Na het overlijden van een partner kan hulp in huis nodig zijn. Soms gaat iemand daarom met een familielid of andere bekende wonen. Voor de Anw-uitkering kan samenwonen gevolgen hebben, maar bij intensieve zorg bestaat een uitzondering. Die betekent overigens niet dat het maandbedrag altijd gelijk blijft. Het is een vraag die je liever beantwoord hebt voordat iemand intrekt: wat gebeurt er met de nabestaandenuitkering? Een verhuizing kan praktisch noodzakelijk voelen, terwijl het inkomen geen ruimte biedt voor een onverwachte terugval.
De SVB maakt onderscheid tussen verschillende woonsituaties. Bij een gezamenlijke huishouding bestaat meestal geen recht meer op Anw. Maar wanneer mensen bij elkaar wonen omdat intensieve zorg nodig is, wordt dat volgens de SVB niet als een gezamenlijke huishouding beschouwd. Een nabestaandenuitkering kan dan mogelijk blijven bestaan.
De SVB beschrijft de uitzondering voor intensieve zorg.
Daarmee is de financiële beoordeling nog niet klaar. Het recht op een
uitkering en de hoogte ervan zijn twee afzonderlijke vragen.
Anw is niet voor iedere nabestaande
De Anw is een wettelijke nabestaandenuitkering. Om ervoor in aanmerking te komen, moet onder meer aan voorwaarden rond leeftijd, de verzekering van de overleden partner en de eigen situatie worden voldaan.
De nabestaande moet de AOW-leeftijd nog niet hebben bereikt. Daarnaast is doorgaans nodig dat er een kind jonger dan achttien in het huishouden woont, of dat de nabestaande voor minstens 45 procent arbeidsongeschikt is. Bij die arbeidsongeschiktheid speelt een beoordeling door UWV een rol.
Ook moet de overleden partner voor de Anw verzekerd zijn geweest. Dat is veelal gekoppeld aan wonen of werken in Nederland, al kunnen bijzondere situaties anders uitpakken.
Dit zijn de algemene voorwaarden voor een Anw-uitkering.
Een verandering in de woonsituatie moet dus worden bekeken naast de voorwaarden die al voor de uitkering gelden. De zorgsituatie vervangt die andere eisen niet.
Een kostendeler kan het bedrag verlagen
Ook wanneer geen gezamenlijke huishouding wordt aangenomen, kan een inwonende volwassene invloed hebben op de hoogte van de Anw.
De SVB hanteert regels voor kostendelers. In beginsel kan iemand van 27 jaar of ouder die op hetzelfde adres woont daaronder vallen. Het maakt daarbij niet automatisch verschil of die persoon daadwerkelijk geld voor het huishouden betaalt. Er bestaan uitzonderingen, bijvoorbeeld voor bepaalde studenten.
Daarom is alleen de vraag “mag ik mijn Anw houden?” te beperkt. Vraag ook welk bedrag resteert en of de inwonende persoon als kostendeler wordt gezien.
DDS beschreef eerder
wat een thuiswonend kind van 27 jaar of ouder kan betekenen voor de Anw. Dat laat zien waarom een uitkering kan doorlopen terwijl de betaling toch verandert.
Ook betaald zorgen kan meetellen
Naast de woonsituatie kijkt de SVB naar inkomsten. Inkomsten uit werk worden gedeeltelijk met de Anw verrekend. Bepaalde andere
uitkeringen, zoals een WIA-uitkering, kunnen volledig worden afgetrokken.
Wie voor zorg betaald krijgt vanuit een persoonsgebonden budget, moet daar eveneens op letten. De SVB noemt zulke betalingen bij de inkomsten die gedeeltelijk kunnen worden verrekend. Een aanvullend nabestaandenpensioen van een pensioenfonds wordt anders behandeld en wordt volgens de SVB niet van de Anw afgetrokken.
Zo worden verschillende inkomsten beoordeeld.
Voor een goed overzicht helpt het om iedere geldstroom apart te noteren. Schrijf erbij wie betaalt, waarvoor en vanaf welke datum. De omschrijving “inkomen uit zorg” is vaak te algemeen om meteen een betrouwbaar antwoord te krijgen.
Leg de zorgsituatie concreet voor
Beschrijf bij contact met de SVB waarom samenwonen wordt overwogen en welke hulp nodig is. Vraag welke informatie vereist is om de zorgsituatie te beoordelen. Het etiket mantelzorg alleen vertelt nog niet hoe intensief de ondersteuning is.
Laat daarnaast berekenen wat de verhuizing betekent voor het maandbedrag. Zet dat bedrag naast de verwachte gezamenlijke uitgaven. Zo kunnen afspraken over boodschappen, vervoer en woonkosten op een realistische begroting worden gebaseerd.
Wijzigingen moeten tijdig worden gemeld. De SVB noemt daarvoor vier weken als je in Nederland woont en zes weken vanuit het buitenland. Doorgeven kan onder meer via Mijn SVB. Wie hulp nodig heeft, kan iemand machtigen.
De SVB legt uit hoe wijzigingen worden doorgegeven.
De uitzondering kan ruimte bieden om noodzakelijke zorg thuis te organiseren. Vraag daarom vooraf om duidelijkheid over zowel de beoordeling van het samenwonen als het bedrag dat daarna wordt betaald.