Afbeelding gemaakt met Gemini AI van Google

Vader zet erfdeel van zoon levenslang onder bewind van zijn zus: door het woordje 'mede' in het testament grijpt de zoon mis

Economie•

Wilt u DDS vaker zien?

Stel DDS in als voorkeursbron op Google.

Voeg DDS toe op Google
Volg ons op Google Nieuws
Een ouder kan in een testament bepalen dat het erfdeel van een kind onder bewind komt te staan, zodat het kind niet zelf vrij over de erfenis kan beschikken. Een zoon wiens vader zijn volledige erfdeel in beginsel levenslang onder het bewind van zijn zus plaatste, probeerde die bepaling met stukken van zijn psycholoog en huisarts via de rechter te laten vernietigen. Rechtbank Gelderland wees die vordering af: door het ene woordje 'mede' in het testament bleef het levenslange bewind van zijn zus in stand.
Wanneer ouders hun nalatenschap verdelen, kiezen zij er soms voor om een erfdeel onder testamentair bewind te stellen tot een bepaalde leeftijd. In een op 13 oktober 2026 gepubliceerd vonnis van Rechtbank Gelderland (uitgesproken op 25 maart 2026) ging de vader in zijn laatste testament van 16 juni 2023 een grote stap verder. Hij herriep zijn eerdere testament van 23 mei 2017 en benoemde zijn zoon en dochter tot zijn enige erfgenamen, maar nam daarbij een scherp onderscheid op voor het beheer van de erfenis.
Voor iedere andere verkrijger uit de nalatenschap bepaalde de vader dat het testamentaire bewind eindigt bij het bereiken van de 30-jarige leeftijd. Voor zijn zoon bepaalde het testament echter dat het bewind pas eindigt bij het overlijden van de zoon, tenzij de bewindvoerder een eerdere beëindiging juist oordeelt omdat de grond voor het instellen van het bewind is komen te vervallen. Tot executeur én tot bewindvoerder over het erfdeel van de zoon benoemde de vader zijn dochter, de zus van de zoon. Na het overlijden van hun vader aanvaardde de zoon de nalatenschap beneficiair, terwijl zijn zus de nalatenschap zuiver aanvaardde én de benoeming tot bewindvoerder over het erfdeel van haar broer accepteerde.

Twee zinnen in het testament en de e-mail van de notaris

Over de reden voor het bewind stonden in het testament van 16 juni 2023 twee opeenvolgende zinnen: "Het bewind is ingesteld in het belang van rechthebbende." en "Het bewind over mijn zoon is mede ingesteld, omdat de rechthebbende - gezien zijn ziekte - thans (nog) ongeschikt is of onmachtig is in het beheer te voorzien."
De zoon stapte naar de rechter en vorderde dat dit levenslange bewind wegens een onjuiste beweegreden nietig en buiten toepassing zou worden verklaard; de rechtbank toetste dat aan artikel 4:43 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Volgens de zoon had zijn vader gedwaald over zijn gezondheid. Tegen de achtergrond van een jarenlange, conflictueuze echtscheiding van de ouders hadden vader en zoon van februari 2016 tot augustus 2016 onder begeleiding van een psycholoog geprobeerd hun onderlinge relatie te verbeteren, waarna het contact eind 2016 werd verbroken.
Uit twee e-mails die de vader op 3 maart 2017 en 13 juni 2017 aan de advocaat van de moeder stuurde, bleek dat de vader destijds in de veronderstelling verkeerde dat zijn zoon aan een borderline persoonlijkheidsstoornis leed en dat de psycholoog dat met de vader zou hebben gedeeld. Om te bewijzen dat die aanname feitelijk onjuist was, legde de zoon bij de rechtbank een verklaring van de betreffende psycholoog én een uitdraai van zijn patiëntendossier bij de huisarts over. Volgens de zoon zou zijn vader geen levenslang bewind hebben ingesteld als hij had geweten dat zijn zoon niet ziek was.

De dubbele drempel van artikel 4:43 lid 2 BW bij een onjuiste beweegreden

De rechtbank stelt voorop dat een uiterste wilsbeschikking, zoals het instellen van een testamentair bewind, op grond van artikel 4:43 lid 2 BW alleen vernietigbaar is als aan twee strenge voorwaarden tegelijk wordt voldaan: de beschikking in het testament moet zijn gemaakt onder invloed van een onjuiste beweegreden die in het testament zelf is aangeduid, én vast moet komen te staan dat de erflater de beschikking niet zou hebben gemaakt als hij had geweten dat die veronderstelling onjuist was (het vereiste causale verband).
Al op het eerste punt oordeelt de rechtbank dat niet kan worden vastgesteld dat de vader in juni 2023 van een onjuiste beweegreden uitging. De e-mails waarin de vader over borderline schreef stamden uit het voorjaar van 2017, toen vader en zoon geen contact hadden. Vanaf februari 2018 was het contact op initiatief van de zoon echter weer opgepakt en vanaf juni 2020 hadden zij (zeer) regelmatig contact. Toch koos de vader er op 16 juni 2023 bewust voor om een nieuw testament op te maken en daarin het bewind voor zijn zoon (opnieuw) op te nemen, zonder dat in het testament van 2023 werd gespecificeerd dat met "ziekte" borderline werd bedoeld.

Waarom het woordje 'mede' van de notaris de deur dichttrekt

Daarnaast oordeelt de rechtbank dat ook aan het tweede vereiste (het causale verband) niet is voldaan. In het testament stond immers eerst dat het bewind is ingesteld "in het belang van rechthebbende", en pas in de zin erna dat het bewind over de zoon "mede" is ingesteld vanwege zijn ziekte. Ook was die tweede zin tekstueel niet gekoppeld aan de bepaling dat het bewind na het 30e levensjaar doorloopt tot het overlijden van de zoon.
De notaris die het testament van 16 juni 2023 had gepasseerd, bevestigde op 27 januari 2026 per e-mail aan de advocaat van de zoon waarom die formulering zo was gekozen: "Het was de nadrukkelijke wens van de erflater om het bewind in te stellen. Juist om uitleg van een testament te voorkomen is voorzien in het woord 'mede'." Doordat het woordje "mede" aangeeft dat de vader meerdere beweegredenen had, kan de rechtbank niet vaststellen dat de vader het bewind achterwege zou hebben gelaten als de passage over de ziekte zou worden weggedacht. De vordering van de zoon wordt daarom volledig afgewezen en zijn erfdeel blijft (in beginsel) levenslang onder het bewind van zijn zus staan, terwijl beide familieleden hun eigen proceskosten moeten dragen.

Waar je op moet letten bij een bewindclausule in een testament

Stel: je wilt als ouder in een testament vastleggen dat een kind of kleinkind pas vanaf een bepaalde leeftijd (of onder toezicht van een bewindvoerder) aan het geërfde vermogen kan komen, of je bent als erfgenaam zelf geconfronteerd met een testamentair bewind van een broer of zus. Uit deze uitspraak blijkt hoe zwaar elk woord in de notariële akte weegt: zodra een testament het belang van de rechthebbende als zelfstandige reden noemt en een specifieke omstandigheid met het woord "mede" toevoegt, is vernietiging wegens dwaling op grond van artikel 4:43 lid 2 BW erg moeilijk, zo laat deze uitspraak zien. Een eerdere beëindiging via de bewindbepaling zelf hangt dan af van de vraag of de bewindvoerder oordeelt dat de grond voor het bewind is vervallen (of van de wettelijke opheffingsgronden bij de rechter).
Wil je vaker zulke uitleg over je geld in je tijdlijn? Like en volg DDS op Facebook.
Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading