Deze week ontstond er ophef over een brief van de Rabobank aan klanten om
het gebruik van
contant geld te ontmoedigen. In de brief wordt het klanten
ontraden om veel geld contant op te nemen.
BVNL-Kamerlid Ephraim reageerde
uiterst kritisch op de brief: “Waar bemoeit u zich mee? Contant geld is een wettelijk
betaalmiddel en het opnemen ervan behoeft geen ‘waarschuwingsbrief’ uwerzijds
richting de klanten.” Vandaag dient Ephraim een
motie in die het kabinet
oproept om ‘nogmaals te bevestigen dat het uitfaseren van contant geld niet aan
de orde is.’
Minister
Kaag (D66) van
Financiën voert als een van de redenen voor de
invoering van een
digitale euro aan dat het gebruik van
contant geld als
betaalmiddel afneemt. “Als dat al zo is; waarom zou de digitale euro daar het
antwoord op zijn? We hebben toch immers al de mogelijkheid tot pinnen en
digitale betalingen?”, zegt Ephraim die ook stelt dat de overheid straks
mogelijk onze bestedingen kan monitoren middels een digitale identiteit en
digitale portemonnee. Omdat voor
BVNL de toegevoegde waarde van de digitale
euro op geen enkele wijze is aangetoond, dient de partij ook een
motie in die
de regering verzoekt om een opt-out mogelijkheid te bedingen. “Daarmee is
Nederland als EU-lidstaat niet op voorhand verplicht om zich aan de invoering
van een digitale euro te houden.” Landen als Denemarken, Ierland en Polen
hebben in het ook diverse opt-outs bedongen op verschillende beleidsterreinen.
Zo heeft Denemarken de euro nooit in hoeven voeren.
De
Tweede Kamer debatteert vandaag over de eventuele invoering van een
digitale euro.