Asscher knockout in tweede ronde tegen Wiesenthal Center

Portrait_Lodewijk_Asscher_from_amsterdam.nl
Foto: Mirande Phernambucq / Wikimedia Commons

De Partij van de Arbeid is de vaandeldrager van het politieke anti-Israëlisme in Nederland.

De PvdA doet dat onder andere door de enorme problematiek in delen van de moslimwereld te minimiseren en tegelijkertijd het Palestijns-Israëlisch conflict uit te vergroten tot het belangrijkste conflict in het Midden-Oosten. Daarna schuift ze Israël zoveel mogelijk de schuld voor het ontbreken van vrede in de schoenen en sluit de ogen voor de genocidaire plannen van Hamas, de grootste Palestijnse partij. Daardoor steunt de PvdA indirect deze islamonazi’s (1).

Wie prominent is in de PvdA wordt vrijwel altijd op de een of andere manier met de structurele perversiteit van de partij jegens Israël besmet. Een voorbeeld daarvan was hoe vicepremier Lodewijk Asscher zijn contact met het Simon Wiesenthal Center verbrak. Dat deed hij waarschijnlijk omdat hij geen argumenten meer had om de Nederlandse realiteit te verklaren, zonder de PvdA te beschuldigen.

Het contact tussen Asscher en rabbijn Abraham Cooper, het plaatsvervangend hoofd van het Simon Wiesenthal Center in Los Angeles, begint in april 2013. Cooper, vergezeld door het voormalig Kamerlid Wim Kortenoeven, bezoekt Asscher op zijn Haagse ministerie en brengt enkele onderwerpen ter sprake. Een daarvan is het lot van Mehmet Sahin, de vrijwilliger die enkele jonge Turkse Holocaustontkenners en -promoters, op de tv aan de kaak had gesteld. Vanwege de daaropvolgende bedreigingen uit Turkse kringen moest Sahin onderduiken (2).

Cooper snijdt in die ontmoeting ook de resultaten van de studie van de Universiteit van Bielefeld uit 2011 aan. Daaruit blijkt dat meer dan 38% van de Nederlanders boven de 16 jaar het eens is met de complottheorie dat Israel een vernietigingsoorlog tegen de Palestijnen voert (3). Asscher zegt dat hij die studie niet kent. Hij vraagt aan de rabbijn om hem die toe te sturen. Asscher en Cooper gaan vervolgens samen op de foto (4). Korte tijd na de ontmoeting stuurt de rabbijn de Bielefeld-studie aan Asscher. Er komt geen reactie.

In januari 2014 vindt in de Tweede Kamer een debat plaats met als titel ‘Noodklok om Jodenhaat’. Daarin brengt Tweede Kamerlid Elbert Dijkgraaf (SGP) het antisemitisme en anti-Israëlisme ter sprake. Over het anti-Israëlisme vraagt hij Asscher: “Hoe reageert de minister op onderzoek van de Universiteit van Bielefeld waaruit blijkt dat bijna 40% van de Nederlanders van mening is dat Israël een uitroeiingsoorlog tegen de Palestijnen voert? Dat kan toch niet? Dan ligt er onderhuids echt een probleem.” Asscher antwoordt dat dit bijzonder zorgelijk is. En dat dat bovendien onacceptabel is als dat tot antisemitisme leidt. Daar blijft het bij. Hij stelt geen concrete stappen voor (5).

Hierover geïnformeerd stuurt rabbijn Cooper op 6 februari 2014 een brief aan Asscher. Hij citeert daarin Asschers woorden ‘bijzonder zorgelijk’ en ‘onacceptabel’. Hij stelt voor dat de Nederlandse regering aan een researchbureau de opdracht geeft om te onderzoeken hoe dit valse en verraderlijke beeld van Israël ontstaan is.

Cooper refereert in zijn brief aan de dertiger jaren en schrijft dat die in Duitsland aangetoond hadden wat gebeuren kan als de deligitimisatie en demonisatie van een volk niet tegengegaan wordt. Cooper brengt ook een tweede onderwerp ter sprake: het feit dat Nederland waarschijnlijk het enige land is dat door Duitsland bezet is geweest en nooit de collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft toegegeven, laat staan excuses hiervoor heeft aangeboden. Cooper sluit ook een samenvatting van mijn boek Demonizing Israel and the Jews bij. Daarna stuurt hij Asscher het boek per post.

Asscher antwoordt op 19 februari op Coopers brief (6). Hij schrijft daarin dat iedereen in Nederland vrij is om te denken wat hij wil over Israël en het Midden-Oosten. Hij voegt eraan toe dat negatieve opinies over de buitenlandse politiek van Israel nooit een kweekgrond voor antisemitisme tegen de Joodse gemeenschap mogen zijn. Hij drukt nogmaals zijn bezorgheid uit, maar maakt ook duidelijk dat hij niets tegen het wijdverspreide anti-Israëlisme in Nederland wil doen. Lees verder op pagina twee.

Waardeer jij de artikelen op DagelijkseStandaard.nl? Volg ons dan op Twitter!

In dit artikel

Like nu onze nieuwe pagina voor nieuws en opinie!