De kans groeit dat Nederlandse huishoudens later dit jaar opnieuw meer geld kwijt zijn aan hun dagelijkse boodschappen. De internationale prijzen van belangrijke voedselgrondstoffen zijn in juli verder opgelopen. Vooral bij tarwe, mais, suiker en plantaardige olie was een stevige beweging zichtbaar. De voedselprijsindex van de Verenigde Naties kwam in juli uit op 131,1 punten. Dat is 0,6 procent hoger dan een maand eerder en het hoogste niveau sinds januari 2023. Vergeleken met juli vorig jaar liggen de internationale voedselprijzen gemiddeld 1 procent hoger.
De stijging is geen herhaling van de extreme prijsexplosie uit 2022. De index staat nog altijd 18,2 procent onder de recordstand die kort na de Russische invasie in Oekraïne werd bereikt. Toch is de ontwikkeling volgens de
Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties, de FAO, zorgwekkend. De druk komt namelijk gelijktijdig van meerdere kanten.
Slecht weer tast oogsten aan, onrust rond de Zwarte Zee bemoeilijkt de export en spanningen in het Midden-Oosten maken energie, vervoer en kunstmest duurder. Daardoor kunnen ook producten die nu nog niet veel in prijs zijn veranderd later alsnog worden geraakt.
Tarwe in één maand 5,8 procent duurder
De sterkste waarschuwing komt uit de graanmarkt. Uit de nieuwste
voedselprijsindex van de FAO blijkt dat de internationale graanprijzen in juli met 3,4 procent zijn gestegen. Ten opzichte van een jaar geleden bedraagt de stijging zelfs 6,9 procent.
Tarwe werd in één maand 5,8 procent duurder. Vergeleken met juli 2025 ligt de wereldmarktprijs inmiddels 9,9 procent hoger. Dat is belangrijk voor consumenten, omdat tarwe niet alleen in brood terechtkomt. De grondstof wordt ook gebruikt voor pasta, koekjes, ontbijtproducten, gebak, kant-en-klaarmaaltijden en veevoer.
De stijging hangt onder meer samen met beschadigde exportvoorzieningen en nieuwe verstoringen rond de Zwarte Zee. Dat gebied is van groot belang voor de internationale handel in graan. Wanneer havens, opslagplaatsen of vaarroutes worden geraakt, moeten kopers op zoek naar alternatieve leveranciers. Dat drijft de prijs op.
Daarnaast hebben hittegolven in verschillende landbouwgebieden de verwachte opbrengst verlaagd. Een akker kan er aan de buitenkant nog redelijk uitzien, terwijl de uiteindelijke hoeveelheid bruikbaar graan flink tegenvalt. Juist die onzekerheid wordt snel verwerkt in internationale handelsprijzen.
Ook mais werd duurder. De prijs steeg in juli met 3,6 procent. Handelaren maken zich zorgen over warm en droog weer in delen van de Amerikaanse Corn Belt, een van de belangrijkste maisgebieden ter wereld.
Niet ieder graanproduct ging omhoog. Gerst werd juist 1,9 procent goedkoper en de internationale rijstprijs bleef per saldo ongeveer gelijk. De FAO-index is dan ook geen aankondiging dat elk product in de supermarkt duurder wordt. Het is vooral een vroege aanwijzing dat de onderliggende kosten bij bepaalde productgroepen oplopen.
Suiker stijgt met 5,6 procent
Ook bij suiker is de prijsdruk plotseling terug. De internationale suikerprijs nam in juli met 5,6 procent toe. Daarmee werd een groot deel van de daling uit eerdere maanden weer ongedaan gemaakt.
De markt vreest dat aanhoudende hitte en droogte de opbrengst in Europa kunnen verminderen. Daarnaast zorgen de verwachte gevolgen van El Niño voor onzekerheid in grote producerende landen in Azië.
In Brazilië speelt nog iets anders. Suikerriet kan zowel voor suiker als voor ethanol worden gebruikt. Wanneer de vraag naar ethanol stijgt, kunnen producenten besluiten een groter deel van hun suikerriet voor brandstof te bestemmen. Er blijft dan minder over voor de voedselmarkt.
Een hogere suikerprijs is uiteindelijk niet alleen terug te zien bij pakken kristalsuiker. Ook frisdrank, snoep, chocolade, gebak, ijs, sauzen en tal van bewerkte producten kunnen ermee te maken krijgen. Bij fabrikanten die grote hoeveelheden suiker inkopen, kan een ogenschijnlijk kleine prijsbeweging al snel een fors verschil in de totale productiekosten betekenen.
Plantaardige olie bereikt hoogste stand sinds 2022
De prijsindex voor plantaardige olie steeg in juli met 2 procent en bereikte het hoogste niveau sinds juni 2022. Vooral palmolie en sojaolie werden duurder. Zonnebloemolie en koolzaadolie gingen juist iets omlaag.
Palmolie zit in veel meer producten dan consumenten vaak beseffen. De olie wordt gebruikt in onder meer margarine, koek, chips, chocoladepasta, sauzen, diepvriesproducten en verzorgingsmiddelen. Een hoge wereldmarktprijs kan daardoor op veel verschillende plekken in de winkel doorwerken.
De stijging van palm- en sojaolie hangt deels samen met de energiemarkt. Plantaardige oliën worden eveneens ingezet bij de productie van biobrandstoffen. Wanneer olie duurder wordt of landen meer biodiesel willen gebruiken, neemt de concurrentie tussen brandstofproducenten en voedselproducenten toe.
Vlees en zuivel werden juist goedkoper
Het beeld is niet uitsluitend negatief. De internationale vleesprijs daalde in juli met 2,8 procent. Vooral kippenvlees, varkensvlees en rundvlees werden op de wereldmarkt goedkoper. Alleen schapenvlees bereikte een nieuwe recordprijs.
De zuivelindex zakte met 0,7 procent. Melkpoeder en boter daalden in prijs, terwijl kaas juist 1,7 procent duurder werd. Dat laatste had onder meer te maken met een tijdelijk kleiner melkaanbod binnen de Europese Unie.
Een daling op de wereldmarkt betekent echter niet dat de prijs in de Nederlandse supermarkt onmiddellijk meegaat. Winkels en fabrikanten werken vaak met contracten die maanden eerder zijn afgesloten. Ook lonen, verpakkingen, belastingen, transportkosten en commerciële keuzes spelen mee bij het bedrag op het schapkaartje.
Het omgekeerde geldt eveneens: een stijgende grondstofprijs is meestal niet de volgende ochtend al zichtbaar bij de kassa.
Supermarktprijzen volgen pas na 3 tot 6 maanden
Volgens FAO-hoofdeconoom Máximo Torero zit er doorgaans drie tot zes maanden tussen een verandering op de grondstoffenmarkt en de prijs die consumenten uiteindelijk betalen. In een
persconferentie van de Verenigde Naties legde hij uit dat voedselprijzen veel trager reageren dan bijvoorbeeld benzineprijzen.
Voordat een duurdere partij tarwe als brood in de supermarkt ligt, moet de grondstof worden vervoerd, gemalen, verwerkt, verpakt en verdeeld. Bovendien kunnen bedrijven tijdelijk teren op bestaande voorraden of oudere inkoopcontracten.
Als de huidige internationale prijsstijging volledig wordt doorberekend, wordt het effect daarom waarschijnlijk pas in het najaar of aan het begin van 2027 goed zichtbaar. Dat kan eerst gebeuren bij producten waarvan nieuwe inkoopcontracten worden afgesloten. Andere artikelen volgen mogelijk later of helemaal niet.
Supermarkten kunnen een deel van de stijging ook opvangen door hun winstmarge tijdelijk te verkleinen, meer aanbiedingen te geven of huismerken anders te prijzen. Fabrikanten kunnen behalve een hogere prijs ook kiezen voor een kleinere verpakking. Consumenten betalen dan ogenschijnlijk hetzelfde, maar krijgen minder product mee.
Energie en kunstmest vormen een tweede risico
Behalve de opbrengst van graan en suiker vormt ook de Straat van Hormuz een risico voor de voedselketen. Deze vaarroute is belangrijk voor het wereldwijde vervoer van olie en gas. Aardgas is bovendien een essentiële grondstof voor kunstmest.
De FAO waarschuwde eerder dat langdurige problemen rond Hormuz binnen zes tot twaalf maanden een veel bredere voedselcrisis kunnen veroorzaken. Volgens de
analyse van de organisatie verloopt zo’n schok in stappen.
Eerst worden energie, kunstmest en vervoer duurder. Daarna kunnen boeren minder kunstmest gebruiken, minder grond inzaaien of overstappen op gewassen die goedkoper te verbouwen zijn. Dat leidt vervolgens tot kleinere oogsten, hogere grondstofprijzen en uiteindelijk duurdere levensmiddelen.
Dat vertraagde effect maakt de situatie lastig. Tegen de tijd dat consumenten de prijsstijging in de supermarkt zien, zijn veel beslissingen over zaaien, bemesten en inkopen al maanden eerder genomen.
Wat kunnen huishoudens hiervan merken?
De eerste prijsdruk ligt vooral voor de hand bij producten waarin veel tarwe, suiker of plantaardige olie is verwerkt. Denk aan brood, pasta, bloem, koekjes, ontbijtgranen, chips, sauzen, snoep en kant-en-klaarproducten.
Hamsteren is daarbij niet nodig en kan uiteindelijk juist tot verspilling leiden. Wel kan het verstandig zijn om prijzen per kilo of liter te vergelijken, in plaats van alleen naar de opvallende aanbiedingssticker te kijken. Bij lang houdbare producten kan een echte aanbieding voordeel opleveren, zolang het gaat om artikelen die het huishouden normaal gesproken ook gebruikt.
Let eveneens op veranderende verpakkingsgroottes. Een pak dat van 500 naar 450 gram gaat zonder duidelijke prijsverlaging, is feitelijk duurder geworden. Juist tijdens een periode van oplopende grondstofkosten gebruiken fabrikanten deze methode om een zichtbare prijsverhoging uit te stellen.
Voorlopig is nog geen sprake van de prijschaos van 2022. Maar de richting is wel veranderd. Na enkele relatief rustige maanden bereiken de wereldwijde voedselprijzen opnieuw het hoogste niveau in jaren. Als de waarschuwing van de FAO uitkomt, kan de Nederlandse consument het grootste deel daarvan pas voelen wanneer de zomer allang voorbij is.