Het lijkt er steeds meer op dat ondernemerschap in Nederland niet wordt gezien als de motor van onze economie, maar als een verdachte activiteit die zo snel mogelijk de kop in moet worden gedrukt.
Wie vandaag de dag een bedrijf probeert te runnen, stuit op een muur van bureaucratie, onbegrijpelijke fiscale regels en een overheid die wantrouwen als basisprincipe lijkt te hebben. Bij De Dagelijkse Standaard zien we al jaren hoe de hardwerkende MKB’er wordt uitgeknepen om de gaten in de begroting te dichten, terwijl de grote multinationals via achterdeurtjes de dans ontspringen.
Het vestigingsklimaat holt achteruit en de politiek in Den Haag lijkt drukker met symboolpolitiek dan met het faciliteren van de mensen die daadwerkelijk waarde toevoegen aan dit land.
De vlucht naar vrijheid
Het is dan ook niet vreemd dat steeds meer Nederlanders, zowel ondernemers als consumenten, over de grens kijken voor mogelijkheden die hier worden dichtgetimmerd. We zien een duidelijke trend waarbij mensen stemmen met hun voeten.
Net zoals een grote groep consumenten bewust kiest voor
casino’s buiten Nederland omdat ze daar niet worden lastiggevallen met betuttelende limieten en een dwingende overheid, overwegen steeds meer ondernemers een vertrek naar België of Duitsland. Het principe is hetzelfde: men zoekt naar vrijheid en autonomie.
Als de Nederlandse staat je behandelt als een onmondig kind dat tegen zichzelf beschermd moet worden, is het logisch dat je op zoek gaat naar een omgeving waar je wel als volwassene wordt behandeld.
Administratieve rompslomp als dagtaak
Vroeger kon je als bakker gewoon brood bakken en als aannemer huizen bouwen, maar tegenwoordig ben je de helft van de week kwijt aan het invullen van formulieren voor instanties die hun eigen bestaansrecht moeten bewijzen.
De regeldruk is zo enorm toegenomen dat kleine ondernemers soms meer tijd kwijt zijn aan compliance dan aan hun klanten. Elke nieuwe regel wordt gepresenteerd als een noodzakelijke maatregel voor het milieu, de veiligheid of de privacy, maar in de praktijk is het vaak een papieren tijger die alleen maar geld en energie kost.
Het ontneemt mensen het plezier in het ondernemen en zorgt voor een rem op de groei die we zo hard nodig hebben.
De klimaatdwang nekt de kleine man
Daarbovenop komt de bijna religieuze obsessie met het klimaat, die zich vertaalt in maatregelen die voor de gewone ondernemer onbetaalbaar zijn. Denk aan de zero-emissiezones die steden op slot gooien voor de loodgieter met zijn dieselbusje, of de verplichting om van het gas af te gaan terwijl het stroomnet overvol is.
Het zijn regels bedacht door beleidsmakers in ivoren torens die geen idee hebben hoe de praktijk werkt. Voor een groot bedrijf is een elektrische vloot nog wel te betalen, maar voor de slager op de hoek of de zelfstandige koerier is het de nekslag.
Het is pestgedrag verpakt in groene idealen, waarbij de rekening eenzijdig bij het MKB wordt gelegd.
Het fiscale doolhof van Box 3
Een van de grootste pijnpunten blijft de onrechtvaardige belasting op vermogen, waarbij de overheid belasting heft over rendementen die helemaal niet zijn behaald. Het is pure diefstal van mensen die jarenlang keihard hebben gewerkt en gespaard voor hun oude dag.
Ondanks vernietigende oordelen van rechters blijft de overheid zoeken naar manieren om toch die graai in de kas te kunnen doen. Het zorgt voor een onzeker investeringsklimaat waarbij niemand meer weet waar hij aan toe is.
Spaarders en kleine beleggers worden gestraft voor hun verstandige gedrag, terwijl de overheid het geld met bakken tegelijk over de balk smijt aan zinloze projecten.
Innovatie wordt in de kiem gesmoord
Nederland was ooit een gidsland als het ging om innovatie en handel, maar die positie zijn we in rap tempo aan het verliezen door onze eigen regeldrift.
Nieuwe ideeën krijgen nauwelijks de ruimte omdat ze niet in de bestaande hokjes van de ambtenarij passen. Als we kijken naar de digitale sector, zien we dat consumenten vragen om een breed en divers aanbod, of het nu gaat om streamingdiensten of specifieke
Fanobet spellen die inspelen op een niche in de markt.
Als je als overheid alles plat slaat met generieke verboden en restricties, verdwijnt die innovatie naar landen als Malta of Estland. De consument vindt zijn weg toch wel, alleen loopt de Nederlandse economie de inkomsten en de werkgelegenheid mis.
Het wegjagen van de kroonjuwelen
We zien de gevolgen van dit vijandige klimaat al bij de grote jongens: Shell en Unilever hebben hun biezen al gepakt en zijn vertrokken naar het Verenigd Koninkrijk. Dit werd in Den Haag weggewuifd, maar het is een teken aan de wand dat we ons niet kunnen permitteren.
Als zelfs de grootste bedrijven, die hier hun wortels hebben, besluiten dat Nederland niet meer de plek is om te groeien, wat zegt dat dan over de kansen voor de startende ondernemer? We dreigen een land te worden van ambtenaren, coaches en consultants, zonder echte productie of innovatie.
De welvaart die we nu nog hebben is gebouwd op het succes van het verleden, maar de fundering brokkelt in rap tempo af.
Wantrouwen als basisinstelling
Het meest schrijnende is misschien wel de mentaliteitsverandering bij de overheid, die de burger niet meer als partner ziet maar als potentiële fraudeur. De toeslagen affaire heeft pijnlijk blootgelegd hoe vernietigend dit kan zijn, maar in de zakelijke sfeer is dit wantrouwen ook aan de orde van de dag.
Ondernemers worden bij voorbaat verdacht en moeten continu bewijzen dat ze deugden, in plaats van andersom. De menselijke maat is volledig verdwenen uit de handhaving en heeft plaatsgemaakt voor genadeloze algoritmes en onbuigzame inspecteurs.
Dit zorgt voor een angstcultuur waarin ondernemers geen risico’s meer durven te nemen.
De rekening voor de burger
Uiteindelijk is het de gewone man die de rekening betaalt voor dit falende beleid. Als ondernemers worden opgezadeld met hogere kosten door regeldruk en belastingen, zien we dat direct terug in de prijzen in de supermarkt en in de winkelstraat.
De inflatie wordt niet alleen gedreven door energieprijzen, maar ook door een overheid die de kosten van het zakendoen onnodig opdrijft. Het wordt tijd dat in Den Haag het besef indaalt dat welvaart niet uit de lucht komt vallen, maar moet worden verdiend door mensen die hun nek durven uit te steken.
Tijd voor een grote schoonmaak
De oplossing is eigenlijk heel simpel, maar vereist politieke moed die momenteel ver te zoeken is. Er moet een grote streep door het woud aan regels en de overheid moet terug naar haar kerntaken. Laat ondernemers ondernemen en vertrouw erop dat zij het beste voor hebben met hun bedrijf en hun personeel.
Stop met het rondpompen van geld via subsidies en toeslagen en verlaag gewoon de belastingen zodat werken en ondernemen weer loont. Als we niet snel het roer omgooien, verandert Nederland in een groot openluchtmuseum waar de welvaart van gisteren wordt opgegeten door de bureaucratie van vandaag.