Een illegale man mag niet uit de Amsterdamse opvang worden gezet omdat er volgens de rechter geen goed alternatief voor hem beschikbaar is. Dat meldt AT5. Daarmee zien we opnieuw hoe tijdelijke opvang in Nederland verandert in een voorziening die bestuurlijk en juridisch bijna niet meer te beëindigen is. Iemand heeft geen verblijfsrecht, voldoet niet langer aan de voorwaarden of moet doorstromen, maar zodra de gemeente de opvang wil stoppen, volgt de volgende procedure.
Het resultaat is voorspelbaar: de opvang blijft doorgaan, de wachtlijst blijft bestaan en de belastingbetaler blijft betalen.
Tijdelijk betekent in Amsterdam zelden tijdelijk
De gemeente
Amsterdam heeft een speciaal programma voor mensen zonder verblijfsdocumenten. Wie aan de voorwaarden voldoet, kan 24 uur per dag opvang ontvangen. Op de
eigen gemeentelijke website staat dat deelname niet vrijblijvend is. De betrokkene moet meewerken aan het creëren van een “duurzaam perspectief”.
Dat kan legaal verblijf zijn, maar ook vertrek naar het land van herkomst of een ander land.
Op papier klinkt dat als een duidelijk traject. In de praktijk blijkt het eindpunt telkens buiten bereik te liggen. Wanneer terugkeer niet plaatsvindt, legalisatie uitblijft en een andere opvanglocatie ontbreekt, ontstaat een redenering die zichzelf in stand houdt: de bestaande opvang kan niet worden beëindigd omdat er nog geen andere opvang is.
Zo wordt gebrek aan een alternatief gebruikt om de tijdelijke voorziening feitelijk te verlengen.
Het systeem beloont bestuurlijke machteloosheid
Natuurlijk mag de overheid mensen niet behandelen alsof zij geen menselijke waardigheid bezitten. Maar menselijke waardigheid betekent niet dat iedere tijdelijke voorziening automatisch een permanent afdwingbaar recht wordt. Evenmin betekent het dat Nederland verantwoordelijk is voor de onbeperkte huisvesting van iedereen die hier zonder verblijfsrecht aanwezig is.
Een rechtsstaat kan alleen functioneren wanneer afwijzingen, termijnen en voorwaarden ook gevolgen hebben.
Als iemand uiteindelijk altijd mag blijven waar hij zit omdat vertrek onaangenaam, ingewikkeld of praktisch lastig is, bestaat een afwijzend besluit alleen nog op papier. De juridische status zegt dan “geen verblijfsrecht”, terwijl de materiële werkelijkheid bestaat uit opvang, begeleiding en jarenlang verblijf.
Dat verschil ondermijnt het gezag van de staat.
⭐ VECHT MEE TEGEN HET OPENGRENZENKARTEL: STEUN DE DAGELIJKSE STANDAARD! Terwijl bestuurders en gesubsidieerde media steeds nieuwe redenen bedenken waarom uitgeprocedeerde of ongedocumenteerde vreemdelingen tóch moeten blijven, stelt DDS de simpele vraag: wanneer betekent een afwijzing eindelijk nog iets? Steun ons via BackMe of via NL95RABO0159098327, t.n.v. Liberty Media, o.v.v. Donatie DDS. De rekening komt bij de Amsterdammer terecht
Voor opvangplaatsen bestaan lange wachtlijsten. De gemeente erkent zelf dat mensen soms weken of maanden moeten wachten. Iedere plaats die door een rechterlijk besluit langer bezet blijft, kan niet worden gebruikt voor iemand anders binnen het programma.
Daarnaast kost de opvang geld, personeel en vastgoed. Dat zijn middelen die Amsterdam ook nodig heeft voor dakloze Nederlanders, mensen met ernstige psychische problemen en gezinnen die al jaren op een sociale huurwoning wachten.
De politieke keuze om steeds ruimere opvang te bieden, wordt zelden in die context besproken. Linkse bestuurders doen alsof geld, bedden en begeleiding onbeperkt beschikbaar zijn. Dat zijn ze niet. Iedere euro kan maar één keer worden uitgegeven en ieder bed kan maar door één persoon worden gebruikt.
Daarom is begrenzing geen wreedheid. Het is noodzakelijk bestuur.
Den Haag moet duidelijke terugkeer organiseren
Gemeenten worden ondertussen opgezadeld met de gevolgen van een falend landelijk vreemdelingenbeleid. Het Rijk neemt een besluit, maar slaagt er niet in daadwerkelijk vertrek te organiseren. Vervolgens belandt de betrokkene op straat of bij een gemeentelijke opvangvoorziening, waarna rechters moeten oordelen over de gevolgen.
Zo schuift iedereen de verantwoordelijkheid door.
De oplossing is niet nóg meer gemeentelijke noodopvang. De oplossing is een geloofwaardig terugkeerbeleid, afspraken met landen van herkomst en gesloten voorzieningen voor mensen die niet meewerken aan vertrek wanneer dat vertrek juridisch mogelijk is.
Wie wel meewerkt en aantoonbaar buiten eigen schuld niet kan vertrekken, kan tijdelijk ondersteuning krijgen. Maar ook dan moet de overheid actief werken aan een eindpunt. Een opvangprogramma zonder afdwingbaar einddoel is geen traject, maar permanente huisvesting via de achterdeur.
Zonder consequenties verdwijnt het draagvlak
Burgers zien het verschil tussen de behandeling van henzelf en die van mensen zonder verblijfsrecht. Een Nederlander die een termijn mist of niet aan een gemeentelijke voorwaarde voldoet, kan rekenen op een sanctie. Bij vreemdelingenbeleid wordt iedere consequentie eindeloos aangevochten en uitgesteld.
Dat dubbele gevoel tast het draagvlak aan voor hulp aan mensen die die hulp werkelijk nodig hebben.
Amsterdam moet daarom niet alleen deze afzonderlijke zaak juridisch beoordelen, maar het hele programma tegen het licht houden. Hoe lang duurt opvang gemiddeld? Hoeveel deelnemers vertrekken daadwerkelijk? Hoeveel krijgen alsnog verblijf? Hoe vaak wordt beëindiging via procedures tegengehouden?
De belastingbetaler heeft recht op die antwoorden.
🔗 LAAT TIJDELIJKE OPVANG NIET STILLETJES PERMANENT WORDEN. DDS blijft strijden voor grenzen, rechtszekerheid en voorrang voor de belangen van Nederlandse burgers. Doneer via BackMe of rechtstreeks naar IBAN NL95RABO0159098327, t.n.v. Liberty Media, o.v.v. Donatie DDS. Samen houden we de opengrenzenlobby onder druk.