Soms komt nieuws niet binnen als een feit, maar als een dreun. Max von Kreyfelt, de man die al dertien jaar met Café Weltschmerz onvermoeibaar macht, framing en morele hypocrisie heeft ontleedt, is getroffen door een herseninfarct. Hij overleefde het. Op dezelfde dag kreeg Robert Jensen een hartaanval. Hij niet. Dat gegeven hangt als een schaduw over alles wat volgde. Geen heroïsch “ik ben terug”, geen stoere comeback. In plaats daarvan publiceerde Von Kreyfelt een
column met een titel die niets verdoezelt: “Strijd pleegt roofbouw.” Een tekst die leest als een waarschuwing, niet alleen aan zichzelf, maar aan iedereen die denkt dat strijd uitsluitend mentaal is.
Altijd aan, nooit uit
In
zijn column bedankt Von Kreyfelt de mensen die meeleefden tijdens zijn ziekbed en na het verlies van Jensen. Maar hij doet meer dan dat. Hij ontleedt een misvatting die veel strijders delen: het idee dat vechten tegen macht, leugens en uitsluiting vooral een kwestie is van doorzettingsvermogen en gelijk krijgen.
Het lichaam ziet dat anders. Jarenlang “aan” staan, voortdurend alert zijn, reageren op framing, aanvallen en sociale uitsluiting. Geen rust, geen afschakeling, nauwelijks herstel. Dat alles stapelt zich op. Slaap verdwijnt, relaties verschralen, het leven krimpt tot één permanent gevecht. De kernzin uit zijn betoog snijdt diep: het lichaam maakt geen onderscheid tussen een fysieke aanval en jarenlange sociale druk. Tussen een directe dreiging en voortdurende onzekerheid. Stress is geen mening. Het is biologie.
De romantiek van uitputting
In activistische kringen wordt strijd vaak geromantiseerd. Volhouden is heldhaftig. Stoppen voelt als falen. Breken wordt gezien als zwakte. Von Kreyfelt veegt die gedachte resoluut van tafel. Structurele strijd zonder herstel is geen moed, schrijft hij, maar uitgestelde zelfvernietiging.
Het gevaarlijkste moment komt wanneer uitputting normaal wordt. Wanneer rust geen optie meer lijkt omdat “het gelijk” te belangrijk is. Dan vecht je niet langer alleen tegen macht, maar neem je haar mechanisme over. De druk wordt geïnternaliseerd.
Dat inzicht kwam voor Von Kreyfelt op het scherpst van de snede. Dat hij nog leeft terwijl Jensen dat niet doet, voelt voor hem niet als geluk, maar als een waarschuwing.
Herstel als strategie
Zijn conclusie is helder en ongemakkelijk tegelijk. Vrijheid blijft ononderhandelbaar. Maar de manier waarop je haar draagt, moet veranderen. Geen zelfopoffering tot het breekpunt. Wel zorg, steun, ritme en begrenzing.
Minder reageren. Meer regie. Herstel als strategie.
Niet uit zwakte, maar uit noodzaak. Want waarheid heeft niets aan uitgeputte dragers. Vrijheid heeft niets aan mensen die eraan bezwijken.
Een boodschap voor velen
Dit is geen zacht, therapeutisch betoog. Dit is de rauwe realiteit van iemand die zelf bijna de prijs betaalde. Voor iedereen die dagelijks strijdt tegen systemen, macht en leugenachtigheid is de boodschap onontkoombaar: strijd mag iets kosten, maar niet je leven.
Rust is geen capitulatie. Het is gereedschap. Dank je, Max. Sterkte. En als je terugkomt, doe het duurzaam.