Dat voelt aanvankelijk prettig: iedere maand komt er meer geld binnen. De onaangename verrassing kan pas na de belastingaangifte volgen, wanneer blijkt dat een deel moet worden terugbetaald.

Het verschil op de AOW-uitbetaling is €296,33

De hoogte van de inhouding is sinds 1 juli 2026 duidelijk terug te zien in de actuele AOW-bedragen van de SVB.
Een alleenstaande met een volledige AOW ontvangt €1.662,16 bruto per maand. Wanneer de loonheffingskorting op de AOW wordt toegepast, resteert na de bijdrage voor de Zorgverzekeringswet €1.581,55 netto. Zonder loonheffingskorting bedraagt de netto-uitbetaling €1.285,22.
Op het maandelijkse AOW-overzicht is het verschil dus €296,33.
Voor iemand die getrouwd is of samenwoont, bedraagt de volledige AOW €1.139,39 bruto per persoon. Met loonheffingskorting wordt daarvan €1.084,13 netto uitgekeerd. Zonder toepassing van de korting blijft €880,96 over. Dat is een verschil van €203,17 per maand.
Die bedragen betekenen niet dat iemand door simpelweg een instelling te veranderen plotseling honderden euro’s belasting kan besparen. Het gaat om het moment waarop de belasting wordt ingehouden. De uiteindelijke belasting wordt berekend over het totale jaarinkomen.

De korting mag maar bij één inkomen worden gebruikt

De regel zelf is eenvoudig: ontvang je meerdere inkomens, dan mag de loonheffingskorting slechts bij één daarvan worden toegepast. Dat bevestigt de SVB in zijn uitleg over loonheffing en loonheffingskorting.
Je mag in beginsel zelf kiezen bij welke uitkeringsinstantie of werkgever je de korting laat gebruiken. Dat kan de SVB zijn, maar ook het pensioenfonds of de werkgever. Wat in jouw situatie het gunstigst uitpakt voor de maandelijkse uitbetaling, hangt af van de hoogte van de verschillende inkomens.
Het belangrijkste is dat de korting niet dubbel wordt toegepast. De SVB weet niet automatisch hoeveel aanvullend pensioen of loon iemand elders ontvangt. Een pensioenfonds beschikt op zijn beurt niet over een volledig overzicht van alle andere inkomsten.
De Belastingdienst ziet die inkomens later wel bij elkaar. Wanneer twee instanties de korting hebben toegepast, kan bij de definitieve belastingberekening blijken dat gedurende het jaar te weinig is afgedragen.

Zo controleer je of het goed staat

Pak de meest recente uitkeringsspecificatie van de SVB en de betaalstrook van het pensioenfonds erbij. Op beide documenten hoort te staan of loonheffingskorting wordt toegepast.
Wordt de korting op beide inkomens gebruikt? Dan moet dat worden aangepast. Wordt de korting nergens toegepast, dan wordt er maandelijks waarschijnlijk meer belasting ingehouden dan nodig. Dat kan bij de aangifte worden gecorrigeerd, maar ondertussen beschik je niet over dat geld.
De loonheffingskorting op de AOW kan via Mijn SVB worden gewijzigd. Wil je de korting van de AOW naar het aanvullende pensioen verplaatsen, wijzig de instelling dan ook bij het pensioenfonds. De SVB adviseert beide veranderingen in dezelfde maand te laten ingaan. Zo voorkom je dat de korting tijdelijk dubbel of juist helemaal niet wordt toegepast.
Wie twijfelt over de beste keuze, kan de Belastingdienst of een belastingadviseur raadplegen. Vooral bij meerdere pensioenen, inkomsten uit werk, een lijfrente of wisselende inkomsten kan de berekening ingewikkelder zijn dan zij op het eerste gezicht lijkt.

Let ook op bij een verandering in je inkomen

De instelling verdient extra aandacht wanneer je net met pensioen gaat, een nieuw aanvullend pensioen ontvangt of na je AOW-leeftijd blijft werken. Ook na het overlijden van een partner of bij de start van een nabestaandenpensioen kan het inkomen uit meerdere bronnen gaan bestaan.
Controleer daarom niet alleen het bedrag dat op je rekening verschijnt, maar ook welke korting erachter zit. Een paar minuten vergelijken kan voorkomen dat de Belastingdienst later met een onverwachte rekening komt.
De kern is simpel: je hebt recht op loonheffingskorting, maar je mag deze tijdens het jaar slechts bij één inkomen laten toepassen. Wie AOW én pensioen ontvangt, doet er verstandig aan dat vandaag nog op beide betaalstroken te controleren.
Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading