Afbeelding gemaakt met ChatGPT van OpenAI

Werkgever wilde zonder vergoeding van hem af: rechter kent werknemer ruim €44.000 toe

Economie•

Wilt u DDS vaker zien?

Stel DDS in als voorkeursbron op Google.

Voeg DDS toe op Google
Volg ons op Google Nieuws
Een werkgever wilde van een 51-jarige werknemer af zonder hem een transitievergoeding te betalen. De verwijten waren stevig: hij zou onvoldoende functioneren, slecht communiceren en zelf op een arbeidsconflict aansturen. De kantonrechter ging niet mee in het schrappen van de vergoeding. De werknemer krijgt €44.114,85 bruto.
Zijn baan behoudt hij niet. De rechter laat de arbeidsovereenkomst op 1 november 2026 eindigen, omdat de verhouding duurzaam is verstoord. Daarnaast moet de werkgever €3.823 bruto voor openstaande verlofuren en resterend vakantiegeld betalen. Het conflict rechtvaardigt in deze zaak wel het vertrek, maar niet het verlies van de transitievergoeding.

Sinds 2007 in dienst, steeds meer ergernis

De werknemer werkte sinds 1 oktober 2007 bij het bedrijf en zijn voorgangers. De onderneming produceert en verkoopt onder meer meststoffen. Na verschillende functiewijzigingen werkte hij vanaf januari 2025 als productspecialist.
Uit de correspondentie in het dossier blijkt dat de samenwerking al langere tijd moeizaam verliep. Leidinggevenden spraken hem aan op de voorbereiding van zijn werk, zijn planning en zijn manier van communiceren.
De werknemer was op zijn beurt ontevreden over reorganisaties en afspraken die volgens hem niet werden nagekomen. Hij kondigde aan elders werk te zoeken en stelde op een gegeven moment een ultimatum over een salarisverhoging. Ook werd gesproken over vertrek met een vaststellingsovereenkomst, maar partijen bereikten geen akkoord.
In de gepubliceerde uitspraak over het arbeidsconflict beoordeelt de kantonrechter afzonderlijk of de werknemer moest vertrekken en welke vergoedingen daarbij hoorden.

Kritiek was nog geen bewezen disfunctioneren

De werkgever wees vooral op problemen met communicatie en tijdmanagement. De rechter stelde vast dat de beoordelingen wel verbeterpunten bevatten, maar geen slechte beoordeling van het functioneren als geheel.
Bovendien had de werkgever geen verbetertraject ingezet. Er waren ook geen hulpmiddelen aangeboden, zoals cursussen, om aan de genoemde punten te werken. De werkgever erkende tijdens de zitting dat een verbetertraject was uitgebleven.
Daarom vond de rechter onvoldoende grond voor ontbinding wegens disfunctioneren. Losse kritiekpunten waren hier niet genoeg om die ontslagreden te dragen.
Dat was geen volledige vrijspraak voor de werknemer. Zijn manier van reageren was volgens de rechter te ongenuanceerd. Het ultimatum over de loonsverhoging ging te ver en kon de verhoudingen verder op scherp hebben gezet. Maar ook dat maakte zijn gedrag niet ernstig verwijtbaar.

De arbeidsrelatie was wel voorbij

Over één punt waren werkgever en werknemer het eens: de samenwerking was duurzaam verstoord. Herplaatsing lag daardoor volgens de rechter niet in de rede.
De arbeidsovereenkomst eindigt daarom op 1 november. Bij het bepalen van die datum hield de kantonrechter rekening met de opzegtermijn en de duur van de procedure.
Voor de werknemer bleef het recht op een transitievergoeding bestaan. De beëindiging gebeurde op initiatief van de werkgever en er was geen ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer vastgesteld.
De voorwaarden voor een transitievergoeding maken dat onderscheid belangrijk. Bij ontslag door de werkgever bestaat meestal recht op die vergoeding. Ernstig verwijtbaar gedrag van de werknemer kan daarop een uitzondering zijn. Dat een werkgever zulke verwijten maakt, betekent nog niet dat ze ook bewezen zijn.

Ruim €44.000 bruto, maar geen extra schadevergoeding

De rechter berekende de transitievergoeding op €44.114,85 bruto. De werknemer had zelf een hoger bedrag berekend, maar kreeg niet op alle onderdelen gelijk over het salaris en de bonus die in de beoordeling een rol speelden.
Zijn verzoek om €153.412 bruto aan extra billijke vergoeding werd afgewezen. Daarvoor had hij moeten onderbouwen dat de werkgever ernstig verwijtbaar had gehandeld. Volgens de kantonrechter was daarvan geen sprake. Beide partijen hadden bijgedragen aan het ontstaan van het conflict.
De toegekende transitievergoeding is dus geen boete voor de werkgever en geen nettobedrag. Ook mag het afgewezen verzoek van ruim €153.000 niet bij de uitkomst worden opgeteld.

Kijk ook naar de eindafrekening

Naast de transitievergoeding stonden nog 100 verlofuren open. Daarvoor wees de kantonrechter €3.823 bruto toe. Ook moest de werkgever het nog verschuldigde vakantiegeld afrekenen.
Controleer bij een vertrek daarom afzonderlijk de vergoeding, het verlofsaldo en het vakantiegeld. Ook bij een vaststellingsovereenkomst kunnen openstaande verlofdagen nog moeten worden uitbetaald; de precieze afspraken zijn daarbij belangrijk.
Laat een voorstel waarin staat dat je geen vergoeding krijgt controleren voordat je tekent. Bewaar beoordelingen, waarschuwingen en correspondentie over begeleiding of verbetering. Die stukken kunnen laten zien waarop de verwijten berusten en wat er daadwerkelijk is gedaan om problemen op te lossen.
Wordt een verschuldigde transitievergoeding niet betaald, dan noemt de Rijksoverheid een termijn van drie maanden na het einde van het dienstverband om naar de rechter te gaan. Wacht bij een geschil over de betaling dus niet tot die termijn bijna verstreken is.
Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading