Naar inhoud springen
Afbeelding gemaakt met ChatGPT van OpenAI

Alleenstaande vader met ruim €21.700 huurschuld mag met zijn dochter van elf blijven wonen, maar moet vóór december €10.000 betalen

Economie•

Wilt u DDS vaker zien?

Stel DDS in als voorkeursbron op Google.

Voeg DDS toe op Google
Volg ons op Google Nieuws
Een vader met een huurschuld van €21.718,61 krijgt van de Amsterdamse kantonrechter nog een kans om met zijn elfjarige dochter in hun woning te blijven. Het overlijden van haar moeder, het ontbreken van een andere woonplek en zijn verbeterde inkomen wegen mee. De voorwaarden zijn streng: vóór december moet €10.000 zijn betaald en de lopende huur mag niet opnieuw te laat komen.
Dat staat in een vonnis van de rechtbank Amsterdam, uitgesproken op 30 oktober en gepubliceerd op 5 november 2026. De rechter laat de vader niet van zijn schuld afkomen. Hij krijgt een betalingsregeling waarbij één gemiste betaling alsnog tot verlies van de woning leidt.

Opnieuw een flinke achterstand

De vader huurt de woning sinds november 2023. De maandhuur bedraagt €1.686,40 en moet vooraf worden betaald. In 2024 liep hij al een achterstand van €15.893,36 op. Toen kwam er een regeling met zestien maandelijkse termijnen, en die schuld is volgens het vonnis volledig afbetaald.
Daarna ging het opnieuw mis. Sinds oktober 2025 ontstond een nieuwe achterstand en sinds februari 2026 betaalde hij niets meer, ondanks meerdere toezeggingen. Het bedrag over de periode tot en met oktober, €21.718,61, betwistte de vader niet.
Hij legde uit dat hij verpleger is en als zzp'er via een bemiddelaar in de zorg werkte. Die bemiddelaar ging failliet, waarna hij een aantal maanden geen geld kreeg. Daarna kwam er beslag op zijn loon. Tegelijk erkende hij dat hij onzorgvuldig met zijn schulden was omgegaan.
Inmiddels zegt hij in loondienst te werken met een nulurencontract en daarnaast flexwerk te doen, samen gemiddeld zo'n €5.000 per maand. Voor een grote aflossing rekende hij op ongeveer €5.000 uit zijn oude zzp-werk en ongeveer €5.000 die hij van een vriendin kan lenen. De rechter koppelde daar concrete betaaldata aan.

Het belang van zijn dochter weegt zwaar

De achterstand was in beginsel ernstig genoeg om de huur te beëindigen. Volgens de rechter is een achterstand van meer dan drie maanden vaak al genoeg, maar moeten alle omstandigheden worden meegewogen. Bij een ontruiming moeten de belangen van een kind een eerste overweging zijn.
De dochter is elf en haar moeder overleed in mei 2026. De moeder van de vader woont in de buurt en helpt met de zorg als hij werkt. Bij haar kunnen ze niet terecht, omdat zij maar één slaapkamer heeft. Op korte termijn is er volgens de vader geen andere geschikte woonplek.
De rechter vond de stabiliteit van de woning en de omgeving daarom van groot belang. Daarbij komt dat zijn financiële problemen voorbij lijken en dat de schuld met de extra aflossingen binnen een aanvaardbare termijn kan worden ingelopen. Zo pakt de afweging in het voordeel van de vader uit, maar alleen als hij zijn toezeggingen nakomt.
Dat betekent niet dat ieder gezin met kinderen een ontruiming kan tegenhouden. De afweging gaat over dit huishouden en de mogelijkheid om de schuld alsnog af te lossen.

Dit moet de vader precies betalen

De betalingsvoorwaarden laten weinig ruimte. Vanaf 1 november 2026 moet de vader de lopende huur weer op tijd betalen, telkens uiterlijk op de eerste dag van de maand. Uiterlijk op 30 november moet daarnaast €10.000 van de achterstand zijn voldaan.
Voor het resterende bedrag van €11.718,61 geldt vanaf 1 december een aflossing van €500 per maand. Die komt boven op de gewone huur. Bij de huidige maandhuur is dat dus €2.186,40 per maand, en met €500 per maand duurt het aflossen 24 maanden.
Daar komen de proceskosten van €2.010,02 bij, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving. De betalingsregeling wist die kosten niet uit.
Eén punt viel wel in het voordeel van de vader uit. De huurovereenkomst bevatte een boete van €250 per dag, met een maximum van €10.000. De rechter toetste dat uit eigen beweging, vond het oneerlijk tegenover een consument en wees daarom ook de gevorderde wettelijke rente af.

Eén gemiste betaling kost alsnog de woning

Betaalt de vader een van de bedragen niet of te laat, dan is de huur ontbonden, moet hij de woning uit en kan de verhuurder het restant in één keer opeisen. De ontruiming moet dan binnen veertien dagen na betekening van het vonnis gebeuren.
De uitspraak laat zien dat de hoogte van een achterstand op zichzelf niet de hele beoordeling bepaalt. DDS schreef eerder over een huurder bij wie de rechter ontruiming afwees bij een veel kleinere achterstand.
Een achterstand is geen uitzondering: bij woningcorporaties hadden in 2025 122.000 huurders een huurachterstand.
Voor de vader hangt het behoud van de woning nu aan iedere huurbetaling en iedere aflossing. De eerste grote test komt al aan het einde van deze maand: dan moet de €10.000 echt betaald zijn.
Wil je vaker zulke uitleg over je geld op je telefoon? Volg DDS op ons WhatsApp-kanaal.
Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading