Banenplannen kabinet afgekraakt

Foto:

In hun DFT column van gisteren (inlog) veegden Willem Vermeend en Rick van der Ploeg de vloer aan met de banenplannen van de regering.

Volgens de beide PvdA-economen leveren die plannen geen banen op, maar kosten ze juist banen. Dat is opmerkelijk, niet alleen omdat de plannen ook door hun eigen partij worden verdedigd, maar ook omdat het juist partijgenoot Asscher is, die verantwoordelijk is voor het werkgelegenheidsbeleid en de plannen hartstochtelijk verdedigt. Ofschoon ik het zelden eens ben met het illustere socialistische economenduo, hebben ze hier wel een punt. Waarop richt zich hun kritiek?

Zoals bekend menen beide economen dat de arbeidsmarkt door technologische ontwikkelingen drastisch van karakter verandert. De plannen ven het kabinet en de vakbonden bieden daarvoor geen soelaas. De heren schrijven in hun column:

“Door nieuwe technologie en automatisering zijn minder werknemers nodig. Beide ontwikkelingen hebben tot gevolg dat er per saldo in Nederland te weinig banen worden gecreëerd. Voor nieuwe werkgelegenheid zijn we vooral afhankelijk van het midden- en kleinbedrijf. Bij de overheid en de semipublieke sector is er sprake van banenverlies. Bovendien zal op de arbeidsmarkt het aantal vaste contracten snel afnemen. Steeds meer bedrijven werken met verschillende vormen van flexibele arbeid, zoals nulurencontracten, oproepkrachten, tijdelijke contracten, uitzendkrachten en zzp’ers.”

Daar hebben de heren een duidelijk punt, niet alleen voor wat betreft die technologische ontwikkelingen, maar ook voor wat betreft het verdwijnen van de ‘vaste baan’. Dat is wel degelijk een trend, waarvan de gevolgen voor de huizenmarkt zwaar onderschat worden, maar daar hoor je (nog) niemand over. Die zogenaamde ‘flexibele schil’ zal toenemen van 10 procent in 2007 naar liefst 30 procent in 2020, aldus de sociaal-democraten.

Een andere kritische kanttekening is de ‘mismatch’ die onze arbeidsmarkt kenmerkt. Vraag en aanbod sluiten niet goed op elkaar aan: er zijn te weinig technici en te weinig vakmensen om in de vraag van de markt te voorzien. Daarentegen zijn er meer dan genoeg afgestudeerden in allerlei vage studierichtingen, waaraan totaal geen behoefte is. Dat kan en moet dus beter. Ook hier hebben beide heren een terecht punt.

Vermeend en Van der Ploeg wijzen er op dat het internationaal ondernemen steeds minder afhankelijk wordt van het land van vestiging. Door de toenemende invloed van het internet zijn andere factoren van belang voor bedrijven om zich er te vestigen, zoals het onderwijsniveau van de beroepsbevolking, een flexibele arbeidsmarkt, concurrerende loonkosten en een vriendelijke belastingheffing. Recent werd dit nog duidelijk onderstreept door het vertrek van sigarettenfabrikant Philip Morris naar het goedkopere Spanje. En terwijl in Nederland een achterhoede discussie wordt gevoerd over het belastingklimaat, slaagt niet-euro land Engeland erin om zichzelf aantrekkelijker te maken voor ondernemers door de winstbelasting verder te verlagen, hetgeen duizenden banen oplevert. Maar in ons land kwekken we al gauw over ‘ongelijkheid’, ‘onrechtvaardigheid’ en ‘diefstal’, terwijl we gewoon rechts worden gepasseerd door landen die het morele vingertje allemaal allang in hun broekzak hebben gestoken.

Ja, er zijn nieuwe banen nodig, de werkloosheid is torenhoog en de vooruitzichten matig tot slecht. Daarom pleiten Vermeend en Co ook voor een verlaging van de belasting op arbeid. In hun column schrijven ze:

“Om de belasting op arbeid te verlagen, moeten volgens de bonden de belastingen op vermogens omhoog en gaan multinationals meer belasting betalen. We willen niet vervelend doen, maar dit voorstel zal per saldo een verlies aan werkgelegenheid opleveren. In Nederland is de lastendruk op arbeid inderdaad veel te hoog en dat kost werk. De oorzaak is ook duidelijk. Deze lasten liggen zo hoog doordat achtereenvolgende kabinetten bezuinigingen hebben afgewenteld op werknemers en werkgevers in de vorm van hogere belastingen en premies. Deze verzwaring moet worden teruggedraaid; dat zal zeker tot meer werk in de marktsector leiden.Het verlagen van belastingdruk op arbeid die gefinancierd wordt met extra heffingen op vermogens en internationale bedrijven zal funeste gevolgen hebben voor onze werkgelegenheid.”

Voor sociaal-democraten is dit natuurlijk vloeken in de kerk, maar de heren hebben natuurlijk wel een punt. Terecht wijzen ze er op dat in ons land het vooral middelgrote familiebedrijven zijn, die voor banen zorgen. Die bedrijven hebben juist belastingdruk verlaging en minder regelgeving nodig. Ook wijzen de economen terecht op het feit dat (vrijwillig) minder werken door ouderen de jeugd niet direct banen oplevert, zoals de vakbonden hadden voorgesteld. Verreweg de beste methode om banen te scheppen is een verlaging van de werkgevers- en werknemerswig, met name in het MKB en een ruimere kredietverlening, aldus Vermeend en Van der Ploeg.

Naast de behoefte in de markt zijn het vooral kennis en vaardigheden die bepalen of iemand aan de bak kan komen. Het is dus veel verstandiger om daarop gericht beleid te voeren. Met dit laatste ben ik het volmondig eens.

Hier vindt u een overzicht van mijn columns en u kunt mij hier volgen op Twitter.

Waardeer jij de artikelen op DagelijkseStandaard.nl? Volg ons dan op Twitter!

In dit artikel
Dagelijksestandaard.nl gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën (cookies) onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren. Cookies van onszelf en van derden kunnen worden gebruikt om advertenties te tonen en artikelen aan te bevelen op dagelijksestandaard.nl die aansluiten op uw interesses. Ook derden kunnen uw internetgedrag volgen. Cookies kunnen gebruikt worden om op sites van derden relevante advertenties te tonen. Cookies van derde partijen maken daarnaast mogelijk dat u informatie kunt delen via social media zoals Twitter en Facebook.

Like nu onze nieuwe pagina voor nieuws en opinie!