De provincie Utrecht heeft ongeveer 1.700 reacties ontvangen op haar omstreden stikstofplan. Veel boeren vroegen zich af of zij onder de voorgestelde regels überhaupt nog een toekomst hebben. Het provinciebestuur heeft geluisterd, geknikt, enkele details aangepast en vervolgens de definitieve versie van het plan vastgesteld. Zo werkt inspraak in bestuurlijk Nederland. De bevolking mag reageren, maar de trein rijdt gewoon verder naar de bestemming die ambtenaren en groene bestuurders vooraf al hadden gekozen.
Het Utrechts Programma Landelijk Gebied moet de
stikstofuitstoot van de landbouw in 2035 met 46 procent verminderen ten opzichte van 2019. Vanaf 2029 komt er in bepaalde stikstofgevoelige gebieden en omliggende stroken een mestverbod. Als “vrijwillige” maatregelen niet genoeg opleveren, kan vanaf 2035 een harde norm van maximaal 42 kilo ammoniak per hectare per jaar worden ingevoerd.
Vrijwillig, totdat de boer niet vrijwillig genoeg gehoorzaamt. Daarna volgt de dwang.
Een plan met een pistool op tafel
Volgens
WNL krijgen grondgebonden boeren eerst de ruimte om zelf maatregelen te nemen. Dat klinkt vriendelijk. Maar het provinciebestuur heeft de sanctie voor onvoldoende resultaat al klaargelegd.
Dat is geen vrije keuze. Het is een onderhandeling waarbij de overheid het pistool alvast zichtbaar op tafel legt. De boer mag zelf bepalen hoe hij de verlangde reductie bereikt, zolang hij maar precies uitkomt bij het door de provincie opgelegde resultaat.
Het plan is op onderdelen aangepast. De normen voor bestaande stallen zijn enigszins versoepeld, het mestverbod werd van 2027 naar 2029 verschoven en fruittelers werden uitgezonderd. Dat bewijst dat protest en kritiek niet volledig zinloos zijn.
Maar de fundamentele koers blijft intact: Utrecht wil de landbouwuitstoot bijna halveren en houdt een dwingende ammoniaknorm achter de hand.
De Nederlandse boer staat tegenover een miljardenapparaat van bestuurders, consultants en groene lobbyclubs. Steun DDS via BackMe, zodat wij de mensen die ons voedsel produceren een krachtige onafhankelijke stem kunnen blijven geven. Utrecht loopt vooruit op Den Haag
Het meest absurde is dat de landelijke stikstofregels nog niet eens volledig zijn uitgewerkt. Het kabinet presenteerde eind juni een eigen
maatregelenpakket, met bedrijfsnormen, zones van 500 of 1.000 meter rond kwetsbare natuur en miljarden aan subsidies en beëindigingsregelingen.
Utrecht kiest voor stroken van 250 meter en heeft zijn provinciale programma al verder uitgewerkt. Het provinciebestuur belooft het plan later waar nodig aan te passen aan de landelijke wetgeving.
Boeren krijgen dus “duidelijkheid” in de vorm van regels die later opnieuw gewijzigd kunnen worden. Zij moeten investeringsbeslissingen nemen voor bedrijven die vaak al generaties in de familie zijn, terwijl provincie en Rijk nog niet eens dezelfde normen gebruiken.
Het Landbouwcollectief Utrecht noemde die gang van zaken begrijpelijkerwijs onbegrijpelijk. De overheid veroorzaakt eerst complete onzekerheid en presenteert haar eigen documenten vervolgens als oplossing voor die onzekerheid.
Wat betekenen 1.700 reacties nog?
Bestuurders zullen zeggen dat de reacties zorgvuldig zijn beoordeeld. Ongetwijfeld bestaat er ergens een dikke nota waarin alle bezwaren zijn geordend, samengevat en van ambtelijke antwoorden voorzien.
Maar inspraak hoort meer te zijn dan een administratieve verwerking. Als honderden boeren aangeven dat hun bestaanszekerheid wordt bedreigd, moet een bestuur bereid zijn de fundamentele uitgangspunten opnieuw te beoordelen.
Dat is niet gebeurd. De gewenste reductie blijft staan, het mestverbod blijft staan en de mogelijkheid van een harde ammoniaknorm blijft staan.
De onderliggende politieke keuze is glashelder. De provincie aanvaardt dat landbouwbedrijven kunnen verdwijnen zolang de modelmatig berekende uitstoot maar voldoende afneemt. De menselijke, culturele en economische waarde van het boerenbedrijf wordt ondergeschikt gemaakt aan een bureaucratisch doelpercentage.
Provinciale Staten zijn nu aan zet
Het plan is door het provinciebestuur definitief vastgesteld, maar onderdelen moeten nog in de provinciale omgevingsverordening worden opgenomen. Provinciale Staten buigen zich daar naar verwachting dit najaar over.
Dat betekent dat het politieke gevecht nog niet voorbij is. Statenleden kunnen niet achter het excuus schuilen dat het slechts om technische uitvoering gaat. Zij moeten kleur bekennen: kiezen zij voor het voortbestaan van de Utrechtse landbouw of voor een systeem waarin boeren steeds verder worden teruggedrongen?
Rechtse partijen moeten gezamenlijk eisen dat er geen dwingende bedrijfsbeëindiging, onhaalbare ammoniaknorm of verkapte onteigening plaatsvindt. Geen boer mag worden weggestuurd op basis van modellen waarvan de uitkomsten door politieke keuzes worden bepaald.
Help DDS dit dossier tot aan de stemming volgen. Doneer rechtstreeks via Rabobank: NL95 RABO 0159 0983 27, ten name van Liberty Media. Zonder trouwe lezers bestaat er geen onafhankelijke tegenmacht tegen de stikstofbureaucratie.
Nederland heeft zijn boeren nodig. Voor voedselzekerheid, voor het landschap, voor de economie en voor de cultuur van het platteland. Een overheid die miljarden uitgeeft om boeren te laten verdwijnen en dat vervolgens “toekomstbestendige landbouw” noemt, heeft ieder contact met de werkelijkheid verloren.
Utrecht heeft 1.700 reacties gekregen. De provincie kan niet beweren dat zij niet gewaarschuwd is. Als boerenbedrijven straks alsnog worden vermorzeld, is dat geen onbedoeld neveneffect. Dan is het een bewuste politieke keuze.