Staat er geld op de spaarrekening van je kind, dan telt dat voor de
Belastingdienst mee als jouw vermogen. Zolang een kind op 1 januari jonger is dan 18, worden zijn bezittingen in box 3
opgeteld bij de ouder met gezag. Dat is geen nieuwe regel, maar hij gaat wel veel meer gezinnen raken.
Het kabinet wil het heffingsvrij vermogen in 2027 namelijk bijna halveren: van €59.357 naar €30.846 per persoon. Voor fiscale partners zakt de grens van €118.714 naar €61.692. Daardoor gaan volgens de
Kamerantwoorden over het Belastingplan 2027 ongeveer 1,2 miljoen mensen voor het eerst box 3-belasting betalen. Het is nog een voorstel: de Tweede en Eerste Kamer moeten er nog mee instemmen.
Wie het spaargeld van je kind opgeeft
Welk deel van het geld van je kind bij jou meetelt, hangt af van het gezag en je situatie:
- Fiscale partners het hele jaar: jullie geven samen de totale waarde op van de bezittingen van de kinderen waarover een van jullie het gezag heeft.
- Gescheiden of uit elkaar, allebei gezag: woon je niet meer op hetzelfde adres, dan geef je ieder de helft op.
- Jij hebt als enige het gezag: dan geef jij het hele bedrag op.
De peildatum is 1 januari. Is je kind op die dag 18 of ouder, dan telt het geld niet meer bij jou mee, maar bij je kind zelf.
Rekenvoorbeelden
Stel: jullie zijn fiscale partners met €52.000 op de spaarrekening, en jullie twee
kinderen hebben elk €6.000 staan. Samen is dat €64.000.
- Nu: dat blijft ruim onder de grens van €118.714. Je betaalt geen box 3-belasting.
- Volgens het plan voor 2027: de grens is €61.692. Er valt dan €2.308 boven de grens.
Een alleenstaande ouder met €24.000
spaargeld en een kind met €8.000 komt samen op €32.000. Dat is nu ruim onder de grens van €59.357, maar volgens het plan €1.154 boven de nieuwe grens van €30.846.
Over het deel boven de grens rekent de Belastingdienst een fictief rendement uit, en daarover betaal je belasting. Het kabinet rekent met gemiddeld €90 per jaar voor wie er nieuw bij komt. Hoeveel het voor jou wordt, hangt af van het percentage dat pas na afloop van 2027 vaststaat.
Ook het geld van opa en oma telt mee
Veel kinderen krijgen geld van grootouders, soms op een rekening met de bepaling dat de ouders er niets over te zeggen hebben. Ook dat geld hoort bij de bezittingen van je kind, en ook dat wordt in box 3
bij de ouder met gezag opgeteld. Je betaalt dus mogelijk belasting over geld waar je zelf niet aan mag komen.
Juist bij gezinnen die al jaren voor hun kinderen sparen, kan dat het verschil maken. Eerder schreven we al hoe het plan uitpakt voor
AOW'ers met spaargeld en voor
ouders die geld aan hun kind lenen.
Wat je kunt doen
- Zet alles op een rij. Tel op 1 januari je eigen spaargeld, beleggingen en het geld op de rekeningen van je minderjarige kinderen bij elkaar.
- Let op het jaar waarin je kind 18 wordt. Is je kind op 1 januari al 18, dan telt het geld bij je kind zelf. Dat heeft dan een eigen heffingsvrij vermogen.
- Check als gescheiden ouder de verdeling. Hebben jullie allebei gezag, dan geef je ieder de helft op. Stem dat af, zodat het geld niet twee keer of helemaal niet wordt opgegeven.
De voorlopige aanslag voor 2027 komt eind dit jaar of begin volgend jaar. Controleer dan of het vermogen van je kinderen goed is meegenomen. Hoe de berekening nu werkt, zie je in de
rekenvoorbeelden van de Belastingdienst.