Afbeelding gemaakt met Gemini AI van Google
UWV-uitkeringen uit de WW, WIA en Ziektewet gaan op 1 januari 2027 met 2,05 procent omhoog, omdat het referentiemaandloon stijgt
Wilt u DDS vaker zien?
Stel DDS in als voorkeursbron op Google.
Voeg DDS toe op GoogleKrijg je een uitkering van het UWV uit de WW, de WIA of de Ziektewet, dan gaat die op 1 januari 2027 met 2,05 procent omhoog. Bij €2.000 bruto per maand komt er €41 bij. Je hoeft daarvoor niets te doen.
De verhoging volgt uit een regeling van minister Vijlbrief van Sociale Zaken van 29 oktober. Daarin stijgt het zogenoemde referentiemaandloon met 2,05 procent naar €2.385 bruto per maand. Dat bedrag bepaalt hoeveel de lopende UWV-uitkeringen meestijgen.
Voor werknemers stijgt het minimumloon van €14,99 naar €15,29 bruto per uur. Na afronding is dat 2 procent. Voor uitkeringen telt de 2,05 procent van het referentiemaandloon.
Waarom je uitkering meestijgt
Het referentiemaandloon is sinds de invoering van het minimumuurloon in 2024 niet meer de basis voor het loon van werknemers. Het wordt nog wel gebruikt voor de hoogte en de indexatie van uitkeringen.
Je UWV-uitkering is een percentage van je dagloon: het loon per dag waarop het UWV je uitkering berekent. In artikel 14 van de Wet WIA staat dat de daglonen worden herzien op de dag waarop en in de mate waarin het referentiemaandloon wordt herzien. In de Werkloosheidswet en de Ziektewet staat dezelfde regel.
Gaat je dagloon met 2,05 procent omhoog, dan gaat je uitkering met hetzelfde percentage omhoog. Voor alle drie de uitkeringen staat in de wet ook dat het UWV daarvoor geen nieuwe beschikking stuurt. Je krijgt het hogere bedrag bij de eerste betaling na de verhoging. De minister maakt de datum en het percentage van elke herziening bekend in de Staatscourant.
Hoe de 2,05 procent tot stand komt
De toelichting bij de regeling laat zien hoe het percentage is berekend. Het begin is de helft van de loonstijging die het Centraal Planbureau voor 2027 verwacht in de cao's: de helft van 3,711 procent is 1,856 procent.
Daar komt 0,197 procentpunt bij, omdat de cao-lonen in 2026 harder stegen dan het CPB in maart nog dacht. Samen is dat 2,053 procent. Het referentiemaandloon wordt volgens de wet afgerond op een veelvoud van 60 cent. Zo komt het uit op €2.385, 2,05 procent meer dan op 1 juli 2026.
Het kabinet had de koppeling ook kunnen loslaten. De wet staat dat toe bij een te snelle loonstijging of een sterke groei van het aantal mensen met een uitkering. Volgens de toelichting is daar nu geen sprake van: de lonen stijgen sneller dan de prijzen en de werkloosheid is historisch laag.
Die aanpassing gebeurt twee keer per jaar, op 1 januari en op 1 juli. Je uitkering stijgt dus ook in juli weer mee als het minimumloon dan omhooggaat.
Lees ook
Wat het per maand scheelt
Stel: je krijgt nu een vast bruto bedrag per maand uit de WW, de WIA of de Ziektewet. Met 2,05 procent erbij ziet het er vanaf januari zo uit:
- €1.500 bruto: wordt €1.530,75, dat is €30,75 meer
- €2.000 bruto: wordt €2.041, dat is €41 meer
- €2.500 bruto: wordt €2.551,25, dat is €51,25 meer
- €3.000 bruto: wordt €3.061,50, dat is €61,50 meer
Op jaarbasis is dat bij €2.000 per maand €492 bruto extra.
Netto kan het anders uitvallen
Dit zijn brutobedragen. Hoeveel er netto bij komt, hangt af van de loonheffing in 2027. Die nieuwe tabellen past het UWV vanaf januari toe. Je ziet het verschil op je eerste betaalspecificatie van 2027.
Werk je naast je uitkering, of verandert er in januari iets anders in je situatie, dan kan het netto bedrag ook om die reden anders uitpakken.
Lees ook
Leg je specificatie van januari daarom naast die van december. Klopt de verhoging van 2,05 procent op je bruto uitkering niet, neem dan contact op met het UWV.
Wil je vaker zulke uitleg over je geld op je telefoon? Volg DDS op ons WhatsApp-kanaal.
Ga verder met lezen
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten
Lees ook
Loading




