Regel je de bankzaken van je vader, moeder of grootouder, bewaar dan bij elke contante opname een bewijs van waar het geld naartoe ging. Kun je dat later niet laten zien, dan kunnen de erfgenamen het geld terugeisen. Een kleindochter en haar partner moeten zo €38.406,96 terugbetalen aan de erfgenamen van oma, plus de wettelijke rente vanaf 22 januari 2019. Dat besliste het
Gerechtshof 's-Hertogenbosch op 22 september 2026.
De kwitanties waarmee het stel €3.850 aan wekelijks contant geld voor oma wilde aantonen, hielpen niet. De handtekening op de briefjes wijkt volgens het hof "in de meeste gevallen sterk af" van de handtekening op oma's identiteitskaart. Het stel had moeten bewijzen dat de handtekening echt was, maar bood daarvoor geen enkel bewijs aan. Waar de rest van het geld was gebleven, kon het stel evenmin aantonen.
Het hof veroordeelde de kleindochter en haar partner hoofdelijk. De erfgenamen kunnen het hele bedrag dus bij ieder van beiden opeisen. Daarbovenop komen de proceskosten in hoger beroep van €6.829.
Van en/of-rekening naar de rechter
Oma, geboren in 1928, kon vanaf begin 2009 haar eigen financiële zaken niet meer regelen. De kleindochter en haar partner namen het beheer van haar geld en administratie over. Oma's rekening werd een en/of-rekening, de partner werd mederekeninghouder en kreeg een bankpas.
Tussen 1 februari 2009 en 28 oktober 2014 ging er in totaal €63.892,63 van de rekening af. Op 7 november 2014 benoemde de kantonrechter op verzoek van oma's kinderen een bewindvoerder. Oma overleed op 12 november 2015. Haar kinderen eisten het geld daarna via de
rechter terug.
Welke uitgaven meetelden, en welke niet
De rechtbank trok drie posten af van de €63.892,63:
- €20.580 aan leefgeld, dat oma volgens de aangifte van de bewindvoerder in elk geval had ontvangen;
- €900 voor een vliegticket;
- €2.825,71 voor verjaardagen, cadeaus en uitstapjes.
Daarmee bleef €39.586,92 onverklaard. Met onder meer rente- en notariskosten erbij kwam de rechtbank uit op €45.461,43.
In hoger beroep haalde het hof daar €7.054,47 af. Het ging om €3.600 aan contante stortingen op oma's rekening en €3.454,47 die de partner van zijn eigen rekening naar die van oma had overgemaakt. Zo kwam het bedrag uit op €38.406,96. Andere uitgaven die het stel opvoerde, zoals boodschappen voor oma, gingen er niet af: het stel liet volgens het hof niet zien dat dat geld oma ten goede was gekomen.
Waarom de kwitanties niet telden
Volgens het stel kreeg oma tussen oktober 2014 en september 2015 elke week contant geld, op grond van een afspraak tussen de kleindochter en oma. Als bewijs voor die €3.850 lagen er kwitanties met een handtekening die van oma zou zijn.
Het hof legde die briefjes om twee redenen terzijde. Op het eerste gezicht was niet vast te stellen dat de handtekening van oma was, en het stel bood niet aan om de echtheid te bewijzen. Bovendien stond oma sinds 7 november 2014 onder bewind. Vanaf dat moment was zij volgens het hof niet meer bevoegd om zulke kwitanties te tekenen.
Zo houd je de geldzaken van een ouder controleerbaar
Bij een storting of overboeking staat het bewijs op het bankafschrift. Bij contant geld heb je alleen wat je zelf vastlegt, en dat moet overeind blijven als iemand het later betwist. Deze gewoontes maken je administratie controleerbaar:
- Houd een eigen kasboek bij. Noteer bij elke opname de datum, het bedrag en waaraan het geld is besteed.
- Bewaar bonnetjes en afschriften. Ook van kleine boodschappen, en koppel elk bonnetje aan een opname.
- Betaal liever met de pinpas of per overboeking. Dan staat de uitgave zelf al op het afschrift.
- Moet het toch contant, zoals wekelijks leefgeld? Leg de afspraak schriftelijk vast en laat een tweede familielid de overzichten regelmatig controleren en aftekenen. Een kwitantie met alleen een handtekening van je ouder is kwetsbaar als die handtekening later wordt betwist.
- Houd de andere erfgenamen op de hoogte. Stuur bijvoorbeeld elk kwartaal een overzicht van inkomsten en uitgaven.
- Bewaar alles lang. In deze zaak ging het om afschrijvingen uit 2009 tot en met 2014, en het hof deed pas in 2026 uitspraak.
Leg ook vast wie wat mag, zolang je ouder dat zelf nog kan. Dat kan bijvoorbeeld met een levenstestament bij de notaris. Daarin staat wie iemands financiële, medische en persoonlijke zaken regelt als hij of zij dat zelf niet meer kan.
Wanneer bewind beter past dan zelf regelen
Beschermingsbewind is bedoeld voor mensen die hun financiële zaken niet zelf kunnen regelen. De kantonrechter benoemt een bewindvoerder; in deze zaak vroegen oma's kinderen daar zelf om. De bewindvoerder maakt een lijst van alle bezittingen die onder het bewind vallen en stuurt die naar de kantonrechter.
Wie onder bewind staat, kan
alleen met toestemming van de bewindvoerder over zijn of haar geld en bezittingen beschikken. Voor jou als familielid betekent dat: zodra er een bewindvoerder is, loopt het geld via hem of haar. Een handtekening van je ouder voor ontvangen geld telt dan niet meer, zoals deze zaak laat zien.
Regel je nu al de bankzaken van een ouder of grootouder? Zet dan vandaag de opnames van de afgelopen drie maanden op een rij, schrijf bij elk bedrag waar het voor was en leg de bonnetjes erbij. Dat overzicht vul je daarna elke maand aan.