Een werkgever mag je
vakantie niet zomaar weigeren omdat het druk is. Dat blijkt uit een
uitspraak van het gerechtshof Den Haag van 15 september. Een chauffeur vroeg drie keer vakantie aan, kreeg drie keer nee en ging toch. Hij werd op staande voet ontslagen. Maar volgens het hof was dat
ontslag onterecht.
De eerdere beslissing van de kantonrechter blijft daarmee staan. Die had de chauffeur een transitievergoeding en een schadevergoeding toegekend. Daarnaast moet de werkgever €3.120 aan proceskosten voor het hoger beroep betalen.
Wat was er gebeurd?
De man werkte sinds maart 2019 als chauffeur bij een transportbedrijf. In januari 2025 vroeg hij vakantie aan voor eind april en begin mei. Die aanvraag werd afgewezen. Hij probeerde het nog twee keer, voor een kortere periode: eerst van 21 tot en met 29 april, daarna van 22 tot en met 29 april. Beide keren kreeg hij opnieuw nee.
De reden was steeds dezelfde: seizoensdrukte. In het personeelshandboek stond dat april, mei en juni drukke maanden zijn en dat er dan bij voorkeur geen verlof wordt gegeven. De werkgever had hem ook gemaild dat een geboekte reis niet betekent dat het verlof is goedgekeurd.
De chauffeur ging toch naar Griekenland. Op 22 april 2025, tijdens een gesprek met zijn werkgever, bleek dat hij op vakantie was. Dezelfde dag volgde het ontslag op staande voet, wegens ongeoorloofde afwezigheid en werkweigering.
Waarom het hof de werkgever ongelijk gaf
De wet is streng voor
werkgevers. Een werkgever moet de vakantie vaststellen volgens de wensen van de werknemer,
tenzij gewichtige redenen zich daartegen verzetten. Dat staat in het Burgerlijk Wetboek. De cao voor het beroepsgoederenvervoer wijkt daar volgens het hof niet van af.
Een gewichtige reden is meer dan alleen drukte. Het hof schreef dat het enkele feit dat het in die periode erg druk is en dat anderen dan moeten worden ingezet, onvoldoende is. De werkgever had niet aangetoond dat het bedrijf ernstig in de problemen zou komen.
Daarom was er geen gewichtige reden om het verlof te weigeren. De afwezigheid gold dan ook niet als plichtsverzuim, en er was geen dringende reden voor ontslag op staande voet.
Dit zijn de regels
Volgens de
Rijksoverheid geldt:
- je vraagt vakantie aan bij je werkgever;
- je werkgever mag alleen bezwaar maken als je vakantie grote problemen oplevert voor het bedrijf;
- dat bezwaar moet schriftelijk en binnen 2 weken na je aanvraag.
Wat is een ontslag op staande voet?
Bij een ontslag op staande voet eindigt je contract meteen, zonder opzegtermijn. Een werkgever mag dat alleen doen bij een dringende reden, zoals diefstal, fraude of ernstig wangedrag. Hij moet het ontslag direct geven en de reden meteen vertellen. Is het ontslag onterecht, dan kan de werknemer binnen twee maanden naar de kantonrechter. Die kan het ontslag vernietigen of een vergoeding toekennen, zoals in deze zaak.
Toch niet zomaar gaan
Deze zaak liep goed af voor de chauffeur, maar het blijft een groot risico. Het hof keek hier naar alle omstandigheden. Kan je werkgever wél aantonen dat het bedrijf in de problemen komt, dan kan een ontslag op staande voet stand houden. Dan verlies je je baan, en vaak ook je recht op een WW-uitkering.
Wat kun je doen?
- Vraag je vakantie ruim op tijd aan, bij voorkeur schriftelijk of in het systeem van je werkgever.
- Vraag om een schriftelijke reden als je aanvraag wordt afgewezen.
- Let op de termijn. Reageert je werkgever niet binnen twee weken met een schriftelijk bezwaar, dan staat hij zwakker.
- Ga niet zomaar weg. Leg de afwijzing eerst voor aan je vakbond, rechtsbijstandsverzekeraar of het Juridisch Loket.
- Boek niet vóór goedkeuring, tenzij je de reis kosteloos kunt annuleren.