De vertrekkende landbouwminister Femke Wiersma heeft haar
opvolger een duidelijke boodschap meegegeven. In WNL Op Zondag op NPO1 riep zij
Jaimi van Essen op om goed te luisteren naar de sector: “Luister vooral naar de
landbouwers. Als er ergens veel kennis is over de natuur dan is dat bij de
boeren.” Volgens haar moet beleid niet alleen in Den Haag worden bedacht, maar
juist in samenspraak met boeren die dagelijks met grond, vee en natuur werken. Wiersma kijkt met overtuiging terug op haar anderhalf jaar
als
minister. Ze stelt dat ze haar politieke opdracht consequent heeft
uitgevoerd. “Ik heb gekeken wat mijn mijn politieke opdracht was en daar heb ik
me aan gehouden. Ik heb mijn normen en waarden hooggehouden: eerlijkheid en
integriteit. Je doet wat je belooft en dus sturen we niet bewust op de krimp
van de veestapel. Dus niet A zeggen en B doen.”
Dat standpunt was direct gekoppeld aan het
hoofdlijnenakkoord van het kabinet. Een gedwongen krimp van de veestapel stond
daar niet in. Wiersma benadrukt dat ze zich daaraan heeft gehouden. Volgens
haar heeft ze in haar termijn gewerkt aan fundamentele veranderingen. “Ik denk
dat ik voldoende bereikt heb: Ik heb de afgelopen 1.5 jaar gewerkt aan
fundamentele zaken. Ook hebben boeren gebruiksruimte gekregen en boeren mogen
zelf bepalen waar ze op inzetten.”
Daarmee doelt zij op beleidsruimte voor ondernemers om te
investeren in innovatie, verduurzaming of extensivering. Haar overtuiging is
dat vernieuwing effectiever is dan dwang. “Ik denk dat je beter kunt helpen
landbouw te innoveren en ontwikkelen voor de toekomst, dan zwaaien met de stok
van gedwongen krimp.”
Boerenbelang of landsbelang?
Tijdens haar ministerschap kreeg Wiersma forse kritiek.
Tegenstanders vonden dat zij te veel koos voor het boerenbelang en te weinig
voor natuur en klimaat. Vooral haar houding rond de veestapel en
stikstofreductie lag onder vuur.
Zelf wijst ze die kritiek van de hand. “Dit is een afspraak
die in het hoofdlijnenakkoord staat, heel gek dat ik vervolgens word
bekritiseerd omdat ik die afspraak nakom.” Volgens Wiersma raakt
landbouw
direct aan nationale belangen. “Daarbij heeft veiligheid en weerbaarheid ook te
maken met voedselzekerheid.”
Ook benadrukt ze dat ze moeilijke keuzes niet uit de weg
ging. “Je kunt niet zeggen dat je het stikstokvraagstuk oplost met alleen maar
reduceren. Je kunt zo'n discussie niet platslaan met een cijfer: landbouw
bestaat niet voor zichzelf.”
Steun De Dagelijkse Standaard!
De overheid probeert kritische stemmen het zwijgen op te leggen, online en offline. Wij laten ons niet blokkeren! Help ons om de macht te blijven controleren. Steun ons via BackMe of maak uw bijdrage over op NL95RABO0159098327 t.n.v. Liberty Media. En let op: als u ons via BackMe steunt, krijgt u gratis en voor niets elke dag onze exclusieve SubStack-column zo, hop, in uw email inbox! Stikstof
Het stikstofdossier blijft een van de meest gevoelige
onderwerpen in de Nederlandse politiek. In hetzelfde programma noemde oud-ASML
topman Peter Wennink het stikstofslot zelfs een nationale ramp. Hij stelde dat
60 procent van alle stikstofdepositie afkomstig is van de rundveehouderij.
Wiersma reageerde fel op die analyse. “Ik vind dit echt het
platslaan van een discussie die heel complex is.” Volgens haar doet zo’n
percentage geen recht aan de samenhang tussen economie, landbouw en ruimtelijke
ordening. “Je kan niet zeggen dat je zo'n belangrijke economische sector
overeind houdt als je maar lukraak vanuit het fundament allemaal stenen eruit
gaat trekken, dat kan gewoon niet.” Met die woorden waarschuwt zij voor
ingrepen die volgens haar te eenzijdig op reductie zijn gericht.
De komende periode zal moeten blijken hoe haar opvolger met
dit advies omgaat. De stikstofproblematiek, natuurherstel en toekomst van de
landbouw blijven hoog op de politieke agenda staan.