Met een elektrische auto naar Frankrijk, Spanje of Italië rijden klinkt voordelig. Thuis opladen is immers meestal goedkoper dan tanken. Onderweg kan de rekensom echter volledig omslaan. Bij buitenlandse openbare laadpalen en vooral bij snelladers betalen vakantiegangers soms meer per honderd kilometer dan bestuurders van benzine- of dieselauto’s.
Uit een actuele vergelijking van prijzen in negen Europese landen blijkt dat snelladen bij de gemiddelde tarieven in geen van de onderzochte landen goedkoper was dan diesel. Alleen in Frankrijk was snelladen gemiddeld goedkoper dan benzine. Diesel bleef ook daar voordeliger.
Elektrisch rijden is daarmee niet ineens altijd duurder. De prijs hangt sterk af van de laadpaal, de gebruikte laadpas, het abonnement en het verbruik van de auto. Maar blind de eerste snellader langs de snelweg kiezen, kan een onverwacht hoge vakantierekening opleveren.
In Spanje is diesel duidelijk voordeliger
Voor de vergelijking is uitgegaan van een benzineauto die één liter per achttien kilometer verbruikt, een dieselauto die één op 22 rijdt en een elektrische auto die met één kilowattuur zes kilometer aflegt.
Spanje kwam als goedkoopste land voor benzine en diesel uit de bus. Honderd kilometer rijden kost daar bij de gebruikte gemiddelde prijzen ongeveer:
-
€9,13 op benzine;
-
€7,80 op diesel;
-
€8,50 bij gewoon laden voor €0,51 per kilowattuur;
-
€10 bij snelladen voor €0,60 per kilowattuur.
Gewoon openbaar laden is in Spanje daarmee iets voordeliger dan benzine, maar nog steeds duurder dan diesel. Wie bij een gemiddelde snellader stopt, betaalt bijna €0,90 meer dan een benzinerijder en ruim €2 meer dan iemand met een dieselauto.
In Frankrijk ligt de verhouding iets gunstiger. Snelladen kost daar bij een gemiddeld tarief van €0,61 per kilowattuur ongeveer €10,17 per honderd kilometer. Benzine kost circa €11,24 en diesel ongeveer €9,86. Frankrijk was daardoor het enige onderzochte vakantieland waar snelladen gemiddeld goedkoper was dan benzine.
De volledige vergelijking voor Nederland, Spanje, Luxemburg, Oostenrijk, Frankrijk, België, Duitsland, Italië en Zwitserland is gepubliceerd door
NL Times op basis van actuele ANWB-laadprijzen.
Oostenrijk springt eruit met zeer hoge laadkosten
In België, Duitsland, Italië, Oostenrijk en Zwitserland waren zowel gewoon openbaar laden als snelladen bij de gemiddelde tarieven duurder dan benzine en diesel.
Oostenrijk vormde de opvallendste uitschieter. Het gemiddelde tarief voor normaal openbaar laden kwam in de gebruikte vergelijking uit op €1,04 per kilowattuur. Bij een verbruik van één kilowattuur per zes kilometer betekent dat meer dan €17 per honderd kilometer.
Dat gemiddelde wil niet zeggen dat iedere Oostenrijkse laadpaal zoveel kost. Er bestaan grote verschillen tussen aanbieders en locaties. Juist dat maakt voorbereiding belangrijk. Een laadpaal bij een hotel, parkeergarage of toeristische bestemming kan een heel ander tarief hebben dan een snellader langs de snelweg.
Daarnaast kan de rekening afhankelijk zijn van de gebruikte laadpas. Een Nederlandse pas werkt via roaming op buitenlandse netwerken, maar de aanbieder kan een eigen opslag of transactietarief rekenen.
Let op blokkeer- en tijdtarieven
Het bedrag per kilowattuur is niet altijd de enige kostenpost. In sommige landen geldt na een bepaalde tijd een blokkeertarief. De automobilist betaalt dan per minuut zolang de auto aan de laadpaal gekoppeld blijft, ook wanneer de accu inmiddels vol is.
Dat kan vooral bij een hotel of parkeerplaats hard gaan. Wie de auto ’s avonds aansluit en pas de volgende ochtend loskoppelt, kan urenlang extra kosten opbouwen.
De ANWB adviseert daarom altijd vooraf in de laadpas-app te controleren:
-
wat het tarief per kilowattuur is;
-
of een starttarief geldt;
-
wanneer een blokkeertarief begint;
-
hoeveel per minuut wordt gerekend;
-
of de Nederlandse laadpas op dat netwerk werkt.
In de
veelgestelde vragen over laden in het buitenland waarschuwt de ANWB dat de prijsverschillen buiten Nederland groter kunnen zijn dan Nederlandse automobilisten gewend zijn.
Tijdelijk abonnement kan de rekening verlagen
Wie tijdens de vakantie veelvuldig moet snelladen, kan baat hebben bij een tijdelijk abonnement van een grote aanbieder. Volgens de vergelijking kost zo’n abonnement soms ongeveer €6 per maand en kan het laadtarief daarmee dalen tot circa €0,55 per kilowattuur of minder.
Bij €0,55 kost honderd kilometer elektrisch rijden ongeveer €9,17. Dat is goedkoper dan benzine in acht van de negen onderzochte landen. Alleen in Spanje kwam benzine in de berekening enkele centen lager uit.
Ook diesel wordt bij dit tarief in veel landen verslagen. In Spanje en Luxemburg moet de laadprijs echter nog verder zakken om voordeliger te worden dan diesel.
Controleer vóór het afsluiten hoeveel laadbeurten nodig zijn om de abonnementskosten terug te verdienen. Kijk ook of de betreffende aanbieder daadwerkelijk langs de geplande route zit. Een goedkoop abonnement heeft weinig nut wanneer voor iedere laadstop een flinke omweg nodig is.
Zo houd je de laadrekening beheersbaar
Voor vertrek is het verstandig om niet alleen laadpunten, maar ook prijzen te plannen. De volgende stappen kunnen tientallen euro’s verschil maken:
-
vergelijk meerdere laadpassen en apps;
-
controleer de laadprijs vóór iedere sessie;
-
bekijk tijdelijke vakantieabonnementen;
-
zoek naar voordelige laadpunten bij grote supermarkten;
-
vermijd langdurig aangesloten blijven bij een blokkeertarief;
-
laad waar mogelijk bij de accommodatie tegen een vooraf afgesproken prijs;
-
kijk ook naar laadpunten net buiten de snelweg.
De goedkoopste laadpaal is overigens niet altijd de beste keuze. Een slecht werkende of zeer langzame paal kan onderweg meer frustratie dan voordeel opleveren. Beschikbaarheid, snelheid, bereikbaarheid en veiligheid tellen eveneens mee.
Elektrisch rijden kan op vakantie nog steeds voordelig uitpakken, zeker wanneer een deel thuis of bij de accommodatie wordt geladen. De gedachte dat iedere elektrische kilometer automatisch goedkoper is dan benzine of diesel, klopt echter niet meer. Aan een dure buitenlandse snellader kan juist de dieselrijder financieel als winnaar wegrijden.