Den Haag is met reces. De talkshows draaien op halve kracht. Ministers poseren in de zon en de gemiddelde Nederlander probeert een paar dagen niet na te denken over belastingen, woningnood en politieke chaos.
Maar één machine draait ook tijdens de vakantie onverstoorbaar door: de Nederlandse asielmachine.
De Rijksoverheid publiceerde op 28 juli in één klap de achterstallige cijfers over drie afzonderlijke weken. In week 28 bedroeg de asielinstroom ongeveer 810. In week 29 kwamen daar circa 760 bij. In week 30 was sprake van ongeveer 840.
Opgeteld gaat het in slechts 21 dagen om een instroom van 2.410.
Daaronder bevonden zich 1.370 eerste asielaanvragen, 960 ingereisde nareizigers en 80 overige aanvragen. De cijfers zijn afgerond en voorlopig, maar de politieke werkelijkheid valt niet weg te poetsen: iedere dag kwamen er gemiddeld ongeveer 115 mensen in de officiële asielinstroom terecht.
De cijfers zijn terug te vinden in de afzonderlijke overzichten van
week 28,
week 29 en
week 30.
Bijna duizend nareizigers in drie weken
Vooral het aantal nareizigers springt in het oog. In drie weken tijd reisden 960 gezinsleden na. Dat is bijna duizend mensen boven op de andere categorieën.
Dit is waarom iedere Haagse belofte over “grip op migratie” uiteindelijk betekenisloos blijft. Eén toegelaten asielzoeker staat binnen het huidige systeem niet noodzakelijk voor één nieuwe inwoner. Er kan een complete keten van gezinshereniging achteraan komen.
Ondertussen zijn de azc’s vol, worden hotels en vakantieparken gebruikt voor opvang en moeten gemeenten onder politieke druk steeds nieuwe locaties aanwijzen. De Nederlandse woningzoekende krijgt te horen dat hij geduld moet hebben. De statushouder moet juist zo snel mogelijk doorstromen, omdat anders de opvang verstopt raakt.
Het systeem creëert zijn eigen crisis en gebruikt die crisis vervolgens om nog meer woningen en miljoenen op te eisen.
Waar is de beloofde beperking?
Rechtse kiezers hebben verkiezing na verkiezing duidelijk gemaakt dat zij minder asielinstroom willen. Geen ander onderwerp is zo ondubbelzinnig door de bevolking op de politieke agenda gezet.
Toch verandert er onderaan de streep vrijwel niets.
Brusselse afspraken, internationale verdragen, rechterlijke uitspraken en ambtelijke procedures worden steeds gebruikt als excuus. De regering doet alsof zij de macht niet heeft. Maar dezelfde regering blijkt opvallend daadkrachtig wanneer boeren moeten krimpen, automobilisten meer moeten betalen of woningen van het gas af moeten.
Alleen bij de grens verandert daadkracht plotseling in machteloosheid.
Nederland heeft geen behoefte aan nóg een commissie, spreidingsplan of opvangtafel. Nederland heeft behoefte aan een regering die zegt dat de instroom drastisch omlaag moet en vervolgens bereid is daarvoor wetten, verdragen en Europese afspraken open te breken.
Tot die tijd blijft iedere week hetzelfde bericht verschijnen. Soms 760, soms 810 en soms 840. Maar altijd dezelfde conclusie: de grens staat open en de Nederlandse bevolking betaalt de rekening.