Een huurprijs boven €932,93 betekent niet langer automatisch dat een huishouden buiten de huurtoeslag valt. Sinds 2026 mogen ook huurders van een duurdere woning de toeslag aanvragen. Naar schatting 170.000 huishoudens krijgen hierdoor voor het eerst recht op huurtoeslag, gemiddeld voor ongeveer €175 per maand. De verandering is belangrijk omdat veel huurders nog uitgaan van de oude regel. Tot en met 2025 gold de maximale huurgrens in de meeste gevallen als harde toegangseis. Was de huur te hoog, dan kon iemand geen huurtoeslag krijgen - zelfs wanneer het inkomen laag genoeg was.
Die beperking is verdwenen. De hoogte van de huur bepaalt nog wel hoeveel toeslag wordt berekend, maar een hogere huur sluit de aanvraag niet meer op voorhand uit.
Geen maximale huur meer als toegangseis
Dienst Toeslagen legt uit dat huurders met een huur boven €932,93 sinds 2026 soms toch huurtoeslag kunnen krijgen. Zij moeten dan wel aan de andere voorwaarden voldoen.
Zo mag het inkomen niet te hoog zijn, geldt er een vermogensgrens en moet het in beginsel om een zelfstandige woning gaan. Ook het inkomen en vermogen van een eventuele toeslagpartner en medebewoners kunnen meetellen.
De toeslag wordt niet over de volledige huur berekend wanneer die boven €932,93 ligt. Voor de berekening wordt maximaal dat bedrag gebruikt. Iemand met een kale huur van bijvoorbeeld €1.050 kan dus wel huurtoeslag krijgen, maar de €117,07 boven de rekenlimiet komt volledig voor eigen rekening.
Hoeveel toeslag iemand uiteindelijk ontvangt, hangt af van de persoonlijke situatie. Het gemiddelde van €175 is daarom geen vast bedrag waarop iedere nieuwe aanvrager automatisch recht heeft.
Naar schatting 170.000 nieuwe huishoudens
Bij de invoering raamde de
Rijksoverheid dat ongeveer 170.000 huishoudens voor het eerst voor huurtoeslag in aanmerking zouden komen. Het gaat vooral om mensen met een lager inkomen die een woning huren boven de voormalige huurgrens.
Voor veel van die huurders kan het verschil aanzienlijk zijn. Een gemiddelde toeslag van €175 per maand komt neer op €2.100 per jaar. Maar ook een lager bedrag kan de druk van de maandelijkse woonlasten merkbaar verminderen.
Juist daarom is het verstandig om niet op basis van de oude regels aan te nemen dat een aanvraag zinloos is. Wie in het verleden werd afgewezen omdat de woning te duur was, kan in 2026 een heel andere uitkomst krijgen.
Ook voor 21- en 22-jarigen verandert er veel
De leeftijdsgrens voor de volledige huurtoeslag is eveneens aangepast. Jongeren kregen voorheen pas vanaf 23 jaar te maken met de gewone rekenregels. Sinds 2026 ligt die grens op 21 jaar.
Voor jongeren onder de 21 wordt de toeslag berekend over maximaal €498,20. Zij kunnen overigens ook bij een hogere huur een aanvraag doen, zolang aan de overige voorwaarden wordt voldaan. Het deel van de huur boven €498,20 wordt dan niet meegenomen in de berekening.
Jongeren van 21 en 22 jaar kunnen sinds dit jaar eerder volledige huurtoeslag ontvangen. Dat kan vooral verschil maken voor werkende jongeren, studenten met voldoende zelfstandige woonruimte en jongvolwassenen die noodgedwongen een relatief dure woning huren.
Servicekosten tellen niet meer mee
Er zit ook een nadeel aan de nieuwe regeling. Gemeenschappelijke servicekosten tellen sinds 2026 niet meer mee voor de huurtoeslag. Het gaat bijvoorbeeld om kosten voor de schoonmaak of verlichting van gezamenlijke ruimten, een huismeester of het energieverbruik van een lift.
Voor de berekening kijkt Dienst Toeslagen nu naar de kale huur. Ongeveer 20 procent van de bestaande ontvangers zou hierdoor volgens de eerdere raming gemiddeld €9 per maand minder krijgen.
Controleer daarom of de huurprijs bij Mijn Toeslagen correct is doorgegeven. Het bedrag op de bankafschrijving is niet altijd hetzelfde als de kale huur die voor de berekening moet worden gebruikt.
Maak eerst een proefberekening
De snelste manier om duidelijkheid te krijgen is een
proefberekening voor toeslagen maken. Daarvoor zijn in ieder geval de kale maandhuur, het geschatte jaarinkomen en informatie over de samenstelling van het huishouden nodig.
Gebruik een realistische schatting van het inkomen over heel 2026. Wie het inkomen te laag inschat, kan later een deel van de ontvangen toeslag moeten terugbetalen. Verandert het salaris, het aantal bewoners of de huur gedurende het jaar, pas de gegevens dan zo snel mogelijk aan.
Wie uit de proefberekening ziet dat er recht bestaat, kan de toeslag via Mijn Toeslagen aanvragen. Daarvoor is DigiD nodig.
Laat de oude huurgrens je niet tegenhouden
Het belangrijkste misverstand is dat een huur boven €932,93 iedere aanvraag onmogelijk maakt. Dat is niet meer zo. Het bedrag blijft relevant voor de berekening, maar niet langer als deur die automatisch dichtgaat.
Voor huurders die iedere maand moeite hebben om de woonlasten op te brengen, kan opnieuw controleren daardoor honderden of zelfs duizenden euro’s per jaar opleveren. Zeker wie in 2025 nog geen recht had vanwege een te hoge huur, doet er verstandig aan de berekening met de regels van 2026 opnieuw te maken.