Naar inhoud springen
Afbeelding gemaakt met Gemini AI van Google

Alleenstaande AOW'er met €1.000 pensioen per maand houdt in 2026 ruim €2.354 netto over

Economie•

Wilt u DDS vaker zien?

Stel DDS in als voorkeursbron op Google.

Voeg DDS toe op Google
Volg ons op Google Nieuws
Stel: je woont alleen, je hebt een volledige AOW en daarnaast €1.000 bruto pensioen per maand. Dan houd je in 2026 ongeveer €2.354,55 netto per maand over: €1.581,55 van je AOW en €773 van je pensioen. Wil je weten wat het in jouw situatie is, dan reken je het met de gratis AOW-check in twee minuten uit, zonder in te loggen.
AOW-check is een eigen product van de uitgever van DDS. Het is geen site van de SVB, de Belastingdienst of de overheid; bovenaan de site staat "Geen site van de SVB". De uitkomst is volgens de site een indicatie en geen persoonlijk advies. Alles wordt op je eigen toestel uitgerekend en je bedragen staan nergens opgeslagen.
Van je pensioen gaat veel meer af dan van je AOW. Dat komt door de heffingskortingen, die je maar bij één uitkering laat verrekenen. Hieronder staat de som stap voor stap.

Wat er van je AOW afgaat

Woon je alleen, dan is de volledige AOW sinds 1 juli 2026 €1.662,16 bruto per maand, volgens de SVB. Met loonheffingskorting houdt de SVB daar geen loonheffing op in. Alleen de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw van 4,85 procent gaat eraf: €80,61. Je houdt €1.581,55 netto over.
Daarnaast bouw je elke maand €104,78 bruto vakantiegeld op, dat je in mei krijgt. De SVB stelt dat bedrag in januari en juli opnieuw vast.

Waarom je pensioen zwaarder wordt belast

Heb je het hele jaar de AOW-leeftijd, dan krijg je in 2026 maximaal €1.556 algemene heffingskorting. Daar komen €2.067 ouderenkorting en, als je AOW voor een alleenstaande krijgt, €540 alleenstaandeouderenkorting bij. Samen is dat €4.163 per jaar.
Je mag de loonheffingskorting maar op één inkomen laten toepassen, vaak is dat de AOW. Staat hij bij je AOW én je pensioen aan, dan krijg je te veel korting en moet je later bijbetalen.
Je pensioenfonds houdt dan loonheffing in zonder korting. Ben je geboren op of na 1 januari 1946, dan is het tarief in de eerste schijf 17,85 procent, tot €38.883 per jaar. Op €1.000 pensioen is dat ongeveer €178,50; je fonds rekent met de loonbelastingtabellen, dus het kan een paar euro schelen. Ook hier gaat de Zvw-bijdrage van 4,85 procent af: €48,50. Netto blijft er ongeveer €773 over.

Waarom je in dit voorbeeld geld terugkrijgt

Bij de SVB blijft een deel van je korting liggen. Over je AOW en vakantiegeld samen, op jaarbasis met de bedragen van juli €21.203,28, is 17,85 procent belasting €3.784,79. Je korting is €4.163, dus ruim €378 blijft ongebruikt. Je pensioenfonds houdt intussen €2.142 per jaar in.
In de aangifte telt alles bij elkaar: €33.203,28. Daarover is de belasting €5.926,79. De algemene heffingskorting is bij dit inkomen iets lager, €1.445,22, omdat hij boven €29.736 afbouwt met 3,195 procent. Na alle kortingen blijft €1.874,57 belasting over. Betaald heb je €2.142, dus je krijgt ongeveer €267 per jaar terug, volgens een berekening van DDS. AOW-check komt op hetzelfde bedrag.
Die teruggaaf komt niet vanzelf. Te veel betaalde belasting krijg je alleen terug door aangifte te doen, schrijft de Belastingdienst. Dat kan tot vijf jaar terug: in 2026 nog over 2021 tot en met 2025.

Zo reken je het voor jezelf uit

Op AOW-check beantwoord je een paar vragen, bijvoorbeeld of je alleen woont, hoeveel procent AOW je hebt en hoe hoog je bruto pensioen is. De uitkomst toont wat er per maand op je rekening komt, je vakantiegeld en of je bij de afrekening met de Belastingdienst waarschijnlijk geld terugkrijgt of bijbetaalt. De check gaat ervan uit dat je loonheffingskorting bij de SVB staat en niet bij je pensioenfonds.
In het voorbeeld wijst de check op zorgtoeslag: ongeveer €90 per maand. In de tabel van Dienst Toeslagen ligt het bedrag voor een alleenstaande met een toetsingsinkomen van ruim €33.000 tussen €86 en €91 per maand. Zorgtoeslag krijg je niet vanzelf, die vraag je zelf aan.
De check rekent niet met inkomen uit werk, box 3 en andere inkomsten, je eigen woning, hypotheekrente en aftrekposten, je zorgpremie en je huurtoeslag. Ook de langere eerste schijf voor wie vóór 1946 is geboren, wonen in het buitenland en de oude AOW-toeslag tellen niet mee.

Wat er in 2027 kan veranderen

Voor 2027 houd je in het voorbeeld volgens de check ongeveer €192 per jaar minder over. Dat rust op voorstellen en ramingen. Het kabinet wil de eerste schijf voor AOW'ers in het Belastingplan 2027 verhogen van 17,85 naar 18,33 procent. De ouderenkorting zou volgens een berekening van DDS op basis van de derde nota van wijziging dalen van €2.067 naar ongeveer €2.000. De Zvw-bijdrage gaat naar verwachting van 4,85 naar 5,02 procent; dat is een raming uit de begroting van VWS.
De Tweede Kamer stemt volgens de planning op 12 november, en amendementen kunnen het tarief en de ouderenkorting nog veranderen. Het amendement van ChristenUnie en 50PLUS draait de verlaging van de ouderenkorting terug en verlaagt het tarief naar ongeveer 18,19 procent. Dan is het verschil in dit voorbeeld volgens een berekening van DDS ongeveer €51 per jaar. De AOW-verhoging van januari zit niet in de uitkomst: de SVB zet de nieuwe bedragen eind december op haar site. Voor een AOW'er met partner kwam HomeFinance eind oktober, vóór de derde nota van wijziging, op €311 per jaar meer belasting en zorgpremie: €161 belasting en €150 zorgpremie.
Ga na bij welke uitbetaler je loonheffingskorting aanstaat: dat mag er maar één zijn. Twijfel je waar hij het beste staat, gebruik dan het hulpmiddel van de Belastingdienst. Heb je een klein pensioen, vul na afloop van het jaar je aangifte eerst als proef in: je ziet meteen of je geld terugkrijgt. En kijk of je zorgtoeslag hebt aangevraagd.
Wil je elke week het belangrijkste nieuws over je AOW en pensioen in je mail? Schrijf je in voor de gratis AOW-brief.
Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading