Afbeelding gemaakt met Gemini AI van Google

Huizen in Groningen 7,9 procent duurder, Amsterdam blijft bijna stilstaan: dit gebeurt in jouw regio

Economie24 jul , 10:30

Wilt u DDS vaker zien?

Stel DDS in als voorkeursbron op Google.

Voeg DDS toe op Google
De Nederlandse huizenprijzen zijn opnieuw gestegen, maar achter het landelijke gemiddelde gaan enorme regionale verschillen schuil. Bestaande koopwoningen waren in het tweede kwartaal van 2026 gemiddeld 4,2 procent duurder dan een jaar eerder.
In Groningen bedroeg de stijging maar liefst 7,9 procent. In Amsterdam bleef de prijsontwikkeling juist beperkt tot 0,8 procent. Daarmee liep het verschil tussen de sterkst stijgende provincie en de hoofdstad op tot ruim zeven procentpunt.
Voor huizenbezitters kan dat in één jaar duizenden of zelfs tienduizenden euro’s aan papieren waardestijging schelen. Starters zien de ontwikkeling waarschijnlijk minder enthousiast tegemoet: in een aantal noordelijke en oostelijke provincies worden woningen veel sneller duurder dan het landelijke gemiddelde.

Tiende kwartaal met hogere prijzen

Volgens de nieuwste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek en het Kadaster is dit het tiende achtereenvolgende kwartaal waarin bestaande koopwoningen duurder waren dan een jaar eerder.
De stijging zwakt wel af. In het eerste kwartaal lagen de prijzen nog 5,2 procent hoger dan een jaar daarvoor. In het tweede kwartaal was dat 4,2 procent.
Vergeleken met de eerste drie maanden van dit jaar werden huizen 0,9 procent duurder. Er is dus nog altijd sprake van stijgende prijzen, maar het tempo ligt lager dan eerder.
In totaal wisselden in het tweede kwartaal 58.952 bestaande koopwoningen van eigenaar. Dat waren er 2,7 procent meer dan in hetzelfde kwartaal van 2025.

Groningen bovenaan

Groningen voert de provinciale ranglijst aan met een prijsstijging van 7,9 procent. Daarna volgen Drenthe met 5,7 procent, Gelderland met 5,6 procent en Friesland met 5,3 procent.
Ook Limburg zat met 4,9 procent duidelijk boven het landelijke gemiddelde. In Zuid-Holland stegen de prijzen met 4,6 procent en in Overijssel met 4,5 procent.
De volledige provinciale verdeling ziet er als volgt uit:
  • Groningen: 7,9 procent
  • Drenthe: 5,7 procent
  • Gelderland: 5,6 procent
  • Friesland: 5,3 procent
  • Limburg: 4,9 procent
  • Zuid-Holland: 4,6 procent
  • Overijssel: 4,5 procent
  • Noord-Brabant: 4,3 procent
  • Zeeland: 4,0 procent
  • Utrecht: 3,7 procent
  • Flevoland: 3,2 procent
  • Noord-Holland: 2,4 procent
Noord-Holland kende daarmee de kleinste prijsstijging van alle provincies. Dat betekent niet dat woningen er goedkoop zijn geworden. De provincie heeft al een bijzonder hoog prijsniveau, waardoor een kleinere procentuele stijging nog steeds een aanzienlijk bedrag kan vertegenwoordigen.

Groot verschil tussen Amsterdam en Den Haag

Ook tussen de vier grote steden zijn de verschillen opvallend. Den Haag kende met 4,5 procent de sterkste prijsstijging. In Rotterdam werden bestaande woningen 3,2 procent duurder en in Utrecht 2,2 procent.
Amsterdam bleef steken op een stijging van 0,8 procent. De hoofdstad heeft daarmee nog altijd geen dalende huizenprijzen, maar de ontwikkeling is veel vlakker dan in de rest van Nederland.
Het aantal woningverkopen daalde in Amsterdam bovendien met 2,8 procent. In Rotterdam werden eveneens iets minder woningen verkocht. Den Haag en Utrecht noteerden juist meer transacties.
Een mogelijke verklaring is dat kopers bij de huidige hypotheekrente sneller tegen hun maximale leencapaciteit aanlopen in steden waar woningen al zeer duur zijn. In goedkopere regio’s hebben huishoudens soms meer ruimte om tegen elkaar op te bieden.

Flevoland kent verkoopgolf

De grootste stijging van het aantal transacties werd niet in Groningen, maar in Flevoland gemeten. Daar werden 13,6 procent meer bestaande koopwoningen verkocht dan een jaar eerder.
Ook Overijssel kende met 8,9 procent een stevige groei van het aantal verkopen. In Limburg bedroeg de toename 6,2 procent en in Noord-Brabant 5,1 procent.
Noord-Holland was de enige provincie waar het aantal transacties afnam. Daar werden 1,1 procent minder woningen verkocht.
Meer transacties kunnen betekenen dat er extra aanbod op de markt komt, maar ook dat woningen sneller een koper vinden. Zonder afzonderlijke gegevens over verkooptijd, vraagprijs en biedingen kan uit het aantal verkopen alleen niet worden afgeleid of kopers of verkopers de sterkste positie hebben.

Vrijstaande woning stijgt het hardst

Niet ieder woningtype ontwikkelde zich hetzelfde. Vrijstaande en twee-onder-een-kapwoningen werden gemiddeld 5,5 procent duurder. Hoekwoningen stegen 4,4 procent in prijs en tussenwoningen 4 procent.
Appartementen bleven met een prijsstijging van 3,2 procent achter. Dat kan gunstig lijken voor starters, maar ook appartementen zijn niet daadwerkelijk goedkoper geworden. Ze werden alleen minder snel duurder dan andere woningtypen.
Tussenwoningen waren in absolute aantallen het meest verkochte woningtype. Het aantal transacties van tussen- en hoekwoningen nam bovendien sterker toe dan bij andere woningsoorten.

Wat betekent dit voor huizenbezitters?

Een huis met een theoretische waarde van €400.000 dat 7,9 procent in waarde stijgt, zou op papier ongeveer €31.600 meer waard worden. Bij een stijging van 2,4 procent gaat het om €9.600.
Dat betekent niet dat iedere Groningse woning exact 7,9 procent duurder is geworden. De cijfers zijn gemiddelden van alle verkochte bestaande koopwoningen. De ontwikkeling van een individuele woning hangt onder meer af van de buurt, het energielabel, het onderhoud, het woonoppervlak en het type huis.
Een hogere woningwaarde kan gunstig zijn bij verkoop of bij het aanpassen van de hypotheek. Sommige geldverstrekkers verlagen de renteopslag wanneer de hypotheekschuld relatief klein is ten opzichte van de woningwaarde.
Tegelijk kan een hogere WOZ-waarde op termijn zorgen voor hogere lokale belastingen. De verkoopcijfers uit het tweede kwartaal zijn echter niet rechtstreeks gelijk aan de WOZ-beschikking die een huishouden later ontvangt.

Starters moeten verder kijken dan het landelijk gemiddelde

Voor starters onderstrepen de cijfers hoe belangrijk het is om regionaal te zoeken. Een landelijke stijging van 4,2 procent zegt weinig wanneer prijzen in Groningen bijna twee keer zo snel oplopen en Amsterdam vrijwel stilstaat.
Wie een woning wil kopen, doet er daarom verstandig aan niet alleen naar landelijke berichten over de huizenmarkt te kijken. De ontwikkeling in de eigen provincie, gemeente en prijsklasse kan sterk afwijken.
De huizenmarkt koelt in groeitempo enigszins af, maar van een landelijke prijsdaling is nog geen sprake. Voorlopig worden woningen bijna overal nog duurder – alleen verschilt het tempo inmiddels enorm.
Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading