Wie spaargeld heeft en nog inkomstenbelasting moet betalen, doet er goed aan de voorlopige aanslag nu te controleren. Een tijdige aanvraag kan onder voorwaarden voorkomen dat belastinggeld dat nog op je rekening staat, meetelt bij de forfaitaire box 3-berekening op 1 januari 2027. Eén voorwaarde is een aanvraag uiterlijk acht weken vóór het einde van 2026. Die termijn komt begin november dichtbij. Vooral als je geld hebt gereserveerd voor een verwachte aanslag, is dit een aandachtspunt. Op je bankrekening ziet dat bedrag er hetzelfde uit als je overige spaargeld. Voor de belastingheffing is de bestemming die je zelf aan het geld geeft echter niet genoeg.
Je kunt dus niet simpelweg zeggen: dit geld is straks voor de fiscus, daarom laat ik het weg uit mijn vermogen.
Belastinggeld op je rekening kan meetellen
De
Belastingdienst legt uit dat nog te betalen
belastingen normaal gesproken geen aftrekbare schuld in box 3 zijn. Voor erfbelasting geldt een afzonderlijke uitzondering.
Bij inkomstenbelasting bestaat daarnaast een goedkeuring voor bepaalde situaties waarin de Belastingdienst te laat is met het opleggen van de aanslag. Je verlaagt dan onder voorwaarden de waarde van je banktegoeden op de peildatum. Dat werkt anders dan een gewone schuld opvoeren.
Het praktische belang zit in de jaarwisseling. Geld dat vóór 1 januari 2027 daadwerkelijk aan de fiscus is betaald, staat op die datum niet meer op je bankrekening. Ontvang je de aanslag te laat om nog te kunnen betalen, dan kan de goedkeuring uitkomst bieden.
De aanvraag moet op tijd binnen zijn
Het
officiële Box 3-besluit van 4 september 2026 stelt voorwaarden aan die route. Een verzoek om een voorlopige of aanvullende voorlopige aanslag moet uiterlijk acht weken vóór het einde van het kalenderjaar zijn ingediend. Deze verzoekroute geldt als je voor het betrokken belastingjaar nog geen aangifte hebt gedaan.
Heb je wel al aangifte gedaan, dan kent het besluit een andere termijn: die aangifte moet uiterlijk dertien weken vóór het einde van het kalenderjaar zijn ingediend. Voor de komende jaarwisseling is die termijn inmiddels verstreken. Een later ingediende aangifte valt dus niet alsnog onder de achtwekentermijn voor een verzoek.
Vervolgens moet de aanslag door de verwerking zo laat komen dat je redelijkerwijs niet meer vóór de box 3-peildatum kunt betalen. Zelf wachten met betalen terwijl dat wel kon, voldoet niet aan die voorwaarde.
Het is dus verstandig om de aanvraag deze maand te regelen als die bij je situatie past. De bescherming draait om tijdig indienen én de latere gang van zaken, niet alleen om het hebben van een belastingrekening.
Wat betekent dit voor jou? Reken het in een minuut zelf uit met de gratis
box 3-calculator van Box3Wacht, de rekensite van DDS.
Wat betekent dat bij €5.000 te betalen belasting?
Neem een vereenvoudigd voorbeeld. Je hebt op 1 januari 2027 €80.000 aan banktegoeden. Daarvan is €5.000 bestemd voor inkomstenbelasting. Je hebt tijdig een correcte voorlopige aanslag aangevraagd, maar de aanslag komt door vertraging te laat om vóór de jaarwisseling te betalen.
De aanvraag leidt tot een voorlopige aanslag van €5.000, die je vervolgens betaalt. Als ook de uiteindelijk verschuldigde belasting €5.000 bedraagt en aan alle voorwaarden is voldaan, kunnen de banktegoeden voor deze berekening uitkomen op €75.000: €80.000 min €5.000.
Die €5.000 is geen belastingbesparing. Het is de vermindering van het bedrag aan banktegoeden dat meetelt. Wat dat uiteindelijk aan heffing scheelt, hangt onder meer af van je overige vermogen, je fiscale partnerschap, de toepasselijke vrijstelling en de berekeningsmethode.
Minder vermogen aangeven betekent dus niet dat je hetzelfde bedrag terugkrijgt.
Vul je aanvraag met actuele gegevens in
Een voorlopige aanslag kun je
online aanvragen of wijzigen in Mijn Belastingdienst. Verzamel vooraf je inkomensgegevens en relevante aftrekposten. Controleer ook eventuele vooraf ingevulde gegevens: die kunnen op een eerder jaar zijn gebaseerd.
Bewaar na verzending de ontvangstbevestiging en de gegevens van je aanvraag. Bewaar daarnaast de aanslag en het betalingsbewijs. Daarmee kun je later terugvinden wanneer je hebt aangevraagd, welk bedrag je verwachtte en wat je werkelijk hebt betaald.
Een bijbetaling kan bijvoorbeeld spelen wanneer je verschillende inkomsten ontvangt. DDS legde eerder uit hoe
AOW en pensioen samen tot een aanvullende belastingrekening kunnen leiden.
De vermindering kent grenzen
De vermindering gaat over het bedrag dat je betaalt op de te laat opgelegde voorlopige aanslag. Het moet zijn gebaseerd op je tijdige verzoek of aangifte en mag niet hoger zijn dan de uiteindelijk verschuldigde belasting. Ook kunnen je banktegoeden door de vermindering niet onder nul uitkomen. Alleen geld reserveren is dus onvoldoende.
Je verwerkt de goedkeuring bij de banktegoeden in je aangifte. Is de aanslag over het jaar waarvoor je deze vermindering wilt al opgelegd, dan kun je de inspecteur schriftelijk of digitaal om vermindering vragen.
Er is bovendien een verschil met de tegenbewijsregeling voor werkelijk rendement. Voor banktegoeden telt daarbij de werkelijk genoten rente; deze goedkeuring verandert die rente niet. Wie daarvoor in aanmerking komt, moet die berekening afzonderlijk beoordelen. Bij oudere aanslagen speelt bovendien een ander aandachtspunt, waarover DDS schreef:
de verwerking van werkelijk rendement bij bepaalde aanslagen over 2022 en 2023.
Voor spaarders met een verwachte aanslag is de concrete stap nu overzichtelijk: controleer of je voorlopige aanslag klopt, dien een noodzakelijke aanvraag tijdig in en leg de datums vast.
Wil je weten wat er verandert aan je AOW, pensioen of box 3? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief van
Box3Wacht, de rekensite van DDS.