Afbeelding gemaakt met ChatGPT van OpenAI

65-plussers verkochten in tweede kwartaal ongeveer 14.700 koopwoningen

Economie30 aug , 15:30

Wilt u DDS vaker zien?

Stel DDS in als voorkeursbron op Google.

Voeg DDS toe op Google
Oudere huiseigenaren bepalen een steeds groter deel van het aanbod op de Nederlandse koopwoningmarkt. In het tweede kwartaal van 2026 verkochten 65-plussers ongeveer 14.700 woningen aan nieuwe eigenaar-bewoners.
Daarmee kwam ruim dertig procent van de door particuliere eigenaren verkochte koopwoningen uit handen van iemand van 65 jaar of ouder. In 2020 lag dat aandeel nog rond 26 procent.
De huizen van oudere verkopers behoren bovendien niet tot de goedkoopste categorie. De gemiddelde verkoopprijs kwam uit boven €550.000. Bij verkopers jonger dan 65 jaar lag dat gemiddelde rond €515.000.

Ouderen verkopen vaker dan zij kopen

Tegenover de 14.700 verkochte woningen stonden ongeveer 5.200 woningaankopen door 65-plussers. Ouderen waren goed voor ongeveer acht procent van alle aankopen door eigenaar-bewoners.
Dat verschil betekent niet automatisch dat iedere oudere verkoper de koopmarkt verlaat. Een deel verhuist naar een huurwoning, zorgappartement of woning die op naam van een andere partij staat. Anderen gaan samenwonen of verkopen een woning na het overlijden van hun partner.
Daarnaast kunnen twee ouderen samen één woning verkopen en later een andere woning kopen. De cijfers geven aantallen transacties weer en geen complete persoonlijke levensloop.
De ontwikkeling laat wel zien dat de oudere generatie netto meer woningen op de markt brengt dan zij terugkoopt.

In sommige gemeenten meer dan de helft

Landelijk ligt het aandeel boven dertig procent, maar de regionale verschillen zijn groot. In bepaalde gebieden zijn 65-plussers verantwoordelijk voor veertig tot vijftig procent van de woningverkopen.
In zeventien gemeenten kwam zelfs meer dan de helft van de verkochte particuliere koopwoningen van oudere eigenaren.
Dat zal vooral zichtbaar zijn in plaatsen met veel vergrijzing, ruime gezinswoningen en bewoners die al tientallen jaren in hetzelfde huis wonen.
Wanneer zo’n woning wordt verkocht, verhuist de eigenaar regelmatig naar een kleiner appartement of een gelijkvloerse woning. Dat kan een lange verhuisketen op gang brengen: een gezin koopt de oude woning, een starter neemt het eerdere huis van dat gezin over en elders komt opnieuw woonruimte vrij.
Die doorstroming werkt alleen wanneer er voor ouderen zelf passende alternatieven bestaan. Wie geen betaalbaar of geschikt appartement kan vinden, blijft begrijpelijkerwijs in de huidige woning wonen.

Gemiddeld meer dan €550.000

De relatief hoge verkoopprijs heeft verschillende oorzaken. Veel 65-plussers wonen in huizen die groter zijn dan de gemiddelde starterswoning. Zij kochten in een periode waarin grond en woonruimte goedkoper waren en hebben de woning in tientallen jaren vaak verbeterd of uitgebreid.
Ook de locatie kan meetellen. Oudere eigenaren wonen geregeld in gevestigde wijken met voorzieningen, groen en grotere percelen.
Volgens de nieuwe kwartaalgegevens van het Kadaster lag de gemiddelde woningprijs over alle verkopen in het kwartaal rond €490.000.
Starters betaalden gemiddeld ongeveer €407.000. Doorstromers kwamen uit op circa €573.000. Een gemiddelde prijs van ruim €550.000 bij oudere verkopers past daarmee vooral bij de markt voor doorstromers.

Hoge verkoopprijs is geen vrij besteedbare winst

Een verkoopopbrengst van €550.000 betekent niet dat dat bedrag volledig op de bankrekening van de verkoper belandt.
Eerst moet een eventuele resterende hypotheek worden afgelost. Daarna volgen mogelijk makelaarskosten, notariskosten, verhuiskosten en de aankoop of huur van nieuwe woonruimte.
Wie een andere koopwoning van €400.000 aanschaft, houdt aanzienlijk minder vrij vermogen over dan iemand die naar een huurappartement verhuist.
Ook kan een groot banksaldo gevolgen hebben voor box 3, toeslagen en de eigen bijdrage voor langdurige zorg. De eigen woning valt fiscaal anders dan geld dat na verkoop op een spaarrekening staat.
Bij aankoop van een nieuwe woning kan bovendien de bijleenregeling invloed hebben op de hypotheekrenteaftrek.

Overwaarde vraagt planning

Oudere eigenaren die overwegen te verhuizen, moeten daarom verder kijken dan de vraagprijs van hun woning. Belangrijk zijn ook:
  • de resterende hypotheekschuld;
  • kosten van de nieuwe woning;
  • mogelijke verbouwing;
  • servicekosten van een appartement;
  • gevolgen voor belastingen en toeslagen;
  • een eventuele schenking aan kinderen;
  • voldoende financiële reserve voor zorg en onderhoud.
De cijfers laten zien dat er veel vermogen in woningen van 65-plussers zit. Ze tonen tegelijk waarom de woningnood niet simpelweg wordt opgelost door ouderen te vertellen dat zij “te groot” wonen.
Een huis van gemiddeld ruim €550.000 is voor veel starters onbereikbaar. En zolang een geschikt, betaalbaar en gelijkvloers alternatief ontbreekt, heeft de eigenaar weinig reden om te vertrekken.
Toch schuift de markt langzaam op. Met 14.700 verkopen in één kwartaal zijn 65-plussers niet langer een kleine randgroep, maar een van de belangrijkste bronnen van nieuw woningaanbod.
Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading