Column Frits Bosch: de bomen groeien niet meer tot in de hemel. De ballon gaat leeglopen

Trouwe lezers van De Dagelijkse Standaard zullen zich mogelijk herinneren dat ik circa een jaar geleden geschreven heb dat na de Euforie fase de Ontnuchteringsfase aanbreekt voor de economie. We hebben het genot beleefd van een sterk economisch herstel, maar geleidelijk aan gaan we nu naar een periode waar we gaan beseffen dat de bomen niet langer tot in de hemel groeien.

De ballon die zo sterk is opgepompt gaat leeglopen. De waardestijgingen, zonder onderliggende basis, gaan terugvallen. De effectenbeurzen en vastgoedmarkten en andere zakelijke waarden gaan dan terrein prijsgeven. De vraag is hoeveel en de opdracht van autoriteiten is om voor een zachte landing te zorgen. De situatie is niet ongevaarlijk want we weten dat de ballon op knappen staat.

Zachte landing

Een zachte landing zal dus lang niet eenvoudig zijn. Aller ogen zijn gericht op Jerome Powell, directeur van de Amerikaanse Federal Reserve. Zijn termijn loopt tot februari 2022, maar binnen het huidige gremium kunnen we van herbenoeming uitgaan. De sleutelfactor vormt de oplopende inflatie in de VS, nu 4% op jaarbasis en 6,4% op kwartaalbasis. Dit is ver boven de doelstelling van 2%, wetende dat inflatie de neiging heeft te gaan galopperen. De tandpasta krijg je dan niet meer terug in de tube.

Opkoopprogramma

De Fed heeft een ontzagwekkend opkoopprogramma van 120 miljard obligaties per maand. Dit betreft het ambitieuze stimuleringsproject van president Joe Biden, om ondermeer de infrastructuur van het land te verbeteren plus het stimuleringsprogramma om bedrijven niet te laten omvallen door covid. Dit opkoopprogramma heeft z’n werk gedaan, de economie groeit, de werkloosheid is bescheiden en covid verdwijnt naar de achtergrond.

Het opkoopprogramma zorgt voor monetaire financiering die de inflatie aanwakkert. Afbouw dient dus plaats te vinden plus renteverhoging om inflatie af te grendelen en de rente weer in normaal vaarwater te brengen wat gemiddeld op 4% zou liggen.

Maar zover is het nog lang niet vanaf het huidige nulpunt. Dit betekent dat fine tuning tussen het fiscale beleid – de Amerikaanse begroting – en het monetaire beleid, moet plaatsvinden. De fine tuners zijn Janet Yellen, minister van financiën, Gina Raimondo, minister van economische zaken en Jerome Powell, die het voortouw neemt als direct verantwoordelijke voor de balans van 8,3 triljoen dollar.

Behoedzaamheid is geboden

Powell realiseert zich dat als hij het opkoopprogramma te abrupt afbreekt dat dan de korte rente te fors kan oplopen en dat zorgt voor hoge rentekosten over zijn reserves. Bovendien is de economie verslaafd geraakt aan een rente van rond nul procent. Een renteverhoging van stel 1% zou de middenstand als eerste zwaar raken. Door de ultiem lage rente heeft de Fed weinig munitie om door renteverlaging de economie te stimuleren.

Powell zal dus heel geleidelijk afbouwen en heel geleidelijk de rente verhogen en fine tunen met zijn fiscale en financiële collega’s terwille van een zachte landing van de economie. De conclusie is dat het een kwestie is van heel behoedzaam opereren wordt. Maar dat enige ontnuchtering zal plaatsvinden lijkt wel vast te staan. We zijn benieuwd hoe Powell dit kunststukje gaat klaarspelen.

Europa

Nu Europa. Christine Lagarde verkeert in een vergelijkbare positie als Jerome Powell, maar toch ook weer anders. Het ECB maandelijks opkoopprogramma bedraagt ongeveer de helft van de Fed. De ECB heeft de ogen op de Fed gericht, de mondiaal grootste centrale bank die bepalende is voor de monetaire koers. Mocht de Fed van start gaan met afbouw van haar opkoopprogramma, dan kan de ECB niet achterblijven. De rente zal dan volgen en omhooggaan. Want mocht dat achterwege blijven, dan komt een ongewenste kapitaalstroom van de EU naar de VS op gang waardoor de dollar versterkt en de euro verzwakt wordt. De ECB hangt dus aan een dun touwtje aan de Fed.

Bovendien moet de fine tuning, zoals in de VS plaatsvindt tussen fiscaal en monetair, noodgedwongen achterwege blijven. Het fiscale beleid wordt immers bepaald door de afzonderlijke 27 lidstaten, het grote manco van de EU. Hoe kun je een gedegen economisch en financieel beleid voeren zonder dat deze fine tuning kan plaatsvinden? Het antwoord is ‘niet’, waardoor een ongezonde situatie van frictie in de EU voortduurt.

Centrale banken als politieke instellingen

Een factor die zowel de Fed als de ECB bedreigt is dat centrale banken verworden tot een politieke instelling. Daar begint het op te lijken. Donald Trump is ermee begonnen om de Fed dwingend te vragen de rente niet te verhogen teneinde de economie te kunnen stimuleren en Joe Biden neemt dat over.

Christine Lagarde heeft de zeer politieke gerichtheid van haar voorganger Mario Draghi overgenomen om de ECB in dienst te stellen van het in leven houden van Zuid Europese landen. We zien in de afzonderlijke lidstaten dat de centrale banken steeds meer een politieke taakopvatting hebben. Ik heb beschreven dat De Nederlandsche Bank een politieke taakopvatting heeft die ver voorbijgaat aan wat de gegeven rol van de bank dient te zijn. Maar wat kun je anders verwachten van een centrale bank als de algemene directeur de protege is van de premier en door hem is aangewezen? Ook President Erdogan maakt dankbaar gebruik van dit voorbeeld…

Frits Bosch, auteur van “Risico als obsessie, “Dat is het risico”, “Wereld op een keerpunt” “Onbehagen bij de eliteSchaft ook Nederland zich af?” en Feminisme op de werkvloer.

Abonneer je gratis en voor niets op het Telegram-kanaal van De Dagelijkse Standaard, en like onze spiksplinternieuwe Facebook-pagina!
In dit artikel

e-mail:

 
Ja, ik ga ermee akkoord dat Dagelijkse Standaard mij incidenteel commerciële emails stuurt.