Wie geen recht heeft om in Nederland te blijven, moet vertrekken. Dat zou het eenvoudigste en meest vanzelfsprekende uitgangspunt van ieder immigratiebeleid moeten zijn. In
Europa is zelfs dat principe echter veranderd in een juridisch moeras waarin advocaten, ngo’s, rechters, commissies en internationale organisaties telkens nieuwe blokkades kunnen opwerpen.
Nederland werkt samen met Duitsland, Oostenrijk, Denemarken en Griekenland aan terugkeerhubs buiten de Europese Unie. Daar kunnen afgewezen asielzoekers en andere vreemdelingen zonder verblijfsrecht worden ondergebracht wanneer rechtstreeks vertrek naar het land van herkomst niet mogelijk is.
Nog voordat die centra goed en wel bestaan, staat de
Raad van Europa alweer klaar met waarschuwingen, eisen en juridische vangrails.
Vier nieuwe lagen controle
Mensenrechtencommissaris Michael O’Flaherty verlangt dat ieder plan voor terugkeerhubs vooraf wordt onderworpen aan een uitgebreide risicoanalyse. Vervolgens moet er voortdurend onafhankelijk toezicht komen. Afspraken met het ontvangende land moeten juridisch bindend zijn en alle beoordelingen, overeenkomsten en controles moeten onderworpen kunnen worden aan parlementaire, rechterlijke en publieke toetsing.
Dat staat in de brief die de
Raad van Europa aan de vijf landen heeft gestuurd.
Voor alle duidelijkheid: de Raad van Europa is niet hetzelfde als de Europese Unie. Het is een afzonderlijke organisatie van 46 landen die toeziet op mensenrechten, democratie en rechtsstaat.
Maar ook buiten de
EU bestaat dus een complete bestuurlijke industrie die zich met elk onderdeel van het nationale migratiebeleid bemoeit.
DE ASIELINDUSTRIE BESCHIKT OVER SUBSIDIES, NGO’S, ADVOCATEN EN INTERNATIONALE ORGANISATIES. DDS beschikt alleen over zijn lezers. Help ons de permanente juridische oorlog tegen effectief grensbeleid bloot te leggen. Doneer via IBAN NL95 RABO 0159 0983 27, t.n.v. Liberty Media. Jouw steun houdt ons onafhankelijk van overheid en kartel.
Een afwijzing moet weer iets betekenen
Het Europees Parlement stemde in juni in met nieuwe regels voor de terugkeer van illegaal verblijvende derdelanders. De
nieuwe regeling maakt het mogelijk om mensen in bewaring te stellen wanneer zij dreigen onder te duiken en om terugkeer naar een derde land te organiseren via zogeheten terugkeerhubs.
Dat is een noodzakelijke stap. Het Europese asielstelsel lijdt al jaren onder een fundamenteel probleem: een afwijzing betekent in de praktijk vaak helemaal geen vertrek.
Mensen verdwijnen uit beeld, beginnen een nieuwe procedure, beroepen zich op medische omstandigheden, krijgen alsnog uitstel of blijven simpelweg illegaal in Europa wonen. Landen van herkomst weigeren geregeld hun eigen burgers terug te nemen.
Daardoor wordt de hele asielprocedure een toneelstuk. De staat doet alsof hij aanvragen beoordeelt, maar kan een negatief besluit vervolgens nauwelijks uitvoeren.
Een rechtsstaat die zijn eigen definitieve beslissingen niet kan afdwingen, ondermijnt zichzelf.
Mensenrechten mogen geen permanent vetorecht worden
Natuurlijk moeten terugkeercentra fatsoenlijk worden beheerd. Niemand pleit voor mishandeling of wetteloosheid. Maar de eisen van mensenrechtenorganisaties mogen niet worden gebruikt om iedere praktische vorm van terugkeer zo duur, traag en juridisch kwetsbaar te maken dat geen enkel land er nog aan begint.
Dat risico is levensgroot.
Een risicoanalyse leidt tot bezwaar. Een bezwaar leidt tot een procedure. Een procedure leidt tot een voorlopige voorziening. Vervolgens wordt de overeenkomst aangepast en begint het hele circus opnieuw.
Ondertussen blijft de uitgeprocedeerde vreemdeling in Nederland en draait de belastingbetaler op voor opvang, juridische bijstand, zorg en toezicht.
Volgens
Reuters wil Nederland voor het einde van het jaar concrete stappen zetten met de terugkeerhubs. Het kabinet moet zich daarbij niet opnieuw laten verlammen door de voorspelbare juridische tegenstand.
Nederland moet doorpakken
Terugkeerhubs zijn geen wondermiddel. Ze lossen niet automatisch alle problemen van illegaal verblijf en falende uitzetting op. Maar ze bieden wel een manier om de belangrijkste perverse prikkel te doorbreken: de gedachte dat wie eenmaal Europa bereikt, vrijwel altijd kan blijven.
Wanneer afgewezen asielzoekers daadwerkelijk buiten de EU worden ondergebracht, verandert die berekening. Mensensmokkelaars kunnen niet langer garanderen dat de oversteek uiteindelijk tot een langdurig verblijf in Nederland, Duitsland of België leidt.
Juist daarom is de weerstand zo fel. Het huidige systeem is gebouwd rond aanwezigheid. Zolang iemand zich op Europees grondgebied bevindt, kan een enorm juridisch netwerk worden geactiveerd om vertrek te voorkomen.
Terugkeerhubs doorbreken dat mechanisme. Daarom moeten ze niet alleen worden onderzocht, maar zo snel mogelijk worden uitgevoerd.
Het kabinet moet elementaire veiligheidseisen vastleggen, duidelijke afspraken maken met betrouwbare derde landen en vervolgens beginnen.
Niet nog vijf jaar praten. Niet een nieuwe staatscommissie. Niet wachten tot iedere ngo en internationale functionaris tevreden is.
Wie na een zorgvuldige procedure geen recht heeft op verblijf, moet Nederland verlaten. Zonder dat uitgangspunt bestaat er geen immigratiebeleid, maar alleen een steeds groter opvangsysteem.
WIJ LATEN ONS NIET INTIMIDEREN DOOR DE MORELE CHANTAGE VAN DE OPEN-GRENZENLOBBY. DDS blijft eisen dat Nederlandse wetten, grenzen en uitzettingsbesluiten weer werkelijk iets betekenen. Steun die strijd via BackMe. Met jouw hulp bouwen wij verder aan het grootste onafhankelijke rechtse mediageluid van Nederland.