Wie in juli 2025 binnen de bebouwde kom van Soest 9 km/u te hard reed, kreeg een
boete van €81. Een kantonrechter van de rechtbank Midden-Nederland maakte daar in een
uitspraak die op 15 oktober is gepubliceerd €72 van. Doorslaggevend was dat deze rechter de verhogingen van de
verkeersboetes per 1 maart 2024 (ruim 10 procent) en per 1 februari 2025 (3,2 procent) onverbindend vindt. Dan geldt het bedrag dat vóór 1 maart 2024 gold.
Een tweede kantonrechter deed hetzelfde bij een brommerrijder zonder helm. Maar een derde kantonrechter van dezelfde rechtbank vond een
appboete van €420 niet te hoog. Die boete ging alleen omlaag omdat de zaak te lang had geduurd. Of jouw boete zakt, hangt op dit moment dus mede af van de rechter die je zaak behandelt.
Die verdeeldheid is niet nieuw. Al begin juli ging de ene kantonrechter in Utrecht mee met de lijn van 30 juni en de andere niet. DDS schreef toen al
wat die eerste uitspraak betekende. Wat deze week duidelijk werd: ook in augustus en september bleven de
rechters verdeeld.
Wat de drie kantonrechters besloten
De uitkomsten op een rij, alle drie behandeld in Utrecht:
- Snelheid: 9 km/u te hard in Soest op 3 juli 2025. De boete gaat van €81 naar €72. De officier van justitie betaalt €233,50 aan proceskosten.
- Helm: een bromfietser reed op 7 mei 2024 in IJsselstein zonder helm. De boete gaat van €120 naar €100, het bedrag van vóór 1 maart 2024. Omdat de zaak te lang duurde, gaat daar nog 25 procent af. Er blijft €75 over.
- Telefoon: een automobilist hield op 7 maart 2024 op de A1 bij Amersfoort een telefoon vast tijdens het rijden. Boete €420. De rechter ziet geen reden om die te verlagen vanwege de hoogte, alleen 25 procent wegens de lange duur. Er blijft €315 over.
De brommerrijder kreeg daarnaast €116,75 aan proceskosten. Zijn gemachtigde voerde twee vrijwel gelijke zaken tegelijk, dus werd de vergoeding gedeeld. In de telefoonzaak werd €233,50 vergoed.
Waarom de rechters het oneens zijn
De verhoging van maart 2024 bestond uit 5,7 procent voor inflatie en 4,3 procent extra. Dat extra deel was volgens de toelichting van het kabinet nodig voor de rijksbegroting. In de
uitspraak van 30 juni oordeelde een kantonrechter dat de begroting geen doel is van de Wahv, de wet voor verkeersboetes. Verkeersboetes waren volgens die rechter al uit balans met straffen voor andere strafbare feiten, en de verhoging maakte dat groter. Daarom is de hele verhoging onevenredig, aldus die uitspraak.
De rechter in de telefoonzaak ziet dat anders. De ministers hebben volgens die rechter zoveel ruimte bij het vaststellen van de bedragen, dat de boetes sinds 1 maart 2024 niet onevenredig hoog zijn. Een collega die in juli al zo oordeelde, schreef te hopen dat het gerechtshof of de Hoge Raad snel duidelijkheid geeft. Het
gerechtshof vond in juli 2025 al dat de verhoging van 2024 niet in strijd is met het verbod op misbruik van bevoegdheid, en een boete van €160 voor appen op de fiets niet te hoog. Een hofuitspraak over de redenering van 30 juni staat nog niet op rechtspraak.nl.
Wat dit betekent als je nu een boete hebt
De uitspraken verlagen alleen de boetes van de mensen die zelf in beroep gingen. Het CJIB en het OM hebben op hun websites geen bericht over deze uitspraken gezet.
De uitspraken gaan over boetes uit 2024 en 2025, voor overtredingen vanaf 1 maart 2024. Over de verhoging per 1 januari 2026 hebben deze rechters zich niet uitgesproken.
In alle drie de zaken hield de officier van justitie de boete eerst in stand; de verlaging kwam pas bij de kantonrechter. De officier liet in de zaak van 30 juni weten dat hij gebonden is aan de vaste bedragen. In twee nieuwe zaken kwam het punt pas op de zitting ter sprake, en de rechter ging erop in.
Zo ga je in beroep tegen een verkeersboete
De stappen staan bij het CJIB, het OM en in de Wahv:
- Binnen zes weken na de verzenddatum van de CJIB-brief ga je in beroep bij de officier van justitie, online of met een brief. Je hoeft de boete dan nog niet te betalen.
- Ben je het niet eens met die beslissing, dan kun je naar de kantonrechter. Eerst betaal je de boete als zekerheid. Bij een boete van €225 of meer is dat €225 plus administratiekosten. Het CJIB laat je weten tot welke datum je beroep kunt instellen.
- Hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden kan binnen zes weken, maar alleen als de boete hoger is dan €110. Bij een boete van €110 of minder is de kantonrechter dus het eindpunt.
Wat je kunt winnen en wat je riskeert
De winst is 11 tot 17 procent. Bij de snelheidsboete was dat €81 min €72 is €9, bij de helmboete €120 min €100 is €20.
Daar kan een korting bij komen als de procedure te lang duurt. Volgens het gerechtshof mag de procedure tot en met de uitspraak van de kantonrechter ten hoogste twee jaar duren, inclusief het beroep bij de officier van justitie. Sinds een
arrest uit 2023 gaat er bij overschrijding in beginsel 25 procent af. Een voorbeeld uit de zaken: €100 keer 0,75 is €75, en €420 keer 0,75 is €315.
Het risico is dat je eerst moet betalen en dan een rechter treft die niet meegaat. Dan blijft het volle bedrag staan, tenzij je zaak te lang heeft geduurd. De zaken van deze week duurden vanaf de overtreding ruim een jaar tot bijna tweeënhalf jaar.
Pak je CJIB-brief erbij en kijk naar twee data: de datum van de overtreding en de verzenddatum. Was de overtreding in 2024 (vanaf 1 maart) of in 2025 en zit je nog binnen zes weken na de verzenddatum, dan kun je in je beroep vragen om het bedrag van vóór 1 maart 2024. Noem daarbij de uitspraken van 30 juni 2026: ECLI:NL:RBMNE:2026:3707, en bij een boete uit 2025 ook ECLI:NL:RBMNE:2026:3708.
Wil je vaker zulke uitleg over je geld in je tijdlijn? Like en volg DDS op
Facebook.