Afbeelding gemaakt met Gemini AI van Argon

Kabinet wil uitzendkrachten hooguit 3 jaar bij dezelfde inlener laten werken: daarna een vast contract bij het bedrijf, of daar stoppen

Economie•

Wilt u DDS vaker zien?

Stel DDS in als voorkeursbron op Google.

Voeg DDS toe op Google
Volg ons op Google Nieuws
Een uitzendkracht met een tijdelijk contract mag volgens een wetsvoorstel nog hooguit 156 weken, ongeveer 3 jaar, voor hetzelfde bedrijf werken. Wil dat bedrijf daarna met je doorgaan, dan moet het je zelf een vast contract aanbieden. Dat staat in het wetsvoorstel van minister Vijlbrief van Sociale Zaken, dat sinds 29 oktober in internetconsultatie ligt.
Het is een concept. Tot en met 24 november kan iedereen erop reageren. Daarna moet het nog langs de Raad van State en door de Tweede en de Eerste Kamer. Het kabinet wil de regels op 1 januari 2028 laten ingaan.
Volgens de Europese rechter moet uitzendwerk bij dezelfde inlener tijdelijk zijn. Daarom komt Nederland met regels, want volgens de toelichting is er nu geen wettelijke grens.

Vast contract aanbieden of stoppen

De grens geldt voor uitzend- en payrollkrachten met een contract voor bepaalde tijd. Uiterlijk vier weken voordat je 156 weken bij een bedrijf vol hebt, moet dat bedrijf, de inlener, je schriftelijk een vast contract aanbieden of schriftelijk laten weten dat je opdracht stopt. Dat contract moet minstens dezelfde arbeidsvoorwaarden en uren hebben als je uitzendcontract.
Jij kiest. Neem je het aanbod aan, dan ga je bij het bedrijf zelf in dienst. Wijs je het af, dan blijf je bij het uitzendbureau, maar kun je niet meer op uitzendbasis bij dat bedrijf werken. Het bureau zoekt dan een andere opdracht. Je hebt volgens de toelichting een maand om te reageren.
Neemt het bedrijf je na 36 maanden over, dan kan het uitzendbureau daarvoor volgens de toelichting in redelijkheid meestal geen vergoeding meer vragen, behalve bij uitzonderlijke kosten zoals een dure meerjarige opleiding. Opleidingsafspraken tussen jou en het bureau zijn iets anders: zo moest een ex-uitzendkracht €3.250 voor zijn rijbewijs C terugbetalen.
De 36 maanden sluiten aan bij de ketenbepaling. Bij een gewone werkgever krijg je na meer dan drie jaar of meer dan drie tijdelijke contracten vanzelf een vast contract.

Welke weken meetellen

Je telt de weken waarin je bij dat bedrijf werkte, ongeacht hoeveel uur. Vakantie- en ziekteweken tellen mee. Werk je tussendoor ergens anders of heb je geen werk, dan tellen die weken niet, maar begint de teller ook niet opnieuw. Kom je terug, dan tel je door.
Een ander uitzendbureau of een andere functie bij hetzelfde bedrijf zet de teller niet op nul. Volgens het wetsvoorstel tellen alle weken mee tot zeven jaar na het einde van het kalenderjaar waarin je eerste opdracht bij dat bedrijf stopte.
Stel: je werkt 100 weken via een uitzendbureau bij een distributiecentrum, werkt dan een halfjaar ergens anders en komt via een ander bureau terug. Dan sta je op 100 weken en heb je nog 56 weken te gaan. Uiterlijk als je op 152 weken zit, moet het distributiecentrum je een vast contract aanbieden of laten weten dat je stopt.
Het gaat om weinig contracten: van de 880.000 uitzendcontracten die in 2020 begonnen, duurden er volgens de toelichting 9.000 langer dan 36 maanden.

Met een vast contract bij het uitzendbureau

Heb je een vast contract bij het uitzendbureau, dan geldt geen vaste termijn. Ook dan moet je werk bij hetzelfde bedrijf tijdelijk zijn, maar hoe lang dat mag, beslist bij een conflict de rechter. Volgens de memorie van toelichting vond het Europese Hof 55 maanden bij dezelfde inlener in het algemeen niet meer tijdelijk. Voor bepaalde sectoren kan het kabinet de 156 weken ook laten gelden.
Daar staat meer zekerheid tegenover. Eindigt je opdracht, dan moet het bureau je minstens twee maanden proberen te herplaatsen en je loon doorbetalen. Nu is dat voor de meeste uitzendkrachten met een vast contract één maand. Vanzelfsprekend is loon tussen opdrachten niet: volgens de Arbeidsinspectie wachten uitzendkrachten soms maanden onbetaald op werk.

Wat al vaststaat voor uitzendkrachten

Twee andere wetten liggen al klaar. Door de Wet meer zekerheid flexwerkers heb je als uitzendkracht vanaf 31 december 2026 recht op ten minste gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden als werknemers van het bedrijf zelf.
Vanaf 1 januari 2028, als het grootste deel van die wet ingaat, duurt de eerste, meest flexibele periode van een uitzendcontract nog hooguit 52 weken. Nu mag een cao die periode oprekken tot 78 weken. Na in totaal 36 maanden volgt volgens de toelichting een vast contract bij het uitzendbureau.
Daarnaast hebben uitzendbureaus straks, op enkele uitzonderingen na, een toelating nodig. Het stelsel van de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten start op 1 januari 2027. Uitlenen of inlenen zonder toelating is verboden vanaf 1 januari 2028.

Wat je nu kunt doen

Je hoeft nu niets te regelen. Werk je al lang via een uitzendbureau bij hetzelfde bedrijf, houd dan bij sinds wanneer: ook de tijd van vóór de invoering telt mee. Zit je bij de start al over de grens, of kom je er in de vier maanden daarna overheen, dan moet het bedrijf uiterlijk drie maanden na de start een aanbod doen of laten weten dat je stopt.
Doet een bedrijf geen aanbod, dan kun je volgens de toelichting zelf een redelijk aanbod doen, met dezelfde uren en voorwaarden. Van het bedrijf mag dan worden verwacht dat het dat accepteert. Je kunt ook melden bij de Arbeidsinspectie en met haar onderzoeksverslag naar de rechter. Een boete zit niet in het voorstel.
Reageren op het voorstel kan tot en met 24 november op internetconsultatie.nl.
Wil je vaker zulke uitleg over je geld op je telefoon? Volg DDS op ons nieuwe WhatsApp-kanaal.
Ga verder met lezen
loading
Dit vind je misschien ook leuk
Laat mensen jouw mening weten

Loading