Kraamzorg zit in het basispakket en je hebt recht op minimaal 24 en maximaal 80 uur. Uit een enquête van Radar blijkt dat 69% van de kraamvrouwen minder uren kreeg dan het basispakket voorschrijft.
Het gaat om een enquête onder het Radar Panel van AVROTROS. Vooraf was vaak 49 uur toegezegd, maar na de bevalling bleek dat soms de helft te worden, of zelfs minder dan het wettelijke minimum van 24 uur. Als argument wordt personeelstekort genoemd. Radar legt de uitkomsten in de uitzending van
maandag 12 oktober voor aan minister Sophie Hermans van VWS.
Ben je zwanger of net bevallen, dan wil je weten waar je recht op hebt en wat je kunt doen als het aantal uren niet klopt. Hieronder staat hoe de regels in elkaar zitten en welke stappen je kunt zetten.
Zoveel uur kraamzorg staat er in het basispakket
Je hebt recht op minimaal 24 en maximaal 80 uur kraamzorg. Hoeveel uur jij nodig hebt, volgt uit het
Landelijk Indicatieprotocol Kraamzorg, kortweg LIP. Tijdens de zwangerschap krijg je een eerste inschatting, vaak 49 uur. Meteen na de bevalling bepaalt de kraamverzorgende samen met de verloskundige hoeveel uur je echt krijgt.
Dat betekent ook dat 24 uur een ondergrens is. Wie na de bevalling minder dan 24 uur krijgt, zit onder wat het basispakket als minimum noemt. Dat is precies het geval dat Radar in de enquête beschrijft.
Dit betaal je zelf: €5,70 per uur
Voor kraamzorg thuis geldt in 2026 een
wettelijke eigen bijdrage van €5,70 per uur. Bij 49 uur kom je daarmee uit op €279,30. Heb je een aanvullende verzekering die de eigen bijdrage vergoedt, dan betaal je dit niet zelf.
Kraamzorg valt niet onder het eigen risico. Je hoeft dus niet eerst een bedrag uit je eigen risico te betalen voordat de
zorg wordt vergoed.
Een rekenvoorbeeld: stel dat je in plaats van de 49 uur die je was toegezegd 24 uur krijgt. Dan komt de eigen bijdrage bij €5,70 per uur uit op €136,80. Je betaalt de eigen bijdrage per geleverd uur, dus controleer op de nota of het aantal uren overeenkomt met wat er daadwerkelijk bij je is geweest.
Het aantal uren daalt al jaren
De klachten uit de enquête staan niet op zichzelf. Het Zorginstituut liet in een
rapport van 26 maart 2026 zien dat het gemiddelde aantal uren kraamzorg daalde van 48,3 in 2017 naar 44,4 in 2023. In dezelfde cijfers kreeg 5,9% van de gezinnen minder dan 24 uur.
Bij kwetsbare gezinnen is het verschil groot. Van hen kreeg 21% minder dan 24 uur, tegenover 8% bij de andere gezinnen. Juist gezinnen die extra ondersteuning kunnen gebruiken, komen dus vaker onder het minimum uit.
Zo pak je het aan als je minder uren krijgt
Je zorgverzekeraar heeft een zorgplicht. Die moet ervoor zorgen dat je de verzekerde zorg ook daadwerkelijk krijgt. Je kunt dus niet alleen bij de kraamzorgorganisatie terecht, maar ook bij je verzekeraar, die kan bemiddelen. Met de volgende stappen sta je sterker:
- Laat de indicatie en het afgesproken aantal uren vastleggen, bij voorkeur al tijdens de zwangerschap.
- Houd bij hoeveel uur kraamzorg er daadwerkelijk is geleverd.
- Krijg je minder uren dan is afgesproken, bel dan de kraamzorgorganisatie en vraag wat de reden is en of er alsnog uren kunnen worden ingepland.
- Komt er geen oplossing, bel dan je zorgverzekeraar en vraag om zorgbemiddeling.
- Blijft het probleem bestaan, dien dan een klacht in bij de kraamzorgorganisatie. Komen jullie er samen niet uit, dan kun je terecht bij de geschillencommissie.
Doe dit liever vroeg dan laat. Hoe eerder de organisatie en je verzekeraar weten dat het aantal uren niet klopt, hoe groter de kans dat er tijdens de kraamperiode nog iets te regelen valt.
Vraag bij je volgende gesprek met de verloskundige of de kraamzorgorganisatie om een schriftelijke bevestiging van je indicatie. Heb je die in handen, dan kun je na de bevalling nagaan of het geleverde aantal uren klopt en weet je waarmee je naar je zorgverzekeraar kunt gaan.