Dankzij Rob Jetten betaal jij jaarlijks duizenden euro’s te veel.
Jetten kreeg als minister voor Klimaat en Energie één missie: Nederland
koploper maken. Het moest groter, duurder, ambitieuzer. Daarom kwam er een
klimaatfonds van 28 miljard euro. Geen abstract getal, maar geld dat
uiteindelijk bij burgers en bedrijven vandaan komt. Wat kreeg Nederland voor die 28 miljard? Een wirwar aan subsidies, regelingen, pilots, adviestrajecten,
loketten en communicatiecampagnes. Een systeem waarin geld verdwijnt in
structuren, processen en goede bedoelingen. Heel veel papier. Heel weinig tastbaar resultaat.
Volgens de officiële rekensommen zou het beleid leiden tot
ongeveer 22 megaton CO₂-reductie per jaar. Dat klinkt indrukwekkend in een
persbericht, maar het staat in geen verhouding tot de gigantische bedragen die
ervoor zijn vrijgemaakt. De kosten zijn keihard. Het effect is grotendeels
theoretisch.
En nu komt het meest ontluisterende deel. Want plotseling lijkt die klimaatnoodtoestand een stuk minder
urgent. Dezelfde Rob Jetten die klimaat presenteerde als dé existentiële
crisis van onze tijd, schuift nu zonder aarzeling door naar een nieuw
speerpunt: defensie. Meer geld. Hogere budgetten. Nieuwe miljarden.
Precies daar breekt de geloofwaardigheid. Als klimaat werkelijk zo existentieel en allesoverheersend was als
jarenlang werd verkondigd, dan parkeer je dat niet zodra een ander thema
politiek dominant wordt. Dan wissel je geen moreel absoluut verhaal in voor de
volgende prioriteit van de dag.
Wat zien we hier gebeuren? Niet consistent leiderschap, maar politieke meebeweging. Geen visie, maar thema-rotatie. Niet lange termijnstrategie, maar headline-politie. Jetten heeft het land jarenlang verteld dat geld geen excuus mocht
zijn. Dat alles moest wijken voor klimaat. Dat offers noodzakelijk waren. En nu
moet er opnieuw miljarden bij, maar dan voor defensie.
Dus was geld onbeperkt? Of was die morele urgentie vooral selectief? Dit patroon laat het echte probleem zien. Vandaag is iets “historisch noodzakelijk”. Morgen is iets anders “absoluut prioritair”. Overmorgen volgt het volgende miljardenproject. Steeds dezelfde
ingrediënten: grote woorden, grote bedragen, minimale verantwoording.
Intussen blijft de simpele vraag hangen: Wat heeft die 28 miljard Nederland concreet, blijvend en meetbaar
opgeleverd? De afsluitende vraag is onvermijdelijk: Hoe is het in vredesnaam mogelijk dat dit soort politieke
wispelturigheid wordt verkocht als leiderschap?