Volgens bronnen tegenover
De Telegraaf verliest
Tata Steel 1600 voltijdbanen, wat neerkomt op 1800 mensen. De bom is gebarsten. Werknemersorganisaties noemen het “schandalig” en spreken van een paniekactie die alleen maar onrust zaait. En geef ze eens ongelijk: nog geen week geleden sloten de bonden een crisis-cao met Tata, compleet met een zielige eenmalige uitkering van €300 in plaats van echte loonsverhoging. Wat een klap in het gezicht van de mensen die keihard werken om dit land draaiende te houden.
Tata Steel zit in de financiële penarie, en niet zo’n beetje ook. Een verlies van €556 miljoen over het boekjaar tot maart 2024, een schuld die opliep tot €600 miljoen, en een kas die van €849 miljoen naar een schamele €104 miljoen kromp. En dan moet het bedrijf ook nog miljarden pompen in “groen staal” – lees: onbetaalbare onzin om de klimaatfanaten in Den Haag en Brussel te pleasen. Alsof dat niet genoeg is, krijgt de Europese staalindustrie klap na klap: goedkoop Chinees staal overspoelt de markt, en Trumps importtarief van 25% hakt er keihard in. De VS is goed voor 12% van Tata’s omzet, dus reken maar uit wat dat betekent. Maar laten we eerlijk zijn: de echte boosdoener is de
energietransitie. Torenhoge energiekosten en CO2-belastingen maken het onmogelijk om te concurreren. Dit is wat je krijgt als je ideologie boven gezond verstand stelt.
De linkse elite zal wel weer juichen: “Groen is goed!” Terwijl 1800 gezinnen straks zonder inkomen zitten. Dit is het ware gezicht van de
energietransitie: banenverlies, armoede en een kapotgeslagen industrie. En wat doet Den Haag? Niets, zoals altijd.
Tata Steel is slechts het zoveelste slachtoffer van een beleid dat Nederland sloopt. Hoelang laten we dit nog doorgaan?