Werknemers die het wettelijk minimumloon verdienen, hebben sinds 1 juli recht op een hoger bruto-uurloon. Voor werknemers van 21 jaar en ouder steeg het minimum van 14,71 euro naar 14,99 euro bruto per uur. Op maandbasis kan dat volgens salarisberekeningen ongeveer 23 tot ruim 31 euro netto extra opleveren. Hoeveel iemand werkelijk op de rekening ontvangt, hangt onder meer af van het aantal gewerkte uren, de loonheffingskorting, pensioenpremies en persoonlijke inhoudingen.
De eerstvolgende volledige loonstrook na 1 juli is daarom een goed moment om te controleren of het nieuwe uurloon correct is verwerkt.
Nieuw minimumuurloon van 14,99 euro
De
officiële bedragen van de Rijksoverheid laten zien dat werknemers van 21 jaar en ouder sinds 1 juli minimaal 14,99 euro bruto per uur moeten ontvangen.
Voor jongeren gelden de volgende minimumjeugdlonen:
-
20 jaar: 11,99 euro per uur.
-
19 jaar: 8,99 euro per uur.
-
18 jaar: 7,50 euro per uur.
-
17 jaar: 5,92 euro per uur.
-
16 jaar: 5,17 euro per uur.
-
15 jaar: 4,50 euro per uur.
Sinds 2024 bestaat er geen vast wettelijk minimumloon per maand meer. Het minimumloon wordt per uur berekend. Het maandbedrag hangt daardoor af van het aantal uren dat iemand volgens het contract en de loonperiode heeft gewerkt.
Ook doorbetaalde ziekte-uren en opgenomen verlofuren kunnen meetellen voor de arbeidsduur.
Tussen 23 en 31 euro netto extra
Salarisverwerker Youforce berekende wat de verhoging in een aantal veelvoorkomende situaties netto kan betekenen. Bij een werkweek van 38 uur zou een minimumloner volgens die berekening ongeveer 31,12 euro netto per maand meer ontvangen.
Bij een 40-urige werkweek ging het in de voorbeeldberekening om 28,80 euro netto extra. Bij een contract van 36 uur was de stijging 28,59 euro netto.
Een doorgerekende parttimer kwam uit op 23,27 euro netto extra per maand. De precieze voorbeelden en nettolonen staan in het
overzicht van RTL Z.
Deze bedragen zijn indicatief. Ze betekenen niet dat iedere werknemer met een 38-urige werkweek exact 31,12 euro meer ontvangt. Een andere pensioenregeling, reservering, inhouding of toepassing van de loonheffingskorting kan het nettobedrag veranderen.
Controleer meer dan alleen het nettoloon
Wie zijn loonstrook controleert, doet er verstandig aan eerst naar het bruto-uurloon te kijken. Dat moet vanaf 1 juli minimaal overeenkomen met het bedrag dat bij de leeftijd van de werknemer hoort.
Controleer daarnaast:
-
Het aantal verloonde uren.
-
Eventuele toeslagen voor avond-, nacht- of weekendwerk.
-
Vakantiegeld en vakantie-uren.
-
Ingehouden pensioenpremies.
-
Of de loonheffingskorting correct wordt toegepast.
-
Of overuren tegen het juiste tarief zijn verwerkt.
Bij werknemers met wisselende roosters kan het totale maandloon variëren. Een maand met minder gewerkte uren kan ondanks het hogere uurloon toch een lager totaalbedrag opleveren dan een drukke maand ervoor.
Vergelijk daarom niet alleen het nettobedrag met de vorige loonstrook, maar vooral het uurloon en het aantal betaalde uren.
Wat als je werkgever nog 14,71 euro betaalt?
Staat op een loonperiode na 1 juli nog het oude minimumuurloon van 14,71 euro? Vraag dan eerst aan de salarisadministratie of de verhoging in de volgende verwerking wordt gecorrigeerd. Soms loopt een loonperiode niet gelijk met een kalendermaand.
Bewaar de loonstrook en controleer je arbeidsovereenkomst of cao. Wanneer een werkgever structureel te weinig betaalt, kan de werknemer schriftelijk om nabetaling vragen.
Let ook op dat een cao-loon boven het wettelijke minimum kan liggen. In dat geval geldt het hogere cao-bedrag. Het nieuwe wettelijke minimum is de absolute ondergrens en geen maximum.
De verhoging is per uur beperkt tot 28 cent, maar loopt bij een volledige werkweek wel iedere maand door. Juist daarom is het verstandig om een fout snel te signaleren. Een klein verschil per uur kan over meerdere maanden uitgroeien tot een aanzienlijk bedrag.