Huishoudens die een groot deel van hun inkomen kwijt zijn aan gas en elektriciteit, kunnen dit najaar opnieuw een beroep doen op het Noodfonds Energie. Het kabinet heeft daarvoor €193 miljoen beschikbaar gesteld. Naar verwachting kunnen ongeveer 500.000 huishoudens worden geholpen. Het gaat niet uitsluitend om mensen rond het absolute minimum. Onder bepaalde voorwaarden kunnen ook alleenstaanden en stellen met een hoger bruto inkomen in aanmerking komen.
Inkomen én energierekening tellen mee
Het fonds kijkt naar twee zaken:
-
het gezamenlijke bruto maandinkomen;
-
het percentage van dat inkomen dat aan de energierekening wordt besteed.
Wie maximaal 130 procent van het sociaal minimum verdient, komt mogelijk in aanmerking wanneer de
energierekening minimaal 8 procent van het bruto inkomen bedraagt.
Voor huishoudens tussen 130 en 200 procent van het sociaal minimum geldt een hogere energiedrempel van 10 procent.
| Huishouden | Tot 130% sociaal minimum | Tot 200% sociaal minimum |
| Alleenstaande | €2.327 bruto | €3.580 bruto |
| Samenwonenden | €3.250 bruto | €5.000 bruto |
De bedragen zijn inclusief vakantiegeld. Een inkomen onder de grens is op zichzelf niet voldoende: de energierekening moet eveneens hoog genoeg zijn.
Rekenvoorbeeld bij een alleenstaande
Een alleenstaande verdient €2.000 bruto per maand. Dat valt onder 130 procent van het sociaal minimum.
De energierekening moet dan minimaal 8 procent van het inkomen bedragen:
8 procent van €2.000 = €160.
Stel dat de werkelijke energierekening €200 per maand is. Het bedrag boven de grens is dan:
€200 min €160 = €40.
Het Noodfonds vergoedt volgens de aangekondigde systematiek de helft van dat meerdere. De maandelijkse tegemoetkoming komt in dit voorbeeld uit op:
50 procent van €40 = €20.
Het fonds neemt dus niet de volledige energierekening over. De vergoeding is afhankelijk van het deel dat boven de vastgestelde grens uitkomt.
Rekenvoorbeeld voor samenwonenden
Een stel heeft samen een bruto maandinkomen van €4.000. Dit ligt boven 130 procent, maar onder 200 procent van het sociaal minimum.
Daardoor geldt de grens van 10 procent:
10 procent van €4.000 = €400.
Bij een energierekening van €450 is het meerdere €50. De helft daarvan is €25.
Hoewel een rekening van €450 zeer hoog is, blijft de vergoeding in dit voorbeeld dus beperkt. Het Noodfonds is bedoeld als gerichte tegemoetkoming en niet als volledige compensatie van hoge tarieven of een slecht geïsoleerde woning.
Wanneer kun je een aanvraag indienen?
De exacte openingsdatum is nog niet bekend. Naar verwachting volgt in september meer informatie. Het fonds zou ditmaal minimaal vier maanden openblijven, zodat huishoudens voldoende tijd krijgen om een aanvraag te doen.
Wie mogelijk aan de voorwaarden voldoet, kan ondertussen alvast gegevens verzamelen:
-
recente salarisstroken of uitkeringsspecificaties;
-
de meest recente energierekening;
-
het termijnbedrag;
-
gegevens van alle volwassen bewoners;
-
en informatie over de energieleverancier.
Controleer voor de opening altijd de definitieve voorwaarden via de
officiële website van het Noodfonds Energie. Er kunnen nog details veranderen voordat aanvragen daadwerkelijk worden geaccepteerd.
Pas op voor valse aanvragen en betaalverzoeken
Bij eerdere steunregelingen maakten oplichters gebruik van nepwebsites, e-mails en berichten via sociale media. Een aanvraag bij een overheids- of steunfonds hoort niet te beginnen met een onverwacht betaalverzoek.
Klik daarom niet zomaar op advertenties of links uit sms-berichten. Ga zelf naar de officiële website en controleer het webadres zorgvuldig.
De belangrijkste boodschap is dat meer huishoudens binnen de inkomensgrenzen kunnen vallen dan vaak wordt gedacht. Maar pas wanneer zowel het inkomen als de energielast aan de voorwaarden voldoet, ontstaat mogelijk recht op ondersteuning.