Afbeelding gemaakt met ChatGPT van OpenAI

Medicijnen uit het basispakket? Je kunt in 2026 toch €635 zelf moeten betalen

Economie07 aug , 19:30

Wilt u DDS vaker zien?

Stel DDS in als voorkeursbron op Google.

Voeg DDS toe op Google
Een medicijn wordt vergoed door de basisverzekering. Daarmee lijkt de financiële kwestie afgedaan. Toch kan er na het ophalen bij de apotheek een rekening volgen die aanzienlijk hoger is dan verwacht.
In een uiterst ongunstig geval kan een volwassene in 2026 voor een medicijn maximaal €250 aan wettelijke eigen bijdrage betalen en daarnaast worden aangeslagen voor het verplichte eigen risico van €385. Samen is dat €635.
Dat betekent niet dat ieder recept voortaan €635 kost. Het bedrag ontstaat alleen wanneer voor het specifieke medicijn een eigen bijdrage geldt én het verplichte eigen risico nog niet eerder in het jaar is verbruikt. Het verschil tussen die twee begrippen is daarbij belangrijk.

Eerst de eigen bijdrage, daarna het eigen risico

De eigen bijdrage en het eigen risico worden nogal eens door elkaar gehaald. Het zijn echter twee afzonderlijke bedragen.
Voor sommige geneesmiddelen heeft de overheid een maximale vergoeding vastgesteld. Is een middel duurder dan de vergoedingslimiet, dan moet de verzekerde het verschil zelf betalen. Dat is de wettelijke eigen bijdrage. Voor geneesmiddelen is die bijdrage begrensd op maximaal €250 per persoon per kalenderjaar.
Daarna komt het eigen risico in beeld. De kosten van het medicijn die wél onder de basisverzekering vallen, kunnen worden verrekend met het nog openstaande verplichte eigen risico. Voor volwassenen bedraagt dat in 2026 €385.
De volgorde is volgens de uitleg van de Rijksoverheid steeds hetzelfde: eerst wordt de eigen bijdrage berekend, daarna het verplichte eigen risico en vervolgens - als iemand daarvoor heeft gekozen - het vrijwillige eigen risico.

Zo ontstaat het bedrag van €635

De overheid gebruikt een medicijn van €1.200 als rekenvoorbeeld. Van dat middel valt €500 binnen de vergoeding van de basisverzekering. Het verschil zou normaal gesproken €700 bedragen, maar doordat de wettelijke eigen bijdrage voor geneesmiddelen maximaal €250 per jaar is, blijft de bijdrage voor de patiënt bij €250.
Van het verzekerde gedeelte valt vervolgens €385 onder het verplichte eigen risico. De patiënt betaalt in dit voorbeeld dus €250 plus €385: in totaal €635. De zorgverzekeraar neemt de resterende €565 voor zijn rekening.
Dat is een maximumberekening. Wie eerder dat kalenderjaar al €300 van het eigen risico heeft gebruikt, heeft nog maar €85 openstaan. Bij hetzelfde geneesmiddel zou de rekening dan uitkomen op €250 eigen bijdrage plus €85 eigen risico.
Is het verplichte eigen risico al volledig opgebruikt, dan kan het medicijn niet nogmaals €385 aan verplicht eigen risico veroorzaken. De eigen bijdrage kan nog wel verschuldigd zijn, zolang de jaarlijkse grens van €250 niet eerder is bereikt.
Voor kinderen onder de achttien jaar geldt geen verplicht eigen risico. Ook daardoor kan de persoonlijke uitkomst anders zijn dan in het voorbeeld.

Niet voor ieder medicijn geldt een bijdrage

De kop van dit artikel bevat bewust het woord “kunt”. Lang niet ieder geneesmiddel leidt tot een eigen bijdrage. Veel medicijnen worden volledig binnen de geldende vergoedingslimiet geleverd.
Geneesmiddelen met een vergelijkbare werking worden in het Geneesmiddelenvergoedingssysteem vaak in groepen geplaatst. Binnen zo’n groep kan een maximale vergoeding gelden. Is het voorgeschreven merk duurder dan die limiet, dan ontstaat mogelijk een bedrag dat de patiënt zelf moet bijbetalen.
Soms is er een goedkoper, inhoudelijk vergelijkbaar middel beschikbaar waarvoor geen eigen bijdrage geldt. De arts of apotheker kan uitleggen of overstappen medisch verantwoord en praktisch mogelijk is. Stop nooit zelf met een voorgeschreven medicijn en kies niet op eigen houtje een alternatief.
Wie vooraf wil weten hoe een bepaald geneesmiddel wordt vergoed, kan het middel opzoeken via Medicijnkosten.nl. Daar staat onder meer of een middel in het basispakket zit en of er mogelijk een eigen bijdrage geldt. De uiteindelijke rekening kan daarnaast afhangen van de polisvoorwaarden, de apotheek en het resterende eigen risico.

Een vrijwillig eigen risico kan de rekening verhogen

Sommige mensen kiezen bij het afsluiten van hun zorgverzekering voor een vrijwillig eigen risico. In ruil daarvoor krijgen zij korting op de maandelijkse premie. Wie weinig zorg verwacht, kan daarmee op jaarbasis geld besparen.
Zodra er onverwacht dure medicijnen of ziekenhuiszorg nodig zijn, kan die keuze echter hard aankomen. Na de eigen bijdrage en het verplichte eigen risico kan ook het nog openstaande vrijwillige eigen risico worden aangesproken.
Het totaal dat iemand in een kalenderjaar zelf betaalt, kan daardoor hoger liggen dan de genoemde €635. Dat extra bedrag komt dan niet doordat de maximale medicijnbijdrage boven €250 uitstijgt, maar door het vrijwillig verhoogde eigen risico.
Controleer daarom niet alleen de medicijnprijs. Kijk ook hoeveel verplicht en vrijwillig eigen risico nog openstaat. In de app of online omgeving van de zorgverzekeraar is dat doorgaans terug te vinden.

Vraag vóór het afrekenen om uitleg

Komt de apotheekrekening onverwacht, vraag dan om een uitsplitsing. Het moet duidelijk zijn welk deel eigen bijdrage is, welk deel onder het eigen risico valt en welk bedrag de verzekeraar vergoedt.
Informeer bij een hoge eigen bijdrage ook of er een goedkoper vergoed alternatief bestaat. Dat is geen beslissing die uitsluitend op prijs moet worden genomen: de voorschrijver en apotheker moeten beoordelen of het alternatief passend is.
“Vergoed vanuit het basispakket” betekent kortom niet automatisch dat je zelf niets hoeft te betalen. Door de combinatie van twee verschillende regelingen kan de rekening oplopen tot €635. Wie dat onderscheid vooraf kent, wordt bij de apotheek in ieder geval niet overvallen door een bedrag dat op het eerste gezicht onmogelijk leek.
Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading